Ds. Gunarto is degene van wie ik de video krijg. Hij is predikant in een pinkstergemeente in Salatiga, een stadje op Midden-Java, even ten zuiden van Semarang. Ds. Gunarto heeft zo zijn eigen methode om moslimgeweld aan de kaak te stellen. Zodra ergens een kerk is afgebroken of verbrand of christenen zijn gemolesteerd, stapt hij op de plaatselijke islamitische leidslieden af om ze ter verantwoording te roepen: „Jullie zeggen dat de islam vreedzaam is en goed, maar hoe kan dit dan?” Voor ontkenning van de feiten geeft de predikant geen millimeter ruimte, want ieder opstootje rond een kerk wordt zorgvuldig gedocumenteerd.
Nu kwamen berichten over aanvallen op kerken in Indonesië de afgelopen zomer vooral uit het westen van Java en niet uit Midden-Java. Zijn Indonesische moslims daar ook intoleranter en agressiever geworden? De videobeelden uit Semarang geven aan van wel, en ze zouden met beelden uit andere dorpen en steden zijn uit te breiden.
Maar zelfs al blijft hun kerkgebouw overeind, christenen op Midden-Java ervaren op tal van andere manieren de hete adem van radicale moslims in hun nek. Pendetta (dominee) Petrus Sugito hoeft niet lang na te denken over de hindernissen die christenen in zijn omgeving dagelijks hebben te nemen. Hij is synodevoorzitter van de Christelijke Kerk van Noordelijk Midden-Java (Gereja Kristen di Java Tengah Utarah, de GKJTU). Samen met ds. Kees van Ekris heeft hij me zojuist op het vliegveld van Jogjakarta opgepikt. Ds. Van Ekris -”mister Kris” voor Javanen die hem kennen- assisteert de kerk namens de GZB bij de opbouw van plaatselijke gemeenten en geeft les aan een theologische school.
„Het is sowieso lastiger geworden om als christen werk te krijgen”, zegt ds. Sugito. Hij noemt diverse voorvallen waarbij een sollicitatie bij een overheidsinstelling door een gemeentelid op niets uitliep omdat een moslim voorrang kreeg. Ds. Gunarto bevestigt de bevindingen van de synodevoorzitter. „Op alle bestuurlijke niveaus, landelijk tot lokaal, zie je de namen van medewerkers veranderen: eerst zaten er de Jakobussen en Matthéüssen, nu heten ze Mohammad of Yusuf.”
Bouw van een kerk
Het grootste onrecht jegens christenen, vervolgt ds. Sugito, speelt bij het toekennen van een vergunning voor de bouw van een kerk. Fundamentalistische groepen hitsen volgens hem de omwonenden van zo’n uitgekozen locatie op om tegen de bouw te protesteren. Dat loont, want bij wet is vastgelegd dat omwonenden toestemming moeten geven voor de bouw van een kerk of moskee. Zo’n moskee komt er meestal wel - er wordt volgens ds. Sugito vaak niet eens om toestemming gevraagd. Maar een kerkgebouw? „Het is soms gemakkelijker een bordeel te beginnen dan een kerk.”
Ds. Sugito kent een gemeente die al vijftien jaar bezig is om een vergunning te krijgen - telkens weer wordt die geweigerd. „Er staat op die plek inmiddels wel een gloednieuwe moskee. Het komt in feite neer op een soort stratego: Waar wij staan kunnen jullie niet meer terecht.” Intussen zitten de gemeenteleden met een dilemma, want thuis een godsdienstoefening houden is wettelijk verboden. Zoiets mag enkel in een publiek gebouw, maar daar is dan weer een vergunning voor nodig.
Vaak is het ook lastig om een overledene te begraven, aldus ds. Sugito. „Wat zeggen moslims? Dat een christen hun grond verontreinigt! Wil je in één oogopslag weten of een dorp tolerant is of niet: check dan of er een christelijke begraafplaats is. Vaak blijkt dat christenen een begraafplek elders hebben moeten aanleggen.”
Al dat intolerante gedrag staat intussen op gespannen voet met de gematigde islam die al sinds mensenheugenis op Java wordt aangehangen, de ”abangan-islam”, een potpourri van Mohammed-, Boeddha- en Jomanda-achtige opvattingen (lees: animisme). Boosdoeners achter het molesteren van christenen en het afbreken van kerken zijn dan ook veelal fundamentalistische moslimpartijen die zich baseren op de veel intolerantere Arabische islam. Een politieke partij als de PKS en bewegingen als de FPI en de Alliantie tegen de Afvalligen (!) hebben er belang bij de bevolking op te jutten tegen een minderheid als die van de christenen. Dat versterkt immers hun imago, en dat is weer goed voor het aantal aanhangers. Daarom verspreidde de PKS een tijdje terug het gerucht dat christenen baby’s zouden weghalen bij moslimgezinnen om hen te bekeren. Nu is ”kristianisasi” al iets verschrikkelijks in het islamitische denken, maar als dat op deze manier gebeurt, is dat natuurlijk helemaal een schande.
K-woord
Vergeleken met steden als Semarang, Jogja en Solo is Salatiga een positieve uitzondering. In het stadje, waar de synode van de GKJTU is gevestigd, wonen anderhalf keer zo veel christenen als moslims.
Wie er ’s zondags ter kerke wil, kan kiezen uit maar liefst 50 verschillende richtingen, verdeeld over 110 kerkgebouwen. Er is zelfs een christelijke universiteit in de stad. Alleen al vanwege het straatbeeld is Salatiga een weldadige ervaring voor een westerse christen, want bij al die moskeeën en minaretten komt een pittoresk kerkje hier en daar, of een verenigingsgebouw met de naam Elim, heerlijk vertrouwd over. Maar voor nostalgische dromerij is ook in Salatiga en directe omgeving geen plek. ”Kristianisasi” is ook hier het ”K-woord”, waarop een taboe rust. Christenen zitten hier volledig klem, zegt ds. Van Ekris. Zelfs het delen van je persoonlijk geloof met anderen word je al kwalijk genomen; dat pikken moslims -ook als die je vrienden zijn- niet. En wie er wel over begint, wordt er direct van verdacht zieltjes te willen winnen. „In Nederland kun je zelfs met atheïstische vrienden nog praten over je geloof, hier dus ab-so-luut niet.”
Op het geloof in het algemeen blijkt in de publieke sfeer van Midden-Java een taboe te rusten. Zo werd ik meermalen met een nadrukkelijk „sssst!” tot de orde geroepen op het moment dat ik in een restaurant het woord ”islam” weer eens te luidruchtig in de mond nam.
Ds. Gunarto is minder preuts als het om communicatie met moslims gaat. Zijn ’dialoog’ met militante moslims zou hij graag overgenomen zien door meer christenen. „Ze zouden meer lef moeten hebben om naar moslims toe te stappen om verantwoording te eisen voor dingen die nu gebeuren: intimidatie van christenen, afbreken van kerkgebouwen.”
Volgens hem bestaat er vanuit de islam zelf geen enkele behoefte om een echte dialoog aan te gaan met andere religies. „Als men die al wil, gaat het erom uit te leggen hoe goed deze godsdienst is voor heel de samenleving. Zij hebben het recht om dit land te leiden, vinden ze, want zij zijn in de meerderheid. Iedere dialoog is daarom overbodig. Voor christenen, ”orang kristen”, moet je beducht zijn, want die hebben een heel ander doel: ”kristianisasi”: moslims overhalen tot hún geloof.”