Een voorheen veronderstelde ondoordringbare laag onder de 50 meter dikke Oost-Siberische ijskap lekt grote hoeveelheden methaan naar de atmosfeer. Wetenschappers veronderstellen dat dit methaan een belangrijke bijdrage levert aan de wereldwijde klimaatverandering.
Uit de 2 miljoen vierkante kilometer van de poolzee, die bedekt wordt door de Oost-Siberische ijskap, komt jaarlijks al 7,7 miljoen ton methaan vrij. „Die hoeveelheid is vergelijkbaar met de hoeveelheid die momenteel vrijkomt uit alle oceanen samen”, aldus Shakhova. Bovendien komen die onderzeese voorraden doorgaans abrupter en in grotere hoeveelheden tegelijk vrij.
Volgens haar verliest de onderzeese permafrost zijn ondoordringbare eigenschappen. „Onze zorg is dat de ondergrondse permafrost minder stabiel dreigt te worden. Wanneer dit proces doorgaat, zal de methaanemissie vele malen groter worden”, aldus Shakova.
Vooral de lekkende permafrost onder de Oost-Siberische ijskap baart Shakova zorgen, omdat dezevrij ondiep is. Komt methaan vrij in diep water, dan is het omgezet in koolstofdioxide voordat het in de atmosfeer terechtkomt. In de ondiepe poolzee gebeurt dat echter niet, omdat de tijd ontbreekt om het om te zetten.
Uit metingen bleek dat de methaanconcentraties in het Arctische zeewater in de zomer tot 250 keer en in de winter tot 1400 keer hoger zijn dan in gewoon zeewater. Het team ontdekte meer dan honderd ‘hotspots’, waar methaan uit de zeebodem lekt en naar de atmosfeer „bubbelt.” In de Arctische atmosfeer is het methaangehalte 10 procent hoger dan de grenswaarde.