Bezoek ook andere websites van de Erdee Media Groep
  Algemeen

Werken in de haarvaten van Afrika

 De bevolking van Macha, Zambia, heeft sinds kort via de satelliet toegang tot internet. Foto PrivaServe
 1 van 2  

De bevolking van Macha, Zambia, heeft sinds kort via de satelliet toegang tot internet. Foto PrivaServe

Het is gemakkelijk een somber verhaal te schrijven over Zambia. Zo’n 60 procent van de bevolking haalt de leeftijd van veertig jaar niet, 17 procent is met hiv/aids besmet. Harde cijfers. Maar er is meer. In het dorp Macha vallen vooral de positieve ontwikkelingen op. De komst van internet heeft het dorpsleven ingrijpend veranderd. „We zijn zelf ook verbaasd over wat hier allemaal gebeurt.”
Macha ligt diep in de rimboe, in het zuiden van Zambia. Vanaf de hoofdweg in de stad Choma is het 70 kilometer rijden over een matige tot slechte gravelweg. Die tocht kan uren duren, aldus Gertjan van Stam, die sinds 2003 als hulpverlener actief is in de regio. Eeuwenlang functioneerde Macha vrijwel geheel geïsoleerd van de buitenwereld. Er was al honderd jaar een missiepost van de Amerikaanse Brethern in Christ Church en van daaruit was ook een ziekenhuis opgezet, maar communicatie met de buitenwereld was er nauwelijks.

Sinds anderhalf jaar is daar echter verandering in gekomen. Niet alleen kreeg het dorp een landingsbaan voor luchtverkeer, maar er kwam ook draadloos internet via de satelliet. De komst van het wereldwijde web betekende een ware revolutie voor de gehele regio rond Macha, waar in totaal ongeveer 128.000 mensen wonen. Het bracht werkgelegenheid met zich mee, maar had ook directe invloed op de levensomstandigheden van de dorpelingen.

Van Stam noemt moeiteloos een paar voorbeelden. De medische zorg verbeterde. Informatie over alle mogelijke ziekten was voortaan niet meer dan een muisklik weg. Bovendien kan er via internet gemakkelijk een second opinion gevraagd worden bij een arts in een groter ziekenhuis door bijvoorbeeld de foto’s door te sturen. Scholen maken gebruik van lesmateriaal dat via internet beschikbaar is en kunnen contacten aangaan met scholen wereldwijd. Een heel basaal voordeel is ook dat boeren nu precies kunnen weten wat hun producten op de markt waard zijn.

„Water, elektriciteit, transport en communicatie zijn de randvoorwaarden voor economische ontwikkeling”, stelt Van Stam, die eerder voor KPN in Nederland werkte en nu vanuit Nederland gesteund wordt door onder meer de stichting PrivaServe. Daarom vindt hij de verbreiding van internet op het Zambiaanse platteland van cruciaal belang. „Door betere communicatiemogelijkheden krijgen talentvolle mensen de kans zich te ontwikkelen. Zonder dat komen ze daar niet eens aan toe. De potentie is er wel, maar de mogelijkheden zijn er vaak niet.”

Draagvlak
Het project van Van Stam, LinkNet, is niet het eerste en enige internetinitiatief dat in Afrika is gelanceerd. Veel projecten stortten na korte tijd in doordat er geen draagvlak voor bleek te bestaan of doordat de bevolking geen idee had hoe men het technische problemen het hoofd moest bieden.

Van Stam heeft daarom duidelijk gekozen voor het creëren van een breed draagvlak bij kerken, scholen en medische instellingen. Hij leidde lokale mensen op tot ict’ers. „In Afrika ontstaan projecten door relaties. Je moet veel tijd steken in contacten met de lokale hoofden, met de kerkleiders en de regionale en nationale regering. Als je de moeite neemt naar ze toe te komen, ben je hun vriend. Het werkt niet om even een project te droppen en dan weer te vertrekken”, onderstreept de hulpverlener.

In het gemeenschapscentrum van het dorp kwam een internetcafé. Drie jaar geleden was er geen enkele computer in Macha, nu zijn er 200. Macha heeft daarmee het grootste netwerk van Zambia. Van Stam: „Er komen nu verzoeken van bedrijven in de hoofdstad Lusaka om ondersteuning door mensen uit Macha. Pas zijn 25 inwoners van Macha een halfjaar bezig geweest 700.000 documenten te digitaliseren voor een Amerikaans bedrijf. Er openen zich talloze perspectieven.”

Het Nederlandse bedrijf TNO-ICT steunt een project van LinkNet om internet ook mogelijk te maken in het naburige Mukinge. „De TNO-medewerkers brengen een geweldige hoeveelheid kennis mee. Dergelijke vormen van samenwerking kunnen prachtige resultaten opleveren.”

Malaria
Het internetproject staat niet op zichzelf. Andere nieuwe initiatieven profiteren van de toegang tot het wereldwijde web. In 2003 werd het malaria-instituut in Macha (MIAM) opgericht, een gezamenlijk project van het missiehospitaal in Macha, de Zambiaanse regering en het onderzoeksinstituut voor malaria van de Johns Hopkins University in Baltimore (Verenigde Staten). Inmiddels is ook de Erasmus Universiteit Rotterdam partner in het project. Aan het malaria-instituut is onder anderen de vrouw van Gertjan, Janneke van Stam, verbonden.

Sinds de oprichting van het instituut is het aantal sterfgevallen door malaria drastisch afgenomen. De ziekte was de belangrijkste oorzaak van kindersterfte in Macha. Stierven er in het seizoen 2000-2001 nog negentig kinderen aan malaria, in 2004-2005 waren het er zeven. „Zambia kent een hele goede nationale politiek rond malaria”, aldus Van Stam. „Er zijn voldoende medicijnen beschikbaar. Het is echter ook van belang mensen te leren hoe ze de medicijnen op de juiste manier moeten gebruiken.” Het MIAM ontwikkelde onder meer een effectieve behandelingstherapie.

Het doet inmiddels ook onderzoek naar de beste behandelingswijze voor andere dodelijke zieken, zoals tuberculose en hiv/aids. Het samenwerkingsproject met de Erasmus Universiteit richt zich vooral op deze ziekten.

Een ander initiatief is een gemeenschapscentrum met een bibliotheek, een winkel voor handwerk, een medische hoek en zelfs een eigen radiostudio. Omdat er door de aanleg van de landingsbaan meer gasten naar het dorp kwamen, ontstond ook de behoefte aan een restaurant. Onder de naam De Ark is begonnen aan een project van dertig wooneenheden om in acute en dringende woningnood te voorzien.

Zuid-Afrika
Van Stam geeft aan dat het van groot belang is de mensen vertrouwen te geven. „Geef ze dingen in eigendom, zodat ze er zelf verantwoordelijkheid voor dragen. Er zit enorm veel kunde bij de mensen, maar ze moeten wel de mogelijkheden hebben die toe te passen.” Hij pleit voor lokale initiatieven met een menselijke maat. Kleinschalige projecten hebben volgens hem vaak het meeste succes.

Ook is het van belang dat de hulp goed wordt afgestemd op de behoeften van de lokale bevolking. „Soms lanceren westerse hulporganisaties dure initiatieven waar nauwelijks behoefte aan blijkt te zijn. Dat voorkom je wanneer de bevolking er in een vroeg stadium bij wordt betrokken.”

Volgens Van Stam zou Zuid-Afrika als een belangrijke schakel kunnen fungeren tussen het Westen en ruraal Afrika, ook in ontwikkelingswerk. „Zij weten vaak beter dan wij hoe we ontwikkelingswerk een plaats kunnen geven binnen een rurale context. Voor de bruggenhoofdfunctie van dat land zou meer aandacht mogen zijn.”

Van Stam wil met zijn projecten „werken in de haarvaten van Afrika.” Structurele veranderingen zetten de ontwikkelingen bijna als vanzelf in gang, aldus de hulpverlener. Het algemene verschijnsel is dat jongeren van het platteland naar de stad trekken, maar het geval wil dat Macha nu juist jongeren aantrekt. Jongeren die vroeger naar de stad zijn getrokken om werk te vinden, komen weer terug, zegt Van Stam. „We zijn er zelf ook verbaad over. Toen we hier kwamen was Macha een saaie plek, er was niets te doen. Nu bruist het van de activiteiten. Dat komt niet zozeer door ons, maar door de bevolking. Die heeft het werk opgepakt.”

Verstuur dit artikel naar:
 *
 *
 *
 *
 
Knipsels