AMERSFOORT – Minister Klink van Volksgezondheid besluit om in november kinderen van zes maanden tot vier jaar te laten vaccineren tegen de Mexicaanse griep. Niet eerder had een dergelijk omvangrijke vaccinatiecampagne plaats. Van de in totaal 1 miljoen kinderen die een oproep krijgen om zich te laten vaccineren, komt 72 procent de prik daadwerkelijk halen. Ook zwangere vrouwen, 60-plussers en mensen met suikerziekte of long- en hartproblemen komen in aanmerking voor een prik. Foto ANP
De hoop dat de ziekte Nederland voorlopig niet zal bereiken, wordt al snel de bodem ingeslagen. Het virus verspreidt zich –dankzij het intensieve reizigersverkeer– razendsnel over de continenten. Op 13 mei doet zich in België het eerste geval voor van nieuwe influenza A H1N1, zoals de Mexicaanse griep officieel heet.
Dik twee weken later is Nederland aan de beurt: op 1 juni wordt de aandoening vastgesteld bij een Nederlandse peuter van drie jaar oud. De mededeling dat het kind de ziekte op vakantie in Mexico heeft opgedaan, stelt nog enigszins gerust. Maar niet voor lang. Op 8 juni meldt het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) dat de eerste overdracht van griep in Nederland een feit is. Een vader die het virus in de Verenigde Staten heeft opgelopen, heeft na terugkeer zijn kind besmet.
Vier dagen later, op 12 juni, meldt het RIVM de eerste opname van een grieppatiënt op een intensivecareafdeling. Nog diezelfde week, op 15 juni, brengen alle media het nieuws van het eerste Europese slachtoffer: een Schot die aan de gevolgen van de ziekte bezweken is. In een groot aantal Europese landen zijn dan al zo’n 2000 ziektegevallen vastgesteld.
Diezelfde week meldt het farmaceutische bedrijf Novartis de productie van een eerste serie vaccins met succes te hebben afgerond. De vaccins komen later onder de naam Focetria op de markt. Ook concurrent Glaxo Smith Kline ligt met het vaccin Pandemrix op schema. Minister Klink van Volksgezondheid meldt op 18 juni de bestelling van 34 miljoen vaccins, goed voor het twee keer toedienen van een vaccinatie aan de complete bevolking, mocht dit nodig zijn.
Aan het begin van de zomer is de verwachting dat de pandemie ook in Nederland mogelijk heftig om zich heen zal gaan grijpen. Zo stelt viroloog prof. Ron Fouchier, verbonden aan het Erasmus MC in Rotterdam, begin juli in deze krant dat het virus zich net zo snel verspreidt als het gangbare seizoensgriepvirus, maar dieper in de luchtwegen doordringt. Zijn uitspraak is gebaseerd op eigen onderzoek van de Rotterdamse virologen en op vergelijkbare bevindingen van Amerikaanse collega’s.
Wanneer de ziekte zal gaan pieken, durft niemand te voorspellen. De zomermaanden verlopen rustig met in Nederland slechts enkele ziektegevallen per week. De griephype begint in te zakken. Mede gezien het relatief milde karakter van de griep op het zuidelijk halfrond dringt het besef door dat de nieuwe influenza weinig verschilt van de gewone seizoensgriep.
In augustus neemt het aantal nieuwe griepgevallen in Nederland langzaam toe. Het RIVM kwalificeert de aandoening als ”mild”, zowel qua aantal ziektegevallen als qua heftigheid.
De angst voor de griep maakt vervolgens plaats voor angst voor het vaccin. Wilde complottheorieën circuleren op internet. De ziekte zou opzettelijk zijn veroorzaakt om uit de vaccins geld te kunnen slaan. In de vaccins zouden ”nanochips” zijn gestopt om later het gedrag van mensen te kunnen manipuleren. Ook is er kritiek op de samenstelling van de vaccins. Toegevoegde hulpstoffen zouden op de lange termijn schade toebrengen aan de gezondheid. Het RIVM en minister Klink weerspreken de kritiek.
In oktober en november neemt het aantal griepgevallen fors toe. Eind november zijn er ruim dertig doden te betreuren, onder wie een aantal jonge kinderen. Het aantal sterfgevallen lijkt verhoudingsgewijs echter lager te liggen dan bij de seizoensgriep. Niettemin volgt er eind november een run op de beschikbaar gekomen vaccins voor de diverse risicogroepen. Minister Klink is een deel van de 34 miljoen bestelde vaccins in ieder geval kwijt.