Bezoek ook andere websites van de Erdee Media Groep
  Algemeen

Te zoet, te vet en te veel

 Snacks bevatten veel meer calorieën
 1 van 2  

Snacks bevatten veel meer calorieën

Complete rollen snoep, zakken chips, marsen en andere candybars verdwijnen dagelijks in de magen van jongeren. Gevulde koeken, cola en frisdranken vinden op school en daarbuiten gretig aftrek. De gevolgen van deze vette en zoete energiebommen blijven niet uit: het aantal jongeren met overgewicht stijgt onrustbarend. De computer en de tv leveren eveneens een belangrijk aandeel. Jongeren zitten en zappen, maar bewegen te weinig.
Het traditionele broodtrommeltje met een beker melk of karnemelk lijkt op z’n retour. Er zijn scholen waar 60 procent van de jongeren geen eten van thuis meer meeneemt. En als ze dat wel doen bevat de lunchbox geregeld gevulde koeken, Evergreens en stroopwafels in combinatie met vaak mierzoete melkvervangende dranken. Eenmaal op school wacht hen in de op veel scholen opgestelde frisdrank- en snackautomaten een rijk assortiment aan energiebommen. Geld is er genoeg, dankzij de baantjes in de vrije tijd. En de verdiende euro’s rollen. Medewerkers van apparatenfirma’s of conciërges besteden op grote scholengemeenschappen dagelijks uren aan het bijvullen van alle automaten.

Recent haalde een Amerikaanse school in Californië het nieuws met het bericht dat de school alle snoep- en snackautomaten uit het gebouw wil gaan verwijderen. Een opzienbarende stap, want de voedingsmiddelenindustrie heeft de Amerikaanse scholen flink in z’n greep. Een citaat uit de New York Times van 24 september 2002: „In veel scholen hebben fastfoodbedrijven het lunchprogramma overgenomen. Kinderen hebben gemakkelijk toegang tot frisdrank- en snackmachines. In de klas kijken kinderen op 12.000 scholen dagelijks naar een twaalf minuten durend televisieprogramma waarin twee minuten zijn gereserveerd voor reclames van onder meer bedrijven als McDonald’s, Herschey, Pepsico, Coca-Cola, Kentucky Fried Chicken, Domino’s en Seven Up. (…) Op steeds meer scholen wordt kinderen geleerd dat voeding komt uit doosjes met fastfood, candybars en blikjes frisdrank. (…) In ruil voor reclamespots en mogelijkheden hun spullen te verkopen, geven bedrijven vaak geld en materialen die de scholen nodig hebben, zoals computers.

Somber beeld
Dat is in Nederland niet het geval, maar de ontwikkelingen gaan snel. Snoep en snacks overspoelen de scholen. C. Peeters, leerjaar-coördinator op het Edison College in Apeldoorn, schetst een somber beeld. „In onze school staan frisdrank-, vruchtensap-, en snackautomaten. Daar wordt enorm veel gebruik van gemaakt. Er is een constante aanvoer van snoep. Een bombardement van kleur-, smaak-, en zoetstoffen. Daarbij is het goed te beseffen dat de Mars van vroeger niet meer de Mars van nu is. En dat geldt voor veel producten: alles is groter geworden en levert dus ook meer calorieën op. Het is allemaal jumbo, king size, super en mega wat de klok slaat.”

Een paar cijfers uit de New York Times ondersteunen Peeters betoog. Zo bevatte het originele McDonald’s menu -bestaande uit een hamburger, een portie Franse frietjes en een cola- 590 calorieën. De huidige supersize porties leveren 1550 calorieën. Het is een trend die zich in de hele fastfood- en snackcultuur aftekent.

Het eenvoudigweg verwijderen van automaten uit scholen is ook niet altijd de oplossing. „Als je dat doet, trekken ze de wijk in naar een nabijgelegen winkelcentrum en daar zit niemand op te wachten”, aldus Peeters. Collega E. Kloppenburg, vakgroep coördinator verzorging op het Wartburg College, locatie De Swaef, in Rotterdam, kan dat beamen. „Wij hebben geen frisdrank- en snackautomaten in onze school staan. Maar dat wil niet zeggen dat het snoepgedrag bij ons geen probleem is. De leerlingen bezoeken het nabijgelegen winkelcentrum Zuidplein en komen met hun zakken vol terug. De inhoud van de broodtrommels verdwijnt vervolgens in de prullenbak.”

Of dat vaak voorkomt? „In zorgwekkende mate”, aldus Kloppenburg. Het is volgens hem een groot probleem waar nauwelijks een vinger achter is te krijgen. „Ik probeer in de lessen wel aandacht te schenken aan voeding en gezond gedrag, maar er is nauwelijks belangstelling voor”, aldus Kloppenburg.

Beide docenten maken zich zorgen over het snoepgedrag van jongeren. Peeters: „’s Morgens vroeg zie je ze al rondlopen met blikjes cola. Wij hebben als regel dat er in de klassen niet mag worden gesnoept, maar tijdens de leswisselingen en in de pauzes gaan ze hun gang. Ik praat veel over dit onderwerp, maar het is helaas vaak praten tegen dovemansoren. We leven in toenemende mate in een eetcultuur. Loop zaterdagmiddag eens door het centrum van een stad. Overal zie je mensen eten.”

Scholen proberen soms het snoepgedrag wat in te tomen, maar of het veel effect sorteert is de vraag. Peeters doet de suggestie om bepaalde snoepmomenten in te bouwen en de rest van de dag het snoepen te verbieden. De Jacobus Fruytierscholengemeenschap in Apeldoorn schakelt tijdens de leswisselingen de stroom uit die de automaten draaiend houdt. Op de locatie in Uddel startte men een project met het aanbieden van appels. Het is geflopt. Er was geen belangstelling voor.

Alarmbellen
Op het ministerie van VWS zijn de alarmbellen inmiddels gaan rinkelen. De Gezondheidsraad, de Raad voor de Volksgezondheid en Zorg en het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu is gevraagd advies uit te brengen over jongeren en hun leef- en eetgewoonten. Afgelopen week verscheen er een rapport van de Gezondheidsraad waarin al een voorproefje is verwerkt. Over het algemeen ontwikkelt het voedingspatroon van 13- tot 18-jarigen zich de laatste vijftien jaar volgens de raad ongunstiger dan dat van de totale bevolking. Er is een grote daling in het gebruik van brood, groenten en fruit (8-30 procent). Het gebruik van alcoholische dranken nam toe met gemiddeld 75 procent. De consumptie van suikerhoudende frisdranken en vruchtensappen met 30-110 procent.

Voor jongens is de toevoer van ijzer, vitamine A, beta-caroteen en calcium „zwak.” Voor meisjes komt daar nog vitamine E bij. De daling van de inname van vitamine D vraagt volgens de raad eveneens de aandacht. De inname van foliumzuur, beta-caroteen, ijzer en voedingsvezels nam af door de daling in de consumptie van groenten, fruit en brood. Wat de precieze betekenis is van „het lage voorzieningsniveau” kan volgens de raad pas worden aangegeven na gericht onderzoek naar de voedingstoestand. De raad doet de volgende aanbeveling: „In het onderwijs moet meer aandacht komen voor het belang van voeding en beweging als aspecten van een gezonde leefstijl. Hierbij is van belang dat structureel ruimte wordt ingebouwd in het onderwijsprogramma voor het bevorderen van een gezonde leefstijl.”

Verkeerde trend
De conclusie is duidelijk: er is sprake van een verkeerde trend die moet worden omgebogen. Kinderartsen zien inmiddels in hun praktijken de gevolgen. Op de poliklinieken verschijnen sinds kort jongeren en kinderen met ernstig overgewicht en diabetes type-2, vroeger ook wel ouderdomssuiker genoemd. Er zijn kinderen bij van acht en tien jaar. Dr. H. J. Aanstoot, kinderarts in het IJssellandziekenhuis in Capelle aan de IJssel en voorzitter van de Nederlandse Diabetesfederatie, spreekt van „een angstige ontwikkeling.”

„Diabetes is een ernstige aandoening die na zo’n twintig jaar leidt tot hart- en vaatziekten. Mijn Amerikaanse collega’s hebben al te maken met twintigers en dertigers die hun eerste hartinfarct achter de rug hebben.” Precieze cijfers over diabetes type-2 bij kinderen en jongeren zijn in Nederland nog niet voorhanden. Amerikaanse cijfers spreken echter boekdelen. Tien jaar geleden hadden 0,2 tieners per 100.000 inwoners diabetes type-2, nu zijn dat er zeven. Dat is 35 keer zoveel.

Voedingswetenschapper prof. dr. ir. J. C. Seidell maakt zich eveneens zorgen. Seidell is lid van de commissie van de Gezondheidsraad die kijkt naar voeding en gedrag van kinderen en jongeren. Tevens is hij verbonden aan het recent opgerichte kenniscentrum ter voorkoming van obesitas bij kinderen aan de Vrije Universiteit. De alarmbellen zijn volgens Seidell gaan rinkelen door de enorme stijging van het aantal mensen met ernstig overgewicht. „Twintig jaar geleden kampte in Nederland 5 tot 6 procent van de mensen met ernstig overgewicht. Nu is dat 10 procent. In de VS was het twintig jaar geleden al 10 procent. Nu is al bijna 30 procent van de Amerikanen veel te zwaar.”

Wie wil zien hoe snel het gaat, moet volgens Seidell naar het strand of het zwembad gaan. „Daar zie je veel meer dikke kinderen dan twintig jaar geleden. Belangrijkste oorzaken zijn de ongezonde voedingsgewoonten en het tekort aan beweging. In de VS zeggen ze: „We eten als atleten, maar we bewegen niet als atleten.” Een Mars bevat drie tot vier keer zoveel energie als een appel. En dan hebben we het alleen nog maar over de calorie-inname en niet over de voedingswaarde. Die is niet te vergelijken met een appel die -zoals alle groenten en fruit- vitaminen en gezonde bio-actieve stoffen bevat.”

Seidell wijst niet alleen naar de voeding. Ook het tekort aan beweging bij kinderen en jongeren is oorzaak van overgewicht. „Ze brengen vaak uren door achter de computer en de televisie. Meer bewegen is nodig. Ik denk dan in eerste instantie aan gewone buitenactiviteiten, jezelf afbeulen in een sportschool is niet eens nodig.”

Het gaat volgens Seidell om een probleem waar de overheid, scholen, ouders en de voedingsmiddelenindustrie gezamenlijk mee aan de slag moeten. „Goede voeding is belangrijk. Je kunt toch ook gezonde producten in automaten stoppen. Kinderen en jongeren moeten meer bewegen. Dat vraagt om (verkeers)veiligheid op straat zodat ze lopend en met de fiets naar school kunnen en niet met de auto. Op scholen moet aandacht komen voor gezonde voeding en leefstijlen. En ouders moeten ook het goede voorbeeld geven. Stel tijdslimieten als het gaat om computeren en tv-kijken en stimuleer kinderen en jongeren zich te bewegen. Het gaat allereerst om een stuk bewustwording. Als mensen het probleem niet zien, verandert er niets en kun je het wel vergeten.”


Lees ook: Dossier:
Verstuur dit artikel naar:
 *
 *
 *
 *
 
Knipsels