De scholen blijken er niet voor te voelen een protocol te ontwerpen voor de omgang met occulte invloeden. Wel willen ze het onderwerp meer dan voorheen binnen hun team aan de orde stellen. Beleidskeuzes worden daardoor vastgelegd, maar niet gedocumenteerd, waardoor er voor ouders, teamleden en buitenstaanders veel onduidelijk blijft, stellen de studenten.
Volgens hen hebben scholen er vaak weinig zicht op welke occulte invloeden zich kun-nen voordoen en weten personeelsleden ook niet goed hoe ze ermee moeten omgaan.
Occulte belasting ontstaat volgens Vos en Van Helden als kinderen het steeds normaler gaan vinden dat er om hen heen paranormale dingen gebeuren. „Kinderen en jongeren groeien op in een (media)wereld waarin vormen van magie en occultisme in toenemende mate als vanzelfsprekend worden gezien.” Een aantal van hen gaat daardoor zelf experimenteren met glaasje draaien of het oproepen van geesten.
Opvoeders moeten duidelijke lijnen trekken, stellen de beide CHE-studenten. Op scholen kan dit onderdeel zijn van het toelatingsbeleid en meegenomen worden in de selectie van bibliotheekboeken en filmmateriaal.
Door voorlichting moeten scholen hun leerlingen bewust maken van occulte elementen in de samenleving.
Daardoor ontstaat gewetensvorming. „We moeten kinderen voorleven dat een leven met God geen ruimte laat voor duistere zaken. We maken de kinderen klaar voor een maatschappij waarin we nu eenmaal dagelijks geconfronteerd worden met occultisme. Een verborgen gevaar dat zichtbaar gemaakt moet worden.”