Documentalist drs. Paul Peeters, betrokken bij de ontwikkeling van ORDA, vindt het „een geweldig interessant onderwerp, maar nogal ingewikkeld, onder andere door gebrek aan standaardisatie. Er zijn nog genoeg op te lossen problemen op het vlak van opnametechniek.”
Toch wordt daar al jaren wetenschappelijk onderzoek naar verricht door de hoogleraar Vaclav Syrovy en zijn collega Jan Stepanek, verbonden aan de muziekfaculteit van de Praagse Kunstacademie. Hun uitgangspunt is de klank van elke pijp afzonderlijk op te nemen, in samenhang met de akoestiek van de ruimte.
Judith Angster, van het Fraunhofer Institut in Stuttgart, ontwikkelde een opnametechniek waarbij juist die akoestische invloed werd uitgesloten. Deze aanpak, met de microfoons dicht bij de pijp opgesteld, levert zogenaamde droge samples, terwijl het meenemen van de akoestiek en de nagalm natte samples als resultaat geeft.
Misschien minder wetenschappelijk maar wel praktisch is de opzet van de Amerikaanse Encyclopedia of Organ Stops, www.organstops.org, primair bedoeld om alle mogelijke orgelregisters te beschrijven.
Waar mogelijk wordt hieraan een soundclip van het desbetreffende register toegevoegd. Opvallend detail is dat deze geluidsplaatjes afkomstig zijn van een zestal voor Hauptwerk gesamplede orgels, waaronder het Ott-positiefje.
De meerwaarde van geluidssamples in orgeldatabanken is niet louter de vergroting van de aantrekkelijkheid; het kan ook van nut zijn bij de reconstructie van verloren gegane orgels en, via een programma zoals Hauptwerk in een bespeelbare vorm gegoten, bijdragen aan een betere waardering van de rijke orgelcultuur.