VERWEKKER: Q-koorts is een ziekte die wordt veroorzaakt door de bacterie Coxiella burnetii. Het is een zogeheten zoönose, wat betekent dat dieren die de bacterie bij zich dragen de aandoening op mensen kunnen overbrengen. Het gaat vooral om geiten, in mindere mate om schapen. Maar ook koeien, katten, honden, konijnen en vogels kunnen de ziekte overbrengen. Q-koorts komt sinds 2007 in Nederland voor. In dat jaar werden bij een eerste uitbraak in Noord-Brabant 190 ziektegevallen vastgesteld, zo meldt het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM). In 2008 waren dat er al zo’n duizend en kwam de aandoening ook voor in Zuid-Gelderland. Voor dit jaar staat de teller tot op heden op zo’n 200 patiënten.
BESMETTINGSROUTES: Q-koorts wordt overgedragen via direct contact met geïnfecteerde dieren en via besmet fijnstof dat mensen inademen. De bacterie Coxiella burnetii kan namelijk jaren overleven in stof of zand. Urine, mest en ook wol van geïnfecteerde dieren is besmettelijk. Hetzelfde geldt voor de moederkoek, vruchtvliezen en vruchtwater. Dat laatste speelt een rol als een abortus optreedt bij geïnfecteerde dieren. Omdat zo’n abortus vaak in het voorjaar plaatsheeft als de dieren drachtig zijn, is dit ook de periode dat het aantal ziektegevallen piekt. Risico op besmetting met vlees is verwaarloosbaar als het vlees hygiënisch wordt behandeld en goed wordt verhit. Consumptie van rauwe melk en producten die daarvan worden gemaakt, vormen echter wel een risico. Dieren kunnen de bacterie op mensen overdragen. Er is echter geen sprake van overdracht van de ene mens op de andere. Veehouders, dierenartsen, slachthuispersoneel en labmedewerkers lopen het grootste risico op besmetting.
ZIEKTEVERSCHIJNSELEN: Volgens het RIVM worden de meeste mensen niet ziek na een besmetting met de bacterie. Anderen ontwikkelen een griepachtig beeld. Als mensen ziek worden, is dat meestal pas twee tot drie weken na besmetting met de bacterie. Wie de ziekte eenmaal heeft doorgemaakt, is daarna immuun. Er kan nog wel besmetting plaatshebben, maar ziekteverschijnselen treden niet meer op.
ZWANGEREN: Mensen met een verminderde weerstand, zoals zwangere vrouwen, hebben een verhoogde kans op een meer ernstig beloop. Ook de vrucht loopt risico. Q-koorts tijdens de zwangerschap is riskant voor het kind en kan leiden tot een abortus.
KINDERBOERDERIJ: Risico’s rond een bezoek aan een kinderboerderij zijn niet helemaal uit te sluiten. De meeste kans op besmetting ontstaat volgens het RIVM bij problematische geboorten van lammeren bij geiten en schapen. Het wordt aangeraden om na bezoek aan een kinderboerderij goed de handen te wassen.
BEHANDELING: Er bestaat nog geen bewezen effectieve behandeling tegen Q-koorts. Het antibioticum oxatetracycline is een optie, maar gebruik van het middel is volgens het RIVM nog onvoldoende onderbouwd.
VACCINATIE: Vaccinatie van schapen en geiten is in 2009 verplicht in een gebied met een straal van 45 kilometer rond Uden. De verplichting geldt voor melkschapen en melkgeiten op bedrijven met meer dan vijftig dieren en op bedrijven met een publieksfunctie. Vaccinatie is ook verplicht voor bedrijven die sinds 2005 te maken hebben gehad met een uitbraak van Q-koorts.
rivm.nl.