Bezoek ook andere websites van de Erdee Media Groep
  Algemeen

PLUTO: Te klein om nog planeet te zijn

 De dwergplaneet Pluto, begeleid door zijn grootste maan Charon (r.), is ruim 75 jaar de negende planeet van het zonnestelsel geweest. Foto NASA

De dwergplaneet Pluto, begeleid door zijn grootste maan Charon (r.), is ruim 75 jaar de negende planeet van het zonnestelsel geweest. Foto NASA

Achter Neptunus ontdekken sterrenkundigen in 1930 Pluto, aanvankelijk de negende planeet genoemd. Pluto was echter te klein om die naam te behouden.
Twee Amerikanen, Percival Lowell en William Pickering, beginnen in 1905 een intensieve speurtocht naar ”Planeet X”. Ze hebben geconstateerd dat de positie van Neptunus niet klopt met zijn massa. Een onbekend hemellichaam trekt de achtste planeet uit zijn ideale baan, vermoeden ze.

Tijdens hun zoektocht fotograferen de sterrenkundigen enkele malen een klein, bewegend object in het gebied tussen de sterrenbeelden Stier en Tweeling. Maar dat kan het onbekende hemellichaam niet zijn; planeet X moet volgens de astronomen minstens zo groot zijn als de aarde om de storing in de baan van Neptunus te verklaren. Zodoende negeren ze het object.

Na Lowells dood in 1916 staat de zoektocht op een laag pitje, maar in 1929 opent het Lowell Observatorium opnieuw de jacht. Met succes. Op 13 maart 1930 maken astronomen de ontdekking van de negende planeet wereldkundig.

Een 11-jarig Engels meisje bedenkt de naam Pluto, die is gebaseerd op de initialen van Percival Lowell. Ook is het de naam van de Griekse god van de onderwereld. Walt Disney gebruikt hem later voor zijn stripfiguur en de naam van plutonium –element 94– is afgeleid van het pasontdekte hemellichaam.

Degradatie
Pluto draait in een langgerekte, excentrische baan op 44,4 tot 73,8 miljard kilometer afstand om de zon, waarbij de baan een hoek van 17,14 graden maakt ten opzichte van het platte vlak. De planeet ligt, net als Uranus, op zijn kant. Zijn rotatieas is niet minder dan 120 graden gekanteld. Een dodelijke atmosfeer van stikstof, koolmonoxide en methaan maakt de ijsdwerg onleefbaar.

Al snel blijkt Pluto te klein om de baan van Neptunus te beïnvloeden. Sterker nog; er blijkt niet eens een afwijking te zijn in de baan van Neptunus.

De Amerikaanse astronoom James Christy ziet in 1978 een bult op Pluto en beseft dat hij een maan heeft ontdekt. Hij noemt deze Charon, naar de veerman die in de Griekse mythologie de zielen naar de onderwereld voert. In 2005 worden nog twee kleine maantjes ontdekt, Nix en Hydra geheten.

Hoewel sterrenkundigen allang weten dat de lichtroze ijsdwerg een afwijkende baan heeft, behoudt Pluto ruim 75 jaar de status van planeet. Op 24 augustus 2006 degradeert de Internationale Astronomische Unie (IAU) hem echter tot dwergplaneet, waarmee de unie meteen een nieuwe klasse van hemellichamen in het leven roept.

Pluto is niet de enige dwerg in het zonnestelsel. Spoedig krijgt hij gezelschap van Ceres en Xena (die sinds 2006 Eris heet). In totaal zijn nog 53 mogelijke dwergplaneten ontdekt. Sommige daarvan zijn tevens planetoïde of plutoïde.

Planetoïden, ook wel asteroïden genoemd, bewegen net als de planeten in een baan om de zon. Verreweg de meeste zweven in de asteroïdengordel tussen de planeten Mars en Jupiter. Inmiddels zijn er ruim 305.000 planetoïden bekend. De grootste, waaronder de dwergplaneten Ceres, Vesta, Pallas en Hygiea, zijn bijna 1000 kilometer in doorsnee en hebben door hun zwaartekracht min of meer een bolvorm.

Plutoïden hebben een baan buiten die van Neptunus en onder invloed van hun zwaartekracht eveneens een bolvorm en een bepaalde minimale helderheid. Vier dwergplaneten zijn inmiddels gepromoveerd tot plutoïde: Pluto, Eris, Makemake en Haumea.

Bijzondere eivorm
Een aparte groep vormen de cubewano’s, met een naam die is afgeleid van de systematische nummering van deze groep. QB1, de eerste in deze categorie, betreft een hemellichaam dat in 1992 is ontdekt. De afstand van de cubewano’s tot de zon varieert van 61 miljard tot 72 miljard kilometer. Hun banen zijn vrijwel cirkelvormig en over één rondje om de zon doen ze 260 tot 330 jaar.

Elke cubewano heeft een middellijn van ten minste 100 kilometer. Ook mag Neptunus hun baan niet beïnvloeden. De meeste staan verder van de zon af dan Pluto, in de Kuipergordel, en heten daarom ook wel Kuiper Belt Object (KBO).

Vandaag de dag zijn er ruim 400 cubewano’s bekend. De grootste zijn qua omvang te vergelijken met Pluto. Zo behoren de dwergplaneten Makemake en Haumea tot de plutoïden en tevens tot de cubewano’s. Haumea, die supersnel om zijn as draait, heeft bovendien een daglengte van nog geen vier uur, de kortste van alle dwergplaneten.

Van de meeste dwergplaneten zijn nog nauwelijks foto’s beschikbaar. Daar komt binnenkort echter verandering in. De Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA lanceerde in 2007 de ruimtesonde Dawn. Die zal in 2011 de planetoïde Vesta bezoeken en in 2015 in een baan om Ceres komen. De foto’s die de ruimtesonde neemt, moeten NASA duidelijkheid verschaffen over de geologie en de samenstelling van de atmosfeer van de dwergplaneten.

www.dawn.jpl.nasa.gov voor de actuele plaats van ruimtesonde Dawn.

PLUTO
Diameter: 2330 km
Dichtheid: 2,03 g/cm3
Omlooptijd om zon: 247,7 jaar
Rotatiesnelheid/daglenge: 6,38 dagen
Gem. afstand tot zon: 5,899 miljard km
Baansnelheid: 4.749 km/sec
Aantal manen: 3
Massa t.o.v. aarde: 0,0022
Volume t.o.v. aarde: 0,0066

Verstuur dit artikel naar:
 *
 *
 *
 *
 
Knipsels