Wordt Nederland geïslamiseerd, zo is de vraag. Als islamisering van Nederland betekent dat ons land een groeiend percentage moslims kent, dan lijkt me dat buiten kijf. Nederland kent overigens ook een groeiend aantal alleenstaanden, mensen met overgewicht enzovoort, maar dat roept aanzienlijk minder emoties op. Met islamisering bedoelen we blijkbaar iets anders dan de simpele constatering dat er een groep mensen in deze samenleving woont die een deel van hun identiteit bepaald ziet door de godsdienst islam.
Halal
Wat verstaan we dan onder islamisering van Nederland? Betekent het misschien dat het steeds zichtbaarder wordt dat een groep mensen in onze samenleving moslim is? Opnieuw kan het antwoord ja zijn. Immers, er verschijnen meer moskeeën in het landschap en gezien het succes van de tentoonstelling El Hema kan het niemand meer ontgaan dat er in Nederland vraag is naar halal producten en hippe hoofddoekjes. Maar blijkbaar roept de halal rookworst associaties met islamisering op en is de bagel of matze alleen maar lekker.
Mensen die roepen over ”de islamisering van Nederland”, bedoelen kennelijk iets anders. Blijkbaar roept het woord islam bij een deel van de bevolking associaties op met de taliban en al-Qaida en is er een diepgeworteld gevoelen (angst?) dat alle moslims een islamitische staat na streven, de sharia grondwet zal worden en ook het traditionele islamitische strafrecht deel van het rechtsbestel wordt. Dat sharia (letterlijk ”pad naar de waterput”) zowel rituele voorschriften (ibadaat) als maatschappelijke richtlijnen (moe’alamaat) omvat, schijnen weinigen te beseffen. Ook het feit dat het gros van de landen waar moslims in de meerderheid zijn, geen islamitische staten zijn en de sharia daar geen deel van de grondwet vormt, schijnt niemand te deren. Evenmin trouwens het feit dat er nogal wat verschillende interpretaties bestaan van de term islamitische staat: spreken we over de taliban of over Maleisië? Dé islam bestaat dus niet, zoals dé moslims -in Nederland of elders- ook niet één opinie hebben over religie en over politiek. Een wel gehanteerd onderscheid tussen islam als religie en als cultuur lijkt me noch verhelderend voor het debat noch academisch verdedigbaar.
Angst
Ik vermoed dat de angst voor wat een groep mensen de islamisering van Nederland noemt, ten diepste voortkomt uit de angst voor het onbekende. Een typisch Nederlands spreekwoord zegt het al: onbekend maakt onbemind. Wanneer minister Vogelaar stelt geld uit te willen trekken om „jongeren positiever over de islam te laten denken”, kan over haar woordkeuze worden gedebatteerd. Maar haar vooronderstelling dat kennis over islam en moslims een aantal van mythes over dé dreiging van dé islam kan ontmaskeren en een van de manieren is om verdere vervreemding van groepen in onze samenleving tegen te gaan, deel ik. Onderstrepen we niet vanuit dezelfde vooronderstelling het belang van de onderwijs over de Holocaust in het curriculum?
Wordt onze cultuur bedreigd door islamisering? Laat ik nu altijd gedacht hebben dat ’onze’ cultuur van ons allemaal was; of we allochtoon en autochtoon, jood, christen, moslim, secularist, humanistisch of atheïstisch Nederlander zijn. Samen vormen we immers Nederland.
De auteur is hoogleraar missiologie aan de Universiteit Utrecht.
Wat is uw mening? Mail naar opinie@refdag.nl.