Bezoek ook andere websites van de Erdee Media Groep

Notitie aan PKN: aandacht voor Israël is roeping kerk

 „Dankzij het geloof in Jezus als onze unieke Verlosser zijn we –zonder enig onderscheid te maken– met het hele Joodse volk verbonden.” Foto EPA

„Dankzij het geloof in Jezus als onze unieke Verlosser zijn we –zonder enig onderscheid te maken– met het hele Joodse volk verbonden.” Foto EPA

De kerk heeft ten aanzien van Israël een opdracht te vervullen, schrijven de opstellers van de notitie ”Onopgeefbaar verbonden”. In de notitie geven ze vijftien aanbevelingen aan de Protestantse Kerk in Nederland en andere kerken om inhoud te geven aan deze opdracht.

1. Als wij te kennen geven on­opgeefbaar verbonden te zijn met Israël is dat niet op basis van onze emotie, maar op grond van Gods Woord. Onmogelijk kunnen wij verzwijgen wat we als wezenlijk zijn gaan zien in de vertolking van de Heilige Schrift.

2. We zijn ervan overtuigd dat Israël eens en voorgoed door God is uitverkoren. Daarom verwerpen wij elke vorm van vervangings­theologie, die uitgaat van de gedachte dat de kerk de positie van het volk Israël heeft ingenomen.

3. Dankzij het geloof in Jezus als onze unieke Verlosser zijn we –zonder enig onderscheid te maken– met het hele Joodse volk verbonden.

4. We zijn ervan overtuigd dat God niet zonder Zijn volk tot Zijn doel zal komen. Daarom kan de aandacht voor Israël niet getypeerd worden als de hobby van enkele bevlogen gelovigen. Het betreft de roeping van de gemeente.

5. Het is duidelijk dat binnen de Protestantse Kerk in Nederland de wegen uiteengaan wanneer we spreken over de opdracht van de gemeente ten aanzien van het volk dat God heeft uitverkoren. We zijn ervan overtuigd dat we elkaar moeten aanspreken op hetgeen daarover in de Bijbel te lezen is.

6. Uiteindelijk is het oogmerk van de Eeuwige dat Hij eens Zijn Koninkrijk zal oprichten. Binnen dit plan neemt Israël een centrale positie in. Onmogelijk kunnen we daarom de profetische beloften spiritualiseren door ze toe te passen op de individuele gelovige of de gemeente. Ook verwerpen we de gangbare methode van het universaliseren van het profetisch visioen waarbij theologen de beloften voor de hele wereld van gelding verklaren en daarbij voorbijgaan aan de unieke positie die Israël inneemt in het plan van God.

7. Helaas moeten we constateren dat er in de christelijke gemeente aversie bestaat tegen het volk dat God Zich heeft uitverkoren. Zonder ons schuldig te maken aan ketterjacht zullen we ons er tot het uiterste voor moeten inspannen dit gevoelen op het spoor te komen en te bestrijden.

8. Aangezien wij als kerk verklaren dat we onopgeefbaar verbonden zijn met Israël, zullen we onze solidariteit moeten bewijzen met een volk dat wereldwijd in toenemende mate te lijden heeft onder uitingen van haat. Vaak vormt de staat Israël het mikpunt van vijandschappen en worden Joden wereldwijd het slachtoffer van uitingen van haat.

9. We moeten nagaan hoe we een bijdrage kunnen leveren aan het effectief bestrijden van iedere vorm van antisemitisme. Dit kunnen we alleen op een geloofwaardige wijze doen wanneer we bereid zijn tot een kritisch analyse van de manier waarop we als kerk bezig zijn. Het is bedroevend als de kerk –gelijkvormig aan de wereld– vooral wil opkomen voor het internationaal recht, alsof het niet haar belangrijkste taak is te spreken over het goddelijk recht.

De kerk moet een eigen geluid laten horen. Als ze niet spreekt naar het Woord, zal ze geen toekomst hebben. In het licht van het profetisch getuigenis van de Schrift is het niet verwonderingwekkend dat Israël in het nauw wordt gedreven. De vijanden van het door God uitverkoren volk uiten hun haat onder een schijn van recht. Uit de disproportionele aandacht voor het reilen en zeilen in de staat Israël spreekt reeds een anti-Israëlisch vooroordeel. Wordt niet te snel geoordeeld dat door antiterroristische maatregelen mensenrechten worden geschonden, terwijl de Israëlische overheid toch op grond van hetzelfde internationale recht geroepen is bescherming te bieden aan haar burgers?

10. Het gaat erom dat we doorzien welke opzet achter het meest problematische vraagstuk van de internationale politiek schuilgaat. Bij Hamas en evenzo bij Fatah –daarin gesteund door de honderden miljoenen moslims die om Israël heen wonen en ook door de islamitische bevolking van Europa, de Verenigde Staten, Afrika en Zuidoost-Azië –gaat het niet slechts om de gebieden waarvan het bezit omstreden is, maar om een claim op het hele land. De vijanden van Israël willen de zionistische staat vernietigen en Palestina volledig bevrijden. De strategie is een gefaseerd liquideren van de staat Israël en tegelijk moeten alle Joden verdwijnen.

Het is dus een illusie te denken dat met de oprichting van een Palestijnse staat alle problemen in het Midden-Oosten zijn opgelost. Wij zijn geroepen een dergelijke opzet gericht op de ondergang van Israël als volk, land en staat te ontmaskeren.

We bidden met de dichter: „O God, zwijg niet, houd U niet doof, wees niet stil, o God! Want zie, Uw vijanden tieren, wie U haten steken hun hoofd omhoog. Zij beramen listig een heimelijke aanslag tegen Uw volk en beraadslagen tegen Uw beschermelingen. Kom, zeiden zij, laten wij hen uitroeien, zodat zij geen volk meer zijn en aan de naam van Israël niet meer gedacht wordt. (...) Laten zij beschaamd en door schrik overmand zijn tot in eeuwigheid, laten zij rood van schaamte worden en omkomen. Dan zullen zij weten, dat U –Uw Naam is Heere!– U alleen de Allerhoogste bent over de hele aarde” (Psalm 83:2-5 en 18-19, HSV).

11. Bij woorden horen ook daden. De kerk is geroepen diaconale steun te geven aan Palestijnen, aangezien we niet passief toe­kijken wanneer zij moeten lijden onder de verkeerde keuzes van hun leiders. We zijn van oordeel dat de kerk op dit punt zeker niet tekortschiet.

Wanneer de kerk echter te kennen geeft onopgeefbaar verbonden te zijn met het volk Israël, is het beschamend dat er geen royale mogelijkheid is de Joden hulp te bieden in de benarde situatie waarin zij al zo lange tijd verkeren. Op dit moment blijkt volgens het onderzoek van het Israëlische bureau voor de statistiek dat bijna een derde van de bevolking onder de armoedegrens leeft. Als hulp bieden op grond van jarenlange ervaring niet mogelijk blijkt te zijn door de bemoeienis van Kerk in Actie, de buitenlandsehulp­organisatie van de PKN, moet de kerk er zorg voor dragen dat dit via andere kanalen wel kan gebeuren.

12. Wereldwijd werkt Kerk in Actie samen met ontwikkelings­organisatie ICCO. Vanwege verschil van inzicht lukt dit niet in het Midden-Oosten. Intussen helpt Kerk in Actie ICCO wel om de subsidie van overheidswege te kunnen verkrijgen. Indirect levert de kerk op die manier steun aan de eenzijdig tegen de staat Israël gerichte projecten van ICCO. Als de kerk bij een omstreden project betrokken blijkt te zijn, neemt de bereidheid van trouw kerkelijk meelevende gemeenteleden af om ook andere goede projecten van Kerk in Actie te steunen.

13. Volgens de kerkorde van de Protestantse Kerk zijn we geroepen het gesprek te zoeken met Israël. Het ligt voor de hand dat dit vooral gestalte krijgt in contacten met de Joodse gemeenschap in ons land.

Wanneer het antisemitisme in West-Europa toeneemt, zullen we laten merken dat we op het kritieke moment niet wegkijken. De kerk zal ook van betrokkenheid blijk geven als er wereldwijd kritiek geleverd wordt op de staat Israël. Binnenskamers zal ze steeds proberen uiting te geven aan haar zorg in verband met gerechtvaardigde kritiek, publiek dient ze als haar overtuiging uit te dragen dat het bestaansrecht van de staat Israël onbetwist moet blijven.

14. Een bijzondere aandacht zal de kerk hebben voor de Joden die belijden dat Jezus de beloofde Messias is. Dankzij hen zal het besef in de kerk des te meer levend blijven dat Israël een bijzondere plaats in Gods heilsplan inneemt en dat we leven in de verwachting van de komst van de Messias in heerlijkheid.

15. Ten slotte is de kerk geroepen om oecumenische relaties te onderhouden met de Palestijnse christenen. Niet alleen met de Middle East Council of Churches, maar ook met de Evangelical Council of Churches.

De notitie ”Onopgeefbaar verbonden” is opgesteld door een werkgroep vanuit de Gereformeerde Bond, het Confessioneel Gereformeerd Beraad en het Evangelisch Werkverband in de Protestantse Kerk.

www.onopgeefbaar.nl


Lees ook: Dossier:
Verstuur dit artikel naar:
 *
 *
 *
 *
 
 
Reacties
Kijk eens naar de tegen Israel gerichte formuleringen (de zelfde taal die de gezworen vijanden van Israel gebruiken)in het artikel "Turkse premier naar Noord-Afrika" van vandaag op deze site ( http://www.refdag.nl/nieuws/buitenland/turkse_premier_naar_noord_afrika_1_587909 ) en laat het Reformatorische Dagblad eens beginnen met deze notitie op zichzelf toe te passen.
Chris | Groningen | 12 sep 2011 - 10:54
 
@truusje wijdemeren: Je hebt het over 'Israel' en 'Zijn volk'; dat zijn echter niet de joden, maar alle mensen die geloven in de gekruisigde Jezus. De belijdenis van dat geloof zal ons inderdaad redden. Dat geeft ons christenen geen vrijbrief om hoogmoedig over ongelovige joden te denken of spreken, maar we mogen evenmin hun hardnekkige ongeloof in Jezus Christus bagatelliseren of negeren.
Pieter | Zwolle | 12 sep 2011 - 09:11
 
De volledige brochure is onderhand digitaal te downloaden als PDF via http://www.jominee.nl
Voor de liefhebber
Johan van den Berg | Schoonrewoerd | 10 sep 2011 - 22:49
 
Truusje, de Bijbel spreekt nergens over "eerste" of "tweede" plaats. Jezus zei erg duidelijk in Galaten dat de muur tussen Joden en niet-Joden is weggenomen en dat er geen onderscheid wordt gemaakt. Dat mag jij dus ook niet doen. Joden zijn in Gods ogen niet superieur aan niet-Joden.

Die valse bescheidenheid jegens Joden - ongeacht hun geloofsovertuiging- , maar daarentegen wel een grote mond opzetten tegen Arabische christenen zoals vaak gebeurt in zionistische kringen - denk aan de hysterische reacties rond het Kairos document - is racistisch en volstrekt onbijbels. Galaten 6:10 geeft aan dat wij voor iedereen moeten zorgen maar vooral voor onze geloofsgenoten. Met geloof wordt duidelijk het geloof in Jezus als Messias bedoeld en niet iets anders. Etnische afkomst speelt hier geen enkele rol.
Ruud | Utrecht | 10 sep 2011 - 10:48
 
Peter uit Zwolle denkt nog steeds dat onze christelijke belijdenis ons redden kan en daarom houdt hij die ook als voorwaarde voor redding aan de Joden voor. Dat bedoelt hij waarschijnlijk goed, maar Peter, misschien moet het nog tot je doordringen maar JEZUS hing aan het kruis. Door zijn offer heeft Hij zijn Vader in de eerste plaats met zijn volk verzoend .Dus het gaat om Gods volk Israel in z'n geheel, en om allen die zich daarbij willen aansluiten. We moeten onze tweede plaats erkennen en niet de eerste plaats willen innemen.
Als we de eerste plaats willen innemen gaan we oordelen over Israel en we zijn helemaal niet als rechter of critica over Israel aangesteld. Dat denken de Sabeel mensen maar dat is de bekende christelijke hoogmoed .
truusje wijdemeren | 's Graveland | 9 sep 2011 - 19:22
 
Bestuurslid van @sabeelnederland Ds van den Berg noemt bovenstaand stuk met 15 punten in een tweet vaag en (opzettelijk) beschuldigend. Bizar.

In het kairosdocument, van harte ondersteund door SabeelNederland, wordt meer dan 40 keer Israel genoemd als oorzaak conflict en lijden van Palestijnen.

Ds Wim de Bruin tweet als reactie op de tweet van Van den Berg "opzettelijk, of zijn ze gewoon niet intelligenter?"

Een beschamende reactie van een predikant. Daar waar bij verschil van mening inzake een theologische discussie de een de ander dom of niet intelligent noemt heeft discussieren geen zin meer. Nu blinken deze twee heren toch al niet uit in het respectvol omgaan met anders denkenden, maar wat mij betreft begint het ongehoorde vormen aan te nemen.

P.Stroes | Hoofddorp | 8 sep 2011 - 15:04
 
Een uitstekend artikel en een noodzakelijk en helder tegenwicht t.a.v. de komende Kairosconferentie.
Het Kairosdocument negeert volledig de geestelijke dimensie van het voortslepende conflict in het M-O. Dit conflict is niet ontstaan met de oprichting van de staat Israel, noch met het ontstaan ineens van een "Palestijns volk"in 1967.

Als opdracht hebben Christenen zich te ontfermen over alle slachtoffers, aan beide zijden. Het negeren van de onderliggende oorzaak, de geestelijke strijd tegen de God van Israel, speelt DE TEGENSTANDER in de kaart.
Gods plan met zijn volk en land is niet opgehouden/vervallen met/door/in Jezus Christus. Zijn volk en land maakt en zal nog steeds deel uitmaken in de uitvoering en vervulling van zijn plannen.
P. Stroes | Hoofddorp | 7 sep 2011 - 10:03
 
Volgens Romeinen is het nieuwe Israel: het oude Israel (alle joden) -/- de joden die Christus verwerpen + de gelovigen uit de heidenen. Punt 2 is dan ook een beetje vaag, de kerk is namelijk Israel. De opdracht voor Christenen is om de ongelovige joden jaloers te maken (Romeinen) en om onder hen te evangeliseren omdat zij anders verloren gaan. Puur hun afkomst zal hen niet redden, ze hebben het verbond met God verbroken. Dat komt in de notitie totaal niet naar voren.
Pieter | Zwolle | 7 sep 2011 - 01:47
 
Mijn dank aan de opstellers van deze notitie''onopgeefbaar verbonden'' mijn bede is: dat de oren van doven er voor open gaan en de ogen van blinden zullen zien.
j.kant-verhoeven. | rijswijk | 7 sep 2011 - 00:59
 
Plaats een reactie
Naam
Woonplaats
E-mail
Bericht
 
Captcha
Verificatiecode

Hiermee wordt voorkomen dat via geautomatiseerde programma's reacties worden gemaakt en spam wordt verstuurd.

Door te reageren gaat u akkoord met de algemene voorwaarden.

 
Knipsels
    Meer uit deze rubriek