Bezoek ook andere websites van de Erdee Media Groep

Help student bij zoektocht

Laten we studenten die zich bezinnen op postmodern gereformeerd-zijn niet alleen tegenspreken, maar vooral ook helpen in hun zoektocht, stelt prof. dr. W. Verboom. Hij reageert op dr. C. S. L. Janse (RD van vrijdag).
Dr. Janse reageert op een opiniebijdrage van twee redacteuren van de lustrumbundel van het CSFR-dispuut Ichthus in Rotterdam (RD van 15 oktober). In beide artikelen is de hoogspanning tussen het gereformeerde (dat is Bijbelse) geloof en de postmoderne cultuur voelbaar. Janse zegt rake dingen, waarnaar we goed moeten luisteren. Maar tegelijk zou ik willen vragen om ook goed naar onze studenten te luisteren, die het spanningsveld heel persoonlijk ervaren en vaak ook door­worstelen.

Je bent er niet met te stellen dat Paulus de relatie met mensen niet ten koste liet gaan van de waarheid. Waarheid (het Evangelie van Jezus Christus) was voor hem immers gericht op het behoud van de Atheners in hun context. Je bent er niet door te zeggen dat Jezus’ woord over wedergeboorte (Joh. 3:3) andere taal is dan „bijdragen aan de groei in relatie met God.” Je bent er niet met te stellen dat het in de catechismus niet gaat om de geest van Gods geboden, maar om Gods geboden zelf. Met de geest bedoelen de redacteuren van de bundel namelijk mijns inziens: de kern van de geboden, waar het echt om gaat.

Laten we onze studenten niet alleen maar tegenspreken, maar hen proberen te helpen bij hun zoektocht. Het is niet niets wat zij met lustrumbundel ”Postmodern gereformeerd” –waaraan ook Janse heeft bijgedragen– en met het congres aan bezinning ingebracht hebben. Ik ben ervan onder de indruk. Wellicht kan het statement dat ik gaf tijdens de forumbespreking op het congres enigszins verder helpen. Ik geef het hieronder weer.

Drie posities

Als het gaat over de vraag welke beweging de traditionele kerken en de gangbare theologie in onze tijd van post­modernisme ondergaan, dan zie ik globaal genomen drie posities. De eerste is die van het isolement. Kerk en theologie dienen zich af te wenden van de cultuur. De tweede positie is die van de aanpassing. Kerk en theologie dienen hun identiteit te vinden in de context waarin zij zich bevinden. De derde positie is die van de confrontatie. Dat is de moeilijkste en spannendste weg. Kerk en theologie dienen de roeping te verstaan om trouw aan het Evangelie van de Heere Jezus te zoeken naar wegen om het geloof te communiceren met de post­moderne mens. Kan dat?

Wat is de kerk? De ecclesia, door God uit de wereld geroepen tot het heil in Jezus Christus. Maar tegelijk weer gezonden in de wereld om getuige van Hem te zijn. Zo zijn mensen die de kerk vormen, concrete mensen, levend in hun eigen tijd en cultuur, in dit geval een postmoderne cultuur.

Daar is op zichzelf genomen niets mis mee. Als ik bijvoorbeeld denk aan de plaats die emotie inneemt in onze tijd, dan moet ik denken aan de moeder in Kampen die voor haar brandend huis met haar gezin neerknielde en bad: „Heere Jezus red mijn kinderen.” Dat heeft een onuitwisbare indruk op ons postmoderne volk gemaakt.

Toch moeten we ons niet verkijken op de dieper liggende factoren die de postmoderne cultuur aansturen, zoals zelfbepaling en relativisme. Ze staan haaks op het objectieve feit dat het Woord van God de Waarheid is. Beleving kan een landingsbaan zijn voor de geloofscommunicatie, maar er moet vroeg of laat een einde komen aan de vrijblijvendheid. God vraagt om bekering van: „Ik geloof in mijn gevoel” naar: „Ik geloof in Jezus Christus.”

Verbond

Ik zou in het spanningsveld van de confrontatie sterk aandacht willen vragen voor de betekenis van het verbond als theologisch paradigma. Het verbond kan de positieve elementen van het postmodernisme vruchtbaar maken. Ik neem de handschoen van dr. Paas op als hij uitdaagt om het paradigma van het verbond een nieuwe inhoud te geven, die functioneert in de context van vandaag.

Wat is de betekenis van het verbond? Het is dat God in zijn grote genade met mensen omgaat op de wijze van een relatie. God verbindt Zich, relateert Zich met mensen en vernieuwt hen. Daarin doet heel de mens mee: verstand, wil en ook gevoel. Maar dan: God brengt mensen in relatie met elkaar. Niet door meningen, standpunten of waarheden, maar door Zijn Geest. God wil dat die mensen in een verbond met elkaar leven. Dat schept die wonderlijke gemeenschap van de gemeente, waarin het een roeping is om elkaar vast te houden.

Zo overstijgt en doorkruist het verbond als relatie van God het individualisme. De band die van buiten komt, schept een band naar binnen. Het is mijn overtuiging dat wie het verbond loslaat, geen verweer heeft tegen de ontbindende factoren van het postmodernisme met betrekking tot de kerk.

Een kerk is per definitie missionair. Een kerk die niet missionair is, is geen kerk en een kerk, die missionair is, is ten principale volkskerk, een kerk voor Jan Rap en zijn maat. In de kerk leven mensen van de rechtvaardiging van de goddeloze door het geloof en de Geest geeft hun een passie om dat te wonder te delen met hun postmoderne mede­mensen. Grenzeloos.

De auteur is emeritus hoog­leraar geschiedenis van het gereformeerd protestantisme aan de Universiteit Leiden.


Lees ook: Dossier:
Verstuur dit artikel naar:
 *
 *
 *
 *
 
Knipsels
    Meer uit deze rubriek