Bezoek ook andere websites van de Erdee Media Groep

Grote kansen gemist in Bali

 „Het massaal introduceren van koken op zonnestralen komt met name vrouwen en kinderen ten goede.” Foto ANP

„Het massaal introduceren van koken op zonnestralen komt met name vrouwen en kinderen ten goede.” Foto ANP

Op de milieutop in december in Bali hebben de deelnemers een grote kans laten liggen, stelt Arie de Ruiter . Koken op zonne-energie kan veel armoede- en milieuproblemen oplossen, stelt De Ruiter in reactie op het vorige week gepresenteerde Europese klimaatplan.
Klimaatonderhandelaars van de industrielanden hadden de ontwikkelingslanden op de conferentie in Bali een heel aantrekkelijk voorstel kunnen doen. Met relatief weinig geld had het Westen de ontwikkelingslanden tegemoet kunnen komen met het overbodig maken van de honderden miljoenen dagelijks brandende kookvuurtjes. Met de enorme hoeveelheden hout die daarmee bespaard kunnen worden, is op termijn een behoorlijke inhaalslag met bebossing te behalen. Alhoewel hout besparen (nog) niet onder CO2-emissieregelingen valt, kunnen de ontwikkelingslanden wel profiteren van het verminderen van hun CO2-uitstoot.

Daarnaast zal koken op zonne-energie de woestijnvorming tegengaan en is er kans dat de kwaliteit van de grond verbetert, omdat er meer kans is op compostvorming.

De meerwaarde van het massaal introduceren van koken op zonnestralen door middel van een ”solar cooker” of ”box cooker” komt met name vrouwen en kinderen ten goede. Zij zijn het die het hout moeten sprokkelen en dagelijks in de rook van de kookvuurtjes werken, waardoor veel caraklachten voorkomen. Volgens de WHO sterven jaarlijks 1,5 miljoen mensen door het regelmatig inademen van rook van kookvuren.

Het is een paradox dat in Nederland op zonnige dagen door hobbyisten eten wordt gekookt in een box cooker. Van half maart tot half oktober kan dat gewoon!

In ontwikkelingslanden, waar de mogelijkheden en de noodzaak vele malen groter zijn, gebeurt het slechts bij uitzondering. Grote organisaties zeggen dat het buiten de doelstellingen valt.

Culturele gewoonten bemoeilijken vaak de introductie. De mensen die koken op zonnestralen het hardst nodig hebben, hebben meestal ook de minste centen.

Verder zijn het in veel culturen de mannen die bepalen wat er wordt aangeschaft. Bekend is het probleem van de organisatie die aan de dorpshoofden voorstelde een waterput te slaan. Daar hadden zij geen belangstelling voor. Er is geen waterprobleem in het dorp, want dat halen de vrouwen. Hoeveel uur zij daarvoor moesten lopen, was niet van belang.

Die situaties doen zich ook voor bij projecten met solar cookers. Er zijn projecten gestopt omdat de plaatselijke chief in de houthandel zat en de solar cooker een gevaar was voor zijn handel. Als de overheden in ontwikkelingslanden het nut van koken op zonnestralen gaan inzien of als het door het Westen aantrekkelijk gemaakt wordt, openen zich veel mogelijkheden die de introductie vergemakkelijken. Te denken valt aan introductie op scholen, de media, sprokkelverboden enzovoort.

Voordeel van de box cooker is dat hij uit eenvoudige materialen bestaat en in elk land of streek gemaakt kan worden. Het maakt de mensen voor hun brandstof minder afhankelijk van plaatselijke of internationale energieleveranciers. Doordat ze op alle plaatsen gemaakt kunnen worden, is een cookerproject ook minder corruptiegevoellig.

De Duitse ir. Horst Rettberg, voor Trans World Radio manager van een boxcookerfabriekje in Nairobi (Kenia) rekende in 1999 al uit hoeveel CO2 er dankzij een box cooker minder de lucht in gaat.

Horst Retberg deed een onderzoek naar de hoeveelheid hout die per persoon per jaar wordt gebruikt. Hij ging uit van 1 kilogram hout per persoon per dag. Hij wilde realistisch zijn, en stelde dat slechts de helft van de tijd met de box cooker gekookt werd. Een rekensom leert dan dat per persoon 360 kilogram hout nodig is. Wordt de box cooker slechts voor de helft van de dagen gebruikt, dan is dat per persoon 180 kilogram hout.

Volgens cijfers van het ministerie van Ontwikkelingssamenwerking hebben 800 miljoen mensen gebrek aan brandhout. Als die het eerst aan een box cooker geholpen zouden worden, zou dat 144 miljoen ton hout (800 miljoen mensen maal 180 kilo hout) uitsparen bij gebruik van slechts 180 dagen per jaar. Omdat er vaak ook ’s morgens vroeg, als de zon nog niet schijnt, wat warm gemaakt moet worden, en omdat er daar nog geen thermoskannen zijn, wordt er voor dat ochtendgebruik nog eens 20 procent extra afgetrokken. Er blijft dan nog 116.000.000.000 kilo hout over dat niet verbrand gaat worden.

Om uit te rekenen hoeveel CO2 dat bespaart wordt dit vermenigvuldigd met 1,167. Het zou betekenen dat 135 miljoen ton CO(in2( per jaar bespaard zou worden als de mensen die gebrek hebben aan brandstof aan een box cooker werden geholpen. Volgens het verhaal van het ministerie koken 2 miljard mensen op hout. Stel dat de overige 1,2 miljard mensen de helft van het jaar ook de box cooker gingen gebruiken, dan zou dat 350 miljoen ton CO2 per jaar besparen.

Is er een rekenfout gemaakt? Is het de moeite waard om box cookers, die vijftien jaar meekunnen, te introduceren? De kosten van een cooker voor vijf personen bedragen 50,00 euro. Een cooker voor tien tot vijftien personen (BC122) kost 110 euro.

Finland gaat een groot solarcookerproject opzetten in China. Jammer dat er voor kleinere projecten nog geen CO(in2(-emissiecompensatie te krijgen is. Zou de box cooker een te eenvoudig apparaat zijn voor hoge ambtenaren en geleerde heren die klimaatconferenties bezoeken?

De auteur is lid van de werkgroep Solar Cookers Sliedrecht.


Dossier:
Verstuur dit artikel naar:
 *
 *
 *
 *
 
Knipsels
    Meer uit deze rubriek