De winkelier is kennelijk breed georiënteerd. Hij kent de nationale dag van Maleisië, de dag van de Verwoesting van de Tempel en de Belgische hopfeesten. Iedere week is er in de wereld wel iets te vieren en ter gelegenheid daarvan zet de bedrijfsleider op zondag zijn winkeldeuren wagenwijd open. Gelijk heeft hij, zo stelt nu de voorzieningenrechter.
Toen de Winkeltijdenwet in 1996 werd aangenomen, maakten de christelijke partijen en de PvdA zich sterk voor het opwerpen van drempels die ongebreidelde zondagsopenstelling moesten belemmeren. Twaalf zondagen per jaar mogen zaken open zijn. Daarnaast biedt de wet een uitzonderingsbepaling voor winkels in toeristische gebieden.
In de achterliggende twaalf jaar is de wet stukje bij stukje uitgehold. Gemeenten waar normaal gesproken geen toerist een uur zou willen vertoeven, blijken ineens ongekende trekpleisters te zijn. Met als gevolg dat de winkels in die plaats op zondag open kunnen.
Zaken die levensmiddelen te koop aanbieden, hebben een andere maas gevonden. De wet biedt ruimte aan zogenoemde avondwinkels om ook op de eerste dag van de week open te zijn. Want ja, mensen moeten ook op zondag op tijd hun natje en droogje kunnen halen.
Protesten tegen de gegroeide en getolereerde praktijk hadden onder voorgaande kabinetten nauwelijks effect. Christenen voor wie de zondag een gewijde dag is waarop mensen mogen rusten van hun werk en de kerk kunnen bezoeken, zagen deze ontwikkeling met lede ogen aan en verhieven hun stem. Den Haag luisterde niet en liet de ontwikkeling maar gaan.
Maar niet alleen christelijke partijen als CU en SGP hadden bezwaren, ook vertegenwoordigers van bijvoorbeeld de SP. Zij willen op zondag rust in het jachtige bestaan.
Het huidige kabinet beloofde de wildgroei van zondagsopenstelling op grond van de toerismebepaling tegen te gaan. Minister Van der Hoeven van Economische Zaken heeft een voorstel voor aanscherping van de Winkeltijdenwet ingediend. De Raad van State acht die aanscherping overbodig, want de bestaande wetgeving biedt volgens dit college voldoende mogelijkheden om uitwassen tegen te gaan.
De Raad heeft volkomen gelijk. Het gaat niet om weer nieuwe maatregelen, maar gewoon om het naleven van de regels. Daar schort het aan. De regering heeft dat laten lopen en daarmee is de wet uitgehold. De Haagse voorzieningenrechter heeft gisteren daarbij opnieuw een duit in het zakje gedaan. Conclusie: er bestaat een Winkeltijdenwet, maar die kunnen winkeliers met instemming van de rechter gewoon aan hun laars lappen.