Bezoek ook andere websites van de Erdee Media Groep

Christen na de kredietcrisis: door samenleven overleven

In de Waalse kerk in Den Haag wordt iedere derde dinsdag van de maand een residentiepauzedienst gehouden. Een Haagse predikant spreekt daarin een meditatie uit, waarna een politicus van een van de christelijke partijen een korte toespraak houdt. Dinsdag 21 oktober sprak Kathleen Ferrier (CDA).
Het lijkt wel of de persoon die het jaarthema voor de residentiepauzediensten bepaald heeft, een helderziende blik had. Zij of hij heeft in ieder geval een vooruitziende blik: Christen in de wereld: samenleven en overleven. Actueler kan het namelijk niet.

Wie vandaag de dag over de Nederlandse dijk durft te kijken, ziet een wereld die getroffen wordt door de ene crisis na de andere. We hebben te maken met de gevolgen van klimaatverandering. Daarbij kwam een voedselcrisis, er is een nijpend -maar nog steeds onderschat- watertekort en ook energie wordt steeds schaarser. Alleen al deze crises zullen vroeg of laat tot een pandemie van een of andere infectieziekte leiden.

En daarbij komt dan ook nog eens een financiële crisis. Hoe snel kan het gaan: toen we na Prinsjesdag, nog maar een dikke maand geleden, in de Kamer de algemene politieke beschouwingen hielden, zag onze wereld er ánders uit. Niet dat de voedselcrisis, de klimaatverandering en de water- en energieschaarste er toen niet waren, nee, maar het was toen nog vooral een ver-van-mijn-bedshow. Nu, door de financiële crisis, verandert er veel. Daarom zeg ik dat met name deze laatste crisis ons allen noopt tot werkelijk samenleven als enige manier om te overleven.

Want met deze financiële crisis, die óns nu eens harder treft dan de andere crises waarmee wij te maken hebben, worden twee zaken glashelder: dat de afhankelijkheden en machtsverhoudingen in de wereld zijn veranderd en dat de verschillende crises voortkomen uit dezelfde wortel, dezelfde oorsprong hebben. Ik wil daar kort op ingaan.

Machtsverhoudingen en afhankelijkheden zijn veranderd. Betrokkenheid bij mensen ver weg, ontwikkelingssamenwerking of, van nog langer geleden, ontwikkelingshulp, deed je uit morele overwegingen. De mensen daar hadden immers veel minder dan wij. Simplistisch werd er geredeneerd: zij zijn arm en wij zijn rijk en als goed christen deel je dan van wat je hebt. In de praktijk was dat vaak: je deelt van wat je overhebt, omdat de meesten van ons te veel hadden; er was en is overvloed. Het morele motief voor betrokkenheid bij mensen ver weg moet, naar mijn mening, ten diepste gestoeld zijn op het besef dat ieder mens onze gelijke is; we zijn immers allen geschapen naar Gods beeld en gelijkenis.

Maar daarnaast hebben we vandaag de dag echter ook nog een welbegrepen eigen belang om ons te bekommeren om het welzijn en de ontwikkeling van mensen ver weg. Honger en armoede bedreigen immers ook onze stabiliteit, omdat die leiden tot conflict, vluchtelingen, migratie. Bovendien: veel van de rijkdommen van de wereld bevinden zich in het zuiden en niet in het noorden. Ik hoef maar te denken aan energie. Fossiele brandstoffen raken op, in het zuiden is zonlicht in overvloed.

Daar komt nu bij dat we Afrika misschien nog wel veel harder nodig hebben dan we ons onlangs op Prinsjesdag konden voorstellen. Afrika kon ons wel eens het vliegwieleffect bezorgen dat we hard nodig hebben om onze economieën weer op te krikken en dus nu óns te hulp schieten. Afrika staat enigszins buiten de wervelstorm van de financiële crises en kan er dus minder geschonden dan wij uitkomen.

Daarom moeten we ervoor waken als rijke donerende landen in dit soort situaties in ons oude patroon te vervallen, en dat is: als het moeilijk wordt sluiten we ramen en deuren, hogen we dijken op en kijken we eerst naar onszelf en dan, veel later pas, over de dijk.

Het domste dat we kunnen doen is de gevolgen van de kredietcrisis op Afrika af te wentelen. Wat wij nu onder ogen moeten zien, is dat ons systeem gefaald heeft en dat we, om te overleven, samen moeten leven én delen met alle mensen, ook mensen ver weg.

Het systeem heeft gefaald, hiermee kom ik op mijn tweede punt. Alle crises hebben dezelfde oorsprong, want ze zijn terug te voeren op onze levenshouding. Een levenshouding van nooit genoeg, een levenshouding die geen grenzen accepteert. Hiermee is ons financiële systeem uit elkaar geknapt en zijn we de draagkracht van onze planeet ver te boven gegaan. Gevolg: klimaatverandering, voedselcrisis en schaarste, op gebied van water en energie. Om te overleven, broeders en zusters, zullen we werkelijk moeten sámenleven. Dat betekent niet alleen eerlijk delen van de rijkdommen die onze aarde ons allemaal geeft, maar ook: ons afhankelijk en kwetsbaar durven opstellen. De financiële crisis dwingt ons daartoe. En biedt ons daarom, ondanks alle onzekerheid en ellende, ook kansen.

Voor mij, als politicus die haar dagelijks werk doet vanuit de inspiratie van het Evangelie, is de leidraad het visioen, het ideaal van een eerlijker wereld, waarin mensen waar ook ter wereld gelijke kansen krijgen om te worden zoals ze bedoeld zijn. Niet alleen uit strategische overweging, maar allereerst vanuit liefde voor de medemens, zoals Jezus ons dat heeft voorgeleefd.

Ook voor ons, politici hier in Den Haag, biedt de kredietcrisis, een tijd waarin het onvoorstelbare voorstelbaar blijkt, kansen om ons te bezinnen en terug te keren tot de basis, waarom we doen wat we doen, dat visioen. Niet de peilingen, niet het politiek gewin, niet het scoren in de media en niet de waan van de dag moeten ons leiden, maar datgene waar het om gaat: werken aan een wereld waarin we onbevreesd, bewust van de aanwezigheid in en voor ons allen van de Eeuwige, ons kwetsbaar durven opstellen en opkomen, gedreven door liefde, voor onze idealen. Werkelijk sámen, werkelijk léven.

De auteur is lid van de Tweede Kamerfractie van het CDA.


Dossier:
Verstuur dit artikel naar:
 *
 *
 *
 *
 
Knipsels
    Serie
    Residentiepauzediensten
    Meer uit deze rubriek