Zending met laagdrempelige insteek
Het zat er al lange tijd aan te komen, zegt Moerman, die al vanaf 1996 bij Kimon betrokken is. „Het werk is altijd in de avonduren gedaan, tot diep in de nacht vaak, terwijl het zich uitbreidende werk vroeg om een meer structurele invulling. We hebben het gevoel dat er nu een omslagpunt is bereikt. Lange tijd was het budgettair niet verantwoord om een parttimer aan te stellen, maar het is nu onverantwoord geworden om het níet te doen. Het jaarbudget van Kimon schommelt rond de 200.000 euro. „We hebben nu zes medewerkers in het buitenland zitten, van wie je de belangen goed moet behartigen.”
Een derde weektaak is eigenlijk te weinig, erkent Moerman, maar via het gunstig indelen van zijn lessen aan het ROC Flevoland kan hij bijna twee dagen vrijmaken voor het werk voor Kimon. Door de uitbreiding van de functie kan er bijvoorbeeld meer gedaan worden aan projectbegeleiding en fondswerving. „Daarvoor is nooit voldoende mankracht geweest.”
Sponsorclub
Stichting Kimon begon in 1991 en stond aanvankelijk vooral bekend als sponsorclub voor Janneke Hulst in Brazilië. Zij werkte onder straatkinderen in de sloppenwijken in Rio de Janeiro. Het werk is van lieverlee gaan groeien. Kinderhulp Mondiaal doet haar naam eer aan en is momenteel actief in onder meer Bangladesh, Guinee-Bissau, Zambia en Zuid-Afrika. De laatste vrijwilligers die uitgezonden werden, zijn het echtpaar Ida en Erwin Born. Zij verkochten een goed lopend bedrijf in Lelystad om een opvangcentrum voor aidswezen bij Kaapstad te beginnen.
Het werk wordt tot op heden vrijwel uitsluitend gedragen door scholen, kerken en particulieren uit de breedte van de reformatorische gezindte. De veldwerkers dienen een eigen sponsorkring op te bouwen die hen voor minimaal drie jaar financieel onderhoudt. Deze formule lijkt goed te gaan werken, zegt Moerman. „Vroeger moesten de kosten betaald worden uit het algemene budget. Bij de oude medewerkers is dat nog wel zo gehandhaafd.”
Moerman noemt als voorbeeld van een recente sponsorkring die van Anneke van Asselt uit Uddel. Een vriendenkring vanuit de gereformeerde gemeente in Nederland daar heeft zich voor haar werk garant gesteld. „Ze heeft een razend enthousiaste achterban die haar voor minimaal drie jaar wil steunen. Uitgaande van zo’n 1000 euro kosten per maand, kost het hen wel een bedrag van ruim 35.000 euro.”
Op de oproepen in de advertenties krijgen we verrassend veel reacties, zegt Moerman. „Was men vroeger voorzichtig om te spreken van roeping, nu komen mensen spontaan naar ons toe met de mededeling dat ze een roeping hebben, alleen is hen nog onduidelijk waar dat precies is.
We zijn met onze toelatingseisen vrij laagdrempelig, hoewel een psychologische keuring onderdeel uitmaakt van de procedure. Maar als mensen een bepaalde opleiding hebben, bijvoorbeeld op medisch of sociaalpedagogisch terrein, kunnen ze bij ons terecht voor een oriënterend gesprek.”
Uitzendingen
Kimon zendt mensen uit, wat steeds minder organisaties doen, aldus Moerman. „We worden op dit punt een uitzondering. Niettemin blijft de opdracht ”Ga heen” actueel. Dat nemen we dan ook letterlijk. Dat is niet het gemakkelijkst, wel het mooist. Het uitzenden ligt soms gevoelig als kerken hun eigen kanalen voor zending en evangelisatie hebben. Toch zien we het liefst dat er een gemeente achter de veldwerker staat. We noemen de dienst waarin onze veldwerkers uitgezonden worden dan geen officiële uitzenddienst. Wel wordt een uitzendingsformule uitgesproken en de uitzending geschiedt door Kimon”, aldus Moerman, die lid is van de gereformeerde gemeente te Lelystad.
Kimon schrijft jaarlijks alle kerkenraden in de gereformeerde gezindte aan om steun voor haar werk. „De respons is over het algemeen groot. Soms krijgen we een brief van een kerkenraad die meedeelt dat zij alleen haar eigen deputaatschap steunt. Er zijn mensen die zeggen dat het Woord zijn vrije loop moet hebben, los van kerkelijke kanalen, terwijl anderen vinden dat het zendingswerk kerkelijk ingekaderd moet worden. Kimon opereert in een spanningsveld tussen deze twee opvattingen.”
Als de kerken in het verleden bepaalde activiteiten hebben laten liggen, is het niet verwonderlijk dat stichtingen dat nu oppakken, vindt Moerman. „Soms zijn kerken blij dat dit gebeurt waardoor zij op deze wijze het werk gemakkelijk kunnen steunen. Als je met officiële kerkelijke kanalen in aanraking komt, kan het soms moeilijk zijn om uitgezonden te worden. Ik voel me erg aangesproken door de woorden: „Ik zal u vissers van mensen maken.” Dat is een opdracht en een belofte tegelijk. Vandaar ook ons motto: ”Vissers van mensen”.”
Hulpverlening
Hulpverlening als kanaal voor evangelisatie, zo vat Moerman de doelstelling van Kimon samen. „Ons werk is niet zozeer een kwestie van het sturen van een vrachtwagen om hulpgoederen af te leveren, maar we mobiliseren mensen. Het gaat om hulp van hart tot hart. Noem het maar een soort Jeugd met een Opdracht voor de gereformeerde gezindte.”
De nood onder kinderen wereldwijd gaat ons allemaal aan, aldus Moerman. „Dan denk ik aan de duizenden kinderen die in de straten van de wereldsteden zwerven, maar ook aan de kinderen van de savanne of het oerwoud die nog altijd verstoken zijn van de goede boodschap. In Zuid-Afrika sterft door de aidsepidemie een hele generatie uit. Het aantal aidswezen is hierdoor explosief toegenomen.
We worstelen altijd met de opdracht: „Hoe kun je veel doen voor weinig geld?” Ons magazine ”Discipel”, dat een belangrijke informatiebron vormt, heeft 4000 lezers. De achterban is trouw. En als er steun voor projecten gevraagd wordt, vertrouwen we erop dat daarin zal worden voorzien.”