Algemeen

Schuilkelder voor half Maastricht

Schuilkelder voor half Maastricht -  Verschillende restanten in de groeve van de Sint-Pietersberg herinneren aan de tijd dat de grotten dienstdeden als schuilkelder. Zo staan er nog bakovens, die aan het eind van de Tweede Wereldoorlog duizenden Maastrichtenaren hadden moeten voorzien van voedsel. Foto RD
 1 van 2  

Verschillende restanten in de groeve van de Sint-Pietersberg herinneren aan de tijd dat de grotten dienstdeden als schuilkelder. Zo staan er nog bakovens, die aan het eind van de Tweede Wereldoorlog duizenden Maastrichtenaren hadden moeten voorzien van voedsel. Foto RD

De plannen waren serieus. Hier, in de mergelgrotten bij Maastricht, zouden 47.500 inwoners van de stad een veilig heenkomen moeten kunnen zoeken zodra het oorlogsgeweld uitbrak. Zo ver is het nooit gekomen: de schuilkelder is slechts op veel kleinere schaal in gebruik geweest. Toch vertelt de Sint-Pietersberg zestig jaar na dato nog een interessant verhaal over het laatste oorlogsjaar in Zuid-Nederland.

Het is een bekende heuvel, daar aan de boorden van de Maas. De meer dan 100 meter hoge Sint-Pietersberg geldt als een herkenningspunt voor vakantieverkeer op de autosnelweg A2. Het is een kleine moeite om vanaf de A2 op het hoogste punt van de berg te komen.

Wie de stad Maastricht even de rug toekeert, raakt onder de indruk van het fraaie landschap. De Sint-Pietersberg is eigenlijk een plateau, dat wordt begrensd door de rivieren de Maas en de Jeker. Het uitzicht is vanaf verschillende punten indrukwekkend.

Vuurlinie

Een metersdikke laag van zand, grind en löss bedekken de kalksteenlagen die daaronder liggen. Vanaf de dertiende eeuw hebben mensen hier mergel gewonnen ten behoeve van de bouw. Dat resulteerde in een labyrint aan gangenstelsels, 30 meter onder de grond. Het stelsel in de Sint-Pietersberg telt zo’n 2000 gangen, die variëren van 2 tot 10 meter hoogte. De breedte ligt tussen de 3 en 5 meter. De totale lengte van al die gangen bij elkaar bedraagt zo’n 230 kilometer.

Een ideale schuilplaats in het geval dat Maastricht in de vuurlinie zou komen te liggen, zo stelden de plaatselijke overheid en de Duitse bezetter in de oorlogsjaren vast. Zij lieten architect Harry Koene een plan uitdokteren, dat moest voorzien in de opvang van 47.500 Maastrichtenaren op het moment dat de geallieerden in aantocht waren. „Ongeveer de helft van de stadsbewoners”, vertelt gids Paul Jonas terwijl hij met twee gaslampen in de hand de grotten binnenwandelt.

Na drie, vier keer afslaan, zijn bezoekers het spoor volledig bijster. Alles lijkt op alles hier onder de grond. Zonder licht is de desoriëntatie compleet. „De Duitsers durfden niet alleen de grotten in”, weet Jonas. Ze zouden al te gemakkelijk een schietschijf vormen voor het plaatselijke verzet, mannen en vrouwen die de Sint-Pietersberg wel op hun duimpje kenden.

Het inrichten van een schuilkelder kon met hulp van de plaatselijke bevolking doorgaan. Aan alles was gedacht. Verschillende restanten herinneren nog aan die tijd. Zo zijn er drie Probat-bakovens uit Emmerich te zien. Jonas: „Het idee was om vijf van die ovens te bouwen, waar 10.000 broden per dag uit zouden moeten komen.”

Zo ver is het niet gekomen. ’Slechts’ 8000 mensen bivakkeerden vlak voor de bevrijding van Maastricht -in september 1944- tien dagen onder de grond. Dat wil zeggen: de mannen gingen overdag naar hun werk, de kinderen speelden zolang het veilig was bovengronds. „’s Nachts sliepen ze hier met zijn allen”, aldus Jonas.

Straatnamen

Tal van muurschilderingen laten het verleden spreken. De familie Beeckman kerfde op 12 september 1944 een inscriptie in de mergelwand. Een schippersgezin, zo blijkt uit de toevoeging dat het schip ”Jozeph” heette. ”Chrijsantenstraat”, zo wordt even verderop een van de gangen genoemd. Jonas: „De gangen kregen straatnamen, net zoals in de stad. De mensen die dicht bij de Sint-Pietersberg woonden, moesten het diepst de grotten in. Enzovoort.”

Een onooglijk hokje diende als huisvesting voor de lokale omroep. Een wat ruimer bemeten nis was ingericht als rooms-katholieke kapel. Een soort altaar met kruis zijn er nog steeds. Jonas: „Recent is hier nog iemand getrouwd, maar dat was slechts eenmalig. De kerken zijn arm en hebben die plechtigheden liever in hun eigen gebouwen.”

Op verschillende punten staan enorme rioolbuizen opgesteld, die als waterreservoirs dienden. „Daar kon per stuk 3000 liter water in. De watervoorraad kon worden opgevoerd naar 27.000 liter”, vertelt Jonas. Sleuven in de wand -nog steeds goed zichtbaar- waren bedoeld voor het plaatsen van schotten. „En dan had je toiletten. Nou ja, meer dan een goot tegen de wand was het niet. Had je je behoefte gedaan, dan ging daar een schep zand over en klaar was Kees.”

Volgens Jonas toonden de tien dagen dat de groeve daadwerkelijk in gebruik was als schuilkelder aan dat de opvang van bijna 50.000 mensen praktisch onmogelijk was. „Met 8000 bewoners waren er al problemen met onder meer de hygiëne. Ook twee vliegtuigmotoren bij de ingangen die voor de luchtcirculatie moesten zorgen, hadden niet genoeg capaciteit.”

Hoogzwanger

Dat het gewone leven ook tijdens tien spannende laatste oorlogsdagen doorging, bewees de hoogzwangere Regina Beks-Kerkhoffs. Diep onder de grond, in de buurt van de grotkeukens -„daar was het lekker warm”- beviel ze van haar zoon Frits. Op zijn vijftigste verjaardag kwam Frits Beks nog één keer terug in de grotten om een plaquette te onthullen die dit deel van de grottengeschiedenis levend moet houden. De houtskooltekening is haarscherp; zolang mensen er met hun vingers afblijven, is de kwaliteit van de plaat gegarandeerd, dankzij de constante temperatuur -10 tot 11 graden- en de hoge luchtvochtigheidsgraad in de groeve.

Wie even later weer buiten tegen het felle zonlicht in staat te knipperen, kan zich eigenlijk nauwelijks een voorstelling maken van dagelijks leven zo ver onder de grond, in een mysterieus gangenstelsel. Boven op de Sint-Pietersberg staat één aanwijzing voor de schuilkelder: een betonnen koker. „Dat is de schoorsteen van de bakkerij beneden”, doceert Jonas. Een groepje toeristen marcheert naar beneden. Op naar nog meer verhalen op 30 meter diepte.

Voor meer informatie over rondleidingen door de grotten in de Sint-Pietersberg: tel. 043-3252121 en VVV Maastricht.


Dossier:
Verstuur dit artikel naar:
 *
 *
 *
 *
 
Knipsels