De Jacoba Alijda (UK 268) kwam in augustus 2005 op de Noordzee in aanvaring met de Griekse tanker Shinoussa.
De Urker schipper en zijn bemanning werden gered, maar hun schip ging verloren.
De Raad voor de Scheepvaart concludeerde medio 2006 dat de Urker bemanning geen blaam trof voor de aanvaring. Wel zijn er aanmerkingen te maken op de samenstelling van de bemanning, die behalve de schipper uit vijf Polen bestond. De Pool die de bewuste nacht wacht liep, beschikte niet over papieren die in Nederland erkend zijn.
Betrokken verzekeringsmaatschappijen willen geen schade uitkeren omdat er niet is voldaan aan de polisvoorwaarde van een bemanning met in Nederland geldige papieren. De familie zou niet op de hoogte zijn geweest van de polisvoorwaarde. De schipper en zijn familie zitten figuurlijk aan de grond door het verlies van de kotter. De advocaat van de familie ziet het kort geding als laatste uitweg.