Het raadslid kan zich tot op zekere hoogte gesteund voelen door directeur van het wetenschappelijk instituut drs. J. A. Schippers. Eerder op de avond heeft hij er, in zijn introductie van het jubileumboek, op gewezen: de SGP is de afgelopen 90 jaar minder een getuigende en meer een politieke partij geworden. Voor Schippers heeft die vaststelling echter geen negatieve connotatie. Het is meer een teken van volwassen worden.
Getuigen is een thema dat in geen enkele partij zo speelt als in de SGP. G. J. Schutte, oud-GPV-leider en hoofdspreker op deze avond, heeft in zijn politiek actieve periode nooit aandrang gevoeld het katheder in de Tweede Kamer als preekstoel te gebruiken. „Het ”Land, land, land, hoort des Heeren Woord” hoort op een andere plek thuis.”
Dat neemt niet weg dat christelijke politici herkenbaar moeten zijn, vindt hij. Als voorbeeld noemt hij zijn oud-collega Van Middelkoop. „Als ik op televisie Eimert van Middelkoop zie -van wie ik, toen hij nog fractiemedewerker was, natuurlijk nooit gedacht had dat hij deze post zou gaan bekleden-, en ik hoor hoe hij als minister van Defensie subtiel verwijst naar een woord van de apostel Paulus of naar de mozaïsche wetgeving, dan vind ik dat heel mooi. Zo geef je beslist ook een getuigenis.”
SGP-leider Van der Vlies ontkent niet dat zijn partij als geheel minder getuigend is geworden. „Maar voor mezelf wil ik het element van getuigen er heel nadrukkelijk bij houden.”
Hij erkent dat de wijze van getuigen anders is geworden, door de veranderde context waarin SGP’ers opereren. Hij wijst op een van zijn eerste redevoeringen als Utrechts Statenlid. „Ik stond daar met knikkende knieën en verwees naar wat mij ten diepste dreef. Na afloop kwam een tweetal collega’s, onder wie een VVD’er, naar mij toe. De een zei: Zo bracht de oude AR het ook. De ander: Mijn oma zou het net zo gezegd hebben. Daar was herkenning.”
Jaren later ging het in de Tweede Kamer al anders. „Ergens in de jaren negentig droeg ik op gedichtendag ’mijn’ gedicht voor: een psalm. D66-Kamerlid Stefanie van Vliet schoot me na afloop aan en vroeg me er wat over. Ik zei: Je kunt het trouwens thuis nalezen. Het staat in de Bijbel. Ze zei: Die heb ik niet. Dat schokte me zeer.”
Het incident kreeg nog een staartje. „Ik heb haar een Bijbel gegeven en gezegd: Nu moet je er ook in lezen. Dat heeft ze gedaan. Maar nu was zij op haar beurt geschokt. Bas, wat moet ik hiermee? Wat een bloederige verhalen, wat een haat en wraak! Hier was dus heel weinig herkenning meer van ons gedachtegoed.”
Is Van der Vlies zich er niet van bewust minder te getuigen dan vroeger, SGP-hoofdbestuurslid ds. H. van den Belt ziet het getuigenis dat van de partij uitgaat eerder toenemen dan afnemen. „Nog nooit in de geschiedenis van de SGP is zij zózeer een getuigenispartij geweest. Niet doordat wij veranderd zijn, maar doordat de omgeving anders is geworden. De oude SGP-Kamerleden werden vaak aangehoord vanuit de houding: Ja, ja, dat kennen wij van hen en verwachten wij van hen. Nu ligt dat heel anders. Bovendien is ons bereik, door verstandig gebruik van de moderne media, veel breder geworden.”
Trouwens, wat ís getuigen? Dr. R. Seldenrijk, bestuurslid van het wetenschappelijk instituut van de SGP, sluit zich aan bij kerkvader Augustinus: „Ik evangeliseer altijd. Sóms met woorden.”