Het Mensenrechtencomité toonde zich in 2001 „uiterst bezorgd” over de euthanasiewet, omdat die onder meer kon leiden tot „routine.” Net als toen pleitten nu enkele comitéleden voor een toetsing voorafgaand aan levensbeëindigend handelen.
Dit kabinet heeft besloten ministers te sturen naar dit soort internationale comités om te laten zien welk belang de regering eraan hecht. Voorheen werd het overgelaten aan ambtenaren.
De manier waarop eerdere kabinetten na 2001 omgingen met de VN-kritiek op de euthanasiewet was nooit werkelijk serieus en heeft bij mensenrechtendeskundigen wel eens verbazing opgeroepen.
De minister verdedigde woensdag dat de financiële subsidie aan de SGP niet strijdig is met de politiek van gelijkwaardigheid. Enkele organisaties die streven naar stopzetting van SGP-subsidiëring hadden bij het comité geklaagd. Volgens de minister is de SGP met „slechts 2 van de 150 zetels” geen bedreiging voor de mensenrechten in Nederland.
Het VN-comité ontleent zijn gezag aan de deskundigheid van de leden. Alle VN-lidstaten worden regelmatig gevraagd een toelichting te geven op problemen in hun land. Eind deze maand komt het comité met een eindrapport.