Met een wetswijziging wil het kabinet het misbruik tegengaan dat gemeenten maken van de Winkeltijdenwet door met een dubieus beroep op toeristische aantrekkingskracht meer koopzondagen toe te staan dan het maximum van twaalf.
Uit de recente schriftelijke inbrengen van CDA en PvdA bij dit wetsvoorstel „snuift” Slob „voorzichtig op” dat de partijen „een pas op de plaats zouden willen maken” met het oog op de administratieve lastendruk en het werkgelegenheidsverlies dat wetswijziging zou impliceren.
Slob: „Laat ik hierover maar duidelijk zijn: de CU staat op een spoedige uitvoering van de gemaakte afspraak. Het past daarin niet om gemeenten die al jarenlang misbruik maken van de wet buiten deze aanpak te plaatsen, zoals de PvdA schijnt voor te stellen. Dat is ook niet eerlijk naar gemeenten die zich wel aan de wet hebben gehouden.”
In een interview met deze krant stelt PvdA-Kamerlid Smeets zaterdag het kabinetsvoorstel om de Winkeltijdenwet te wijzigen te steunen, maar er ook „veel vragen” bij te hebben. Ze verwacht daarom niet dat het voorstel snel zal worden „afgehamerd.”
Als er zwaarwegende economische argumenten zijn, moet de wetswijziging wat de Pvda betreft kunnen worden aangepast. Smeets: „Werkgeverskoepel Platform Detailhandel Nederland stelt dat de wetswijziging 20.000 banen gaat kosten. Nu lijkt dat me wel wat overdreven, maar als uit onomstreden onderzoek zou blijken dat door de wetswijziging een substantieel deel van de werkgelegenheid verloren gaat, moet je jezelf afvragen of dat in de huidige tijd slim is.”
Smeets doet minister Van der Hoeven van Economische Zaken de suggestie om gemeenten die nog voor de verschijning van het coalitieakkoord in februari 2007 het aantal koopzondagen uitbreidden van wetswijziging uit te sluiten. „Er maken nu 157 gemeenten gebruik van de toerismebepaling. Gaan we straks tegen steden als Amsterdam en Den Haag zeggen: je mag opnieuw het onderzoekstraject in? Dat impliceert nogal wat.”