Met vier tegen drie stemmen oordeelden de rechters dat de wetenschappelijke wereld er nog niet uit is of het opvoeden van kinderen door een of meer homoseksuele ouders nadelige gevolgen kan hebben. De meningen over het onderwerp verschillen sterk van land tot land en de wetgeving verkeert in een ontwikkelingsfase, zo werd gezegd. Daarom vindt het hof dat de autoriteiten van de afzonderlijke staten een „ruime marge van toetsing” moet worden gelaten, omdat zij beter dan een internationaal hof in staat zijn lokale omstandigheden en behoeften te evalueren.
Het hof vond wel dat de Fransman die de zaak aanhangig heeft gemaakt geen eerlijk proces had gekregen toen een voor hem gunstige uitspraak in een door de staat aangespannen beroepszaak werd verworpen.