Bezoek ook andere websites van de Erdee Media Groep

Via een smal pad naar volwaardig werk

 UTRECHT – Zoek iemands sterke kanten, communiceer expliciet, bied structuur aan. Dat zijn drie van de twaalf uitgangspunten in ”Werken met autisme”, een boekje dat het Bureau Arbeid volgende week presenteert. De uitgave is onderdeel van het Equalproject ”Mensen met autisme aan het werk”. De personen op de foto hebben geen relatie met dit onderwerp.

UTRECHT – Zoek iemands sterke kanten, communiceer expliciet, bied structuur aan. Dat zijn drie van de twaalf uitgangspunten in ”Werken met autisme”, een boekje dat het Bureau Arbeid volgende week presenteert. De uitgave is onderdeel van het Equalproject ”Mensen met autisme aan het werk”. De personen op de foto hebben geen relatie met dit onderwerp.

UTRECHT - „Op het eerste gezicht kun je denken: Wat een botterik.” Maar wie een mens met autisme „van binnenuit” leert kennen, ontdekt niet zelden een eerlijke, betrouwbare, hardwerkende persoon - en een goede werknemer, weet Tom de Romijn (53) van Bureau Arbeid.
Mensen met autisme hebben hun beperkingen, maar ook hun specifieke sterke kanten. Ze zijn, behalve recht door zee en harde werkers, vaak gemotiveerd, nauwkeurig en gevoelig; ze maken hun taken af en handelen planmatig en consequent. Alleen kunnen die eigenschappen helemaal ondersneeuwen als de persoon bij wie ze horen niet op zijn plek zit, zo blijkt uit de praktijk.

Hoe voorkom je dat ondersneeuwen? En hoe zijn mensen met autisme zo te begeleiden dat ze werk vinden dat ze kunnen houden? Die vragen -met antwoorden- staan centraal in het boekje ”Werken met autisme”, waarvan directeur Fred Stekelenburg van de Nederlandse Vereniging voor Autisme (NVA) volgende week woensdag het eerste exemplaar overhandigd krijgt.

De uitgave is onderdeel van het Equalproject ”Mensen met autisme aan het werk”, gecoördineerd door Bureau Arbeid. Re-integratiebedrijven zien de groep klanten met autisme groeien. Maar er zijn nog weinig goede begeleidingsmethodes beschikbaar. Daarom bundelde Bureau Arbeid twaalf methodische uitgangspunten.

Een van de jobcoaches die aan de bundel meewerkten, is Tom de Romijn van Bureau Arbeid in Utrecht. Als een ontdekkingsreis, zo ziet hij de zoektocht met zijn cliënten naar geschikt werk. „Je moet heel op maat gesneden aan het werk. Een beroepskeuzetest kan zinnig zijn, maar daarnaast moet iemand met autisme even kunnen meedraaien in de praktijk. Zijn voorstelling van een baan kan ver naast de werkelijkheid zitten.”

Eerst wil De Romijn van zijn klanten weten welke achtergrond ze hebben en wat ze graag zouden willen. Daarna gaan ze samen aan tafel om een werkervaringsplek te zoeken. „Het is niet zo dat we een kaartenbak vol werkgevers hebben die mee willen werken. Het is zelfs moeilijk om ze te vinden. Het is veelal een kwestie van bladeren in de Gouden Gids, zoeken op internet en een enorm lange adem.”

Hoe het traject verder verloopt, is nooit te voorspellen. Een cliënt die na het speciaal onderwijs aangaf in een garage te willen beginnen, had na drie uur bellen een werkervaringsplek. Het klikte. Nu werkt hij er vier dagen en gaat hij één dag in de week naar school. „Dat was kort en efficiënt.”

Het kan ook anders. De Romijn noemt het voorbeeld van Jacques uit het ”Werken met autisme”-boekje. „Hij zou graag met hout werken, het liefst buiten in het bos. Bomen rooien, hout stapelen, wilgen knotten. Het leek hem het mooiste werk dat er is.” Maar de werkelijkheid zag er anders uit dan de droom. Het bos was koud, de bosmaaier maakte herrie.

De jongen ging daarna naar een ict-bedrijf. Na twee weken besloot hij dat hij hier te veel binnenzat. Daarna werkte hij kort bij een schildersbedrijf, maar na vier weken zei de schilder ”het spijt mij” en zegde de overeenkomst op. Ten slotte kwam Jacques bij een constructiebedrijf. „Dat was eigenlijk ook niet succesvol. Nu werkt hij als vrijwilliger in een dagactiviteitencentrum. Daar lijkt het nu even bij te blijven. Betaald werk is te hoog gegrepen op dit moment.”

De kunst bij dit alles is om mensen niet te overvragen én niet te ondervragen, zegt De Romijn. „Daartussen loopt een smal pad dat je moet proberen te bewandelen. Dat kan heel moeilijk zijn.”

Op de vraag hoe dringend meer aandacht voor autisme op de werkvloer is, zegt hij: „Voor mij is dat bijna een levensvraag. Ik vind dat ieder mens er recht op heeft zijn kwaliteiten te benutten. Ik zie nu mensen die zich veel volwaardiger voelen omdat ze op de juiste plek terechtkomen.”

Hij noemt de sterrenkundige die jarenlang postbode was. „Hij kwam bij mij en ik ontdekte zijn sterrenkundige achtergrond. We bezochten een professor op dat gebied en informeerden naar een mogelijke baan. Die deed hem een onderzoeksvoorstel. „Dit wil ik helemaal niet”, zei mijn cliënt direct. Ik vroeg de professor of hij zijn voorstel wilde visualiseren. Hij toverde sterren en planeten op zijn scherm en liet zien wat hij bedoelde. Mijn cliënt werd ter plekke zeer enthousiast. Hij doet nu voor het derde jaar onderzoek aan de TU in Eindhoven. Met de professor en de rest van de groep heeft hij alleen per mail contact, hij houdt niet zo van direct communiceren. Maar hij voelt zich geaccepteerd en hoort er helemaal bij.”

Sterk in stiptheid
De sterke kanten van Kenny uit Vianen zijn dat hij stipt nauwkeurig en sociaal is. „En ik kan me erg goed verdiepen in dingen.” Zijn zwakke punten kent hij ook. „Ik vind het lastig hoofd en bijzaken te onderscheiden. En communicatie is soms lastig. Als iemand een grapje maakt zonder erbij te lachen, snap ik hem niet.” Kenny heeft asperger, een vorm van autisme.

Sinds oktober vorig jaar werkt hij als technisch medewerker bij een licht en geluidsbedrijf. Eerder volgde hij een mbo opleiding elektrotechniek, daarna had hij een technische baan. Vanaf april 2006 zocht hij werk. Jobcoach Tom de Romijn begeleidde hem daarbij.

Licht en geluid hebben Kenny’s volle aandacht. Met zijn werk zit het daarom wel goed. „Ik word nu voor een jaar aangenomen.” Verre toekomstplannen maakt hij nog niet. „Je kunt nooit voorspellen hoe iets loopt. Ik moet ook niet te ver vooruit kijken.”

Als Kenny anderen over zichzelf vertelt, vermijdt hij soms het woord autisme. „Je krijgt zo snel een stempel. Mensen denken snel: als je autistisch bent, zul je wel zó zijn. Maar de ene persoon met asperger is de andere niet.”


Dossier:
Verstuur dit artikel naar:
 *
 *
 *
 *
 
Knipsels
    Meer uit deze rubriek