Bedelbrieven
Niet alleen het aantal bedelbrieven, maar ook de manier waarop men geld tracht te werven, roept op zijn zachtst gezegd vragen op. Dan laat ik de irritante telefoontjes, die meestal op een ongelegen moment komen, nog buiten beschouwing. Een aantal jaren geleden kon je bedelbrieven nog zonder protest van je ecologisch geweten in de oudpapierdoos gooien. Tegenwoordig kan dat meestal niet meer vanwege de plastic wikkels, dus moet je eerst aan afvalscheiding doen. En als je er een paar honderd per jaar krijgt, kost dat aardig wat tijd.
Sommige organisaties maken het helemaal bont door cadeautjes mee te sturen. Dat varieert van kaarten en adresstickers tot sleutelhangers. Die laatste zijn trouwens weer uit de mode.
Het toppunt is voor mij een zuster –volgens haar brieven doet ze belangrijk werk in de Filipijnen– die regelmatig geld stuurt. Ik heb op verschillende manieren geprobeerd deze zendingen te stoppen, maar tot nu toe zonder resultaat. Dus steek ik de muntjes, onder het mompelen van een welgemeend dankwoord, tegenwoordig maar in mijn zak. Ik laat het aan het oordeel van de lezer over of dat als een goed doel moet worden beschouwd. Ik geef toe dat het wat generaliserend is, maar ik ga er in het algemeen van uit dat organisaties die hun geld besteden om cadeautjes uit te delen, geen goede rentmeesters zijn, en dus geen steun verdienen.
Het is trouwens wel vaker lastig om van de bedelbrieven af te komen. Soms wordt er helemaal niet gereageerd op mails of brieven en gaan de zendingen gewoon door. Daar moet de overheid wat aan doen. Een wettelijk recht om verschoond te blijven van post van bepaalde organisaties –vergelijkbaar met het bel-me-nietregister voor bedrijven– zou hier nuttig zijn, het liefst met de mogelijkheid van een dwangsom.
Versnippering
Sommige goede doelen stellen hun adressenbestand ter beschikking aan andere organisaties. Als je dan een doel steunt, krijg je als beloning een serie andere bedelbrieven. Dat is kwalijk. Eveneens kwalijk is dat goededoelenorganisaties hun adressen beschikbaar stellen voor commerciële doeleinden, bijvoorbeeld voor het abonnement op een of ander blad.
Het zou nuttig zijn wanneer de goededoelenorganisaties, ook die van christelijken huize, de versnippering trachten terug te dringen, en zich wat beter verplaatsen in de positie van de beoogde gulle gever. Dat zou in ieder geval kosten besparen en misschien valt dan ook de gevreesde inkomstendaling mee.
De auteur is landbouweconoom en oud-lid van de Eerste Kamer.
Reageren aan scribent? nietbijbroodalleen@refdag.nl.