Bussink (65) is administrateur van BZN, de Beleggingsclubs Zonder Naam. „We zijn een studieclub, volgen de markt. Die gaat op en neer, dat is van alle tijden. Natuurlijk hebben we pijn in de portefeuille. Je zult maar weinig beleggers treffen die nu wat verdienen.”
Op de eerste werkdag van deze week, de tweede zwarte maandag op rij, week de gepensioneerde Bussink nauwelijks van het computerscherm. „Als de markt rustig is, zit ik hier niet. Dan weet ik wel wat anders te doen. Ik ben de papegaai van BZN. Heb er alle tijd voor.”
BZN startte eind jaren tachtig en is nu een bloeiende genootschap. In verband met de wet op de beleggingsstudieclubs moest het aantal leden worden opgesplitst. En dus zijn er nu vier Beleggingsclubs Zonder Naam, BZN-1 tot en met 4. Iedere club telt maximaal 25 leden. Ze komen uit plaatsen als Gaanderen, Zeddam, Varsseveld, Zelhem, Hengelo en Doetinchem.
De gemiddelde inleg per persoon schommelt rond de 1200 euro. Wettelijk mag de maximale inleg 9075 euro en 60 cent bedragen.
Bussink is zelf lid van BZN-3. „We doen niet alleen in aandelen, maar ook in opties en andere leuke dingen.” Eén keer per maand komen alle BZN’s bij elkaar. „We vergaderen eerst gezamenlijk en dan per club. Er is een gezonde onderlinge concurrentie. De ene club wil aan het einde van de maand kunnen zeggen het beter te hebben gedaan dan de andere.”
Volgens Bussink is BZN-4 de meest behoudende club. „Zij hebben op dit moment eigenlijk niets in portefeuille. Ja, achteraf kun je dus zeggen dat ze een goed inzicht hebben gehad.”
Het totale fonds van BZN is de laatste dagen 20 tot 25 procent in waarde gedaald. Geen reden voor de nuchtere Achterhoekers om een spoedvergadering uit te schrijven. „Er informeerden wel een paar leden naar de stand van zaken, maar wat moet je? Laat het maar over je heen komen. Als je geschoren wordt, moet je stilzitten. Toch?”
Thuis, achter het computerscherm, geldt deze dagen voor Bussink ”kijken, kijken en niet kopen”. Voor aan- en verkoop is de toestemming van de hele club nodig. „Een particulier stapt pas morgen uit. Als het te laat is.” In de studieclub gaat het vooral om kennisoverdracht. „Rijk word je er niet van.”
Eén ding is zeker, zo weet de vrijetijdsbelegger, er komt een keer een einde aan de vrije val van de koersen. „Wie weet wanneer mag het zeggen”, aldus Bussink. Hij en de andere BZN’ers wachten rustig af. „Dat is het mooie van economie: je kunt er alle kanten mee op.”