Lookwell Bike Fashion ontwerpt en vermarkt motorkleding: pakken, jassen, broeken, handschoenen en laarzen. Afwisselend in leer en textiel en voorzien van veiligheidselementen als inzetstukken en titanium cups. Het assortiment biedt zowel mogelijkheden voor de gentleman die stemmige kledij over zijn driedelige pak zoekt, als voor de sportieve knaap die graag in een flitsende outfit op de weg verschijnt.
„Onze producten zijn te vergelijken met het automerk Volvo”, verduidelijkt de eigenaar. „Veiligheid, functionaliteit, draagcomfort en betaalbaarheid staan bij ons voorop. We bieden geen Ferrari’s en maken geen pulp. Ons textiel mag bijvoorbeeld niet rafelen en het stiksel mag niet loslaten als iemand een keer over het asfalt schuift.” Lookwell is volgens Van Gent een van de weinige bedrijven in Nederland die zelfstandig bezig zijn met een eigen merk motorkleding, eigen ontwikkeling, productie en distributie. „Andere merken combineren motorkleding meestal met sportkleding.”
De onderneming huist in een bescheiden pand op een bedrijventerrein in Eindhoven. De jaaromzet schommelt de laatste zes jaar rond de 4 miljoen euro. „Dit is Philips in het klein”, stelt de directeur. „Marketing, ontwikkeling, management, productie in Azië en beurzen draaien, we doen alles zelf. Met zeven man. Daarnaast werken we met agenten in allerlei landen. Dankzij een klein personeelsbestand kan ik heel plat gaan liggen wanneer er, zoals nu, een harde storm waait.”
Lookwell zoekt het gevecht met concurrenten niet op. „We kiezen voor guerrillamarketing door op een creatieve manier om te gaan met marketing en een hechte band met onze dealers te onderhouden. We werken liever goed met onze veertig dealers in Nederland samen dan dat we op iedere straathoek een verkooppunt willen hebben.”
Van Gent groeide op tussen de motoren. Zijn vader, Willy van Gent, was motorcoureur en runde een motorzaak. In 1991 kwam het toenmalige Raymakers international in de problemen. Jos van Gent vroeg de firma mee te mogen denken. „Vers kapitaal, een modern imago en verdere omschakeling naar productie in lagelonenlanden waren de belangrijkste veranderingen die op de agenda stonden”, herinnert hij zich.
De onderneming maakte een doorstart onder de naam van het huismerk Lookwell. Het bedrijf streeft ernaar 70 procent van de doelgroep te bedienen.
Twee derde van de motorrijders verkiest kleding van textiel boven de leren variant. „Een beetje motorrijder bezit tegenwoordig twee broeken en twee jassen, waaronder een waterdicht textieljack en een leren broek. Vreemd genoeg vergeten velen hun benen. Er worden minder broeken gekocht, terwijl vooral het landingsgestel moet deugen als iemand omvalt. Ik durf te stellen dat de ongevalsstatistiek met 70 procent zou dalen als alle rijders altijd een leren broek zouden dragen.”
Het is slecht gesteld met kwaliteitsperceptie, meent de directeur. „Wij stellen een boeket samen en presenteren dit aan de markt. Je verwacht dat veiligheid primair is bij het maken van keuzes, maar uiterlijk en prijs winnen het vaak.”
Lookwell Bike Fashion exporteerde aanvankelijk naar Noord- en Midden-Europa. Tegenwoordig slaat Van Gent de vleugels verder uit. „Vergelijk dit met een spelletje Risk. Voorheen belangrijke markten als Duitsland en Engeland zijn tegenwoordig minder bepalend. De uitdaging is steeds nieuwe landen te veroveren. We zitten onder meer in Zuid-Afrika en Brazilië en ruiken aan de Verenigde Staten.”
Van Gent geniet van de diversiteit van zijn werk. „Als kleine ondernemer ga ik zelf naar Afghanistan en Pakistan, met eigen geld op zak. In exotische landen is politiek strategisch manoeuvreren een vereiste. Gewapende begeleiding blijkt af en toe een noodzakelijk kwaad.”
Deze missies lijken soms op ontwikkelingswerk. „Maar dan zonder grote organisatie op de achtergrond. „De een slaat een waterput, terwijl wij mensen in derdewereldlanden methodes aanleren om moeilijke producten te maken. Wereldwijd worden er op jaarbasis zo’n 1,5 miljoen manuren voor Lookwell gemaakt.”