We kennen mensen die hieraan onderdoor gaan. Een boer die al zijn geiten bij de bok heeft gehad, en op wiens bedrijf ook Q-koorts is geconstateerd. Hij weet niet hoe hij verder moet.
Wij willen wel graag weer verder en zijn maar weer op zoek gegaan naar nieuwe lammeren of geiten.
Voor de geiten die blijven, geldt een levenslang fokverbod. Sommigen noemen dat wat overblijft een doodshuis. Zo is het eigenlijk hè. Het stopt gewoon.
Gelukkig leven collega’s met ons mee. Zo was er een geitenboer uit Staphorst die via de telefoon zei dat hij eigenlijk geen lammeren over had, maar die de volgende dag terugbelde en ons toch wel wat wilde gunnen. „Vijftig lammeren kun je zo krijgen”, zei hij. „Bij ons gaat het toch wel door.” Dat doet ontzettend goed en houdt je wel op de been.”
Dit is het vierde deel in een serie dagboekdelen.