„Zesenhalve ton, meneer”, zegt een voormalig inwoner van Rotterdam grinnikend over zijn pas verworven bezit in de buurt van Antwerpen. Elke dag heen en weer naar Rotterdam is voor hem „geen probleem.” Voor zijn oude huis heeft hij acht ton „gevangen.” Twee ton daarvan heeft hij in zijn nieuwe huis in België gestoken, nog eens twee ton ging in de aflossing van zijn oude hypotheek en de rest is ”geparkeerd” op de beurs en „geïnvesteerd” in een nieuwe BMW, die zonder de Nederlandse BPM (belasting voor personenauto’s en mororrijwielen) in België een stuk goedkoper is.
Op zijn Belgische woning heeft hij bij een Belgische bank voor 4,5 ton een hypotheek geregeld, want „die is aftrekbaar voor de Nederlandse inkomstenbelasting in het nieuwe belastingstelsel”, knipoogt hij. „Mijn vrienden- en kennissenkring in Nederland is enthousiast en kijkt ook driftig rond in België. Ze willen allemaal zo’n mooi huis en ook nog zo’n aardige, goedkope zakcent!”
Fiscus
Makelaars in Vlaanderen bevestigen de sterk gestegen belangstelling vanuit Nederland voor huizen in België. Dat is het gevolg van de zogenoemde keuzeregeling voor buitenlandse belastingplichtigen in het nieuwe belastingstelsel. Deze stelt niet-ingezetenen in staat hun hypotheekrente van een buitenlands huis af te trekken, mits het de „eerste woning” is en mits het overgrote deel van het inkomen in Nederland wordt verkregen. De fiscus lijkt met deze regeling de vlucht voor de nieuwe vermogensrendementsheffing te willen beperken. In België is koerswinst onbelast en het land heft nog steeds geen vermogensbelasting. De hypotheekaftrek lijkt een lokkertje om in Nederland aangifte te blijven doen.
Leegstaande panden
„Na de exodus tien jaar geleden van miljonairs uit Nederland naar België, was het met de afschaffing van een aantal belastingvoordelen voor de zeer rijken een stukje rustiger in de grensstreek”, zegt Peter Heeren, een Nederlander die zich twintig jaar geleden als makelaar vestigde in Oud-Turnhout. Dit jaar sloeg dat plotseling om vanwege de belastingherziening. Opeens stonden Nederlanders weer voor de etalages van de Belgische makelaars en reden ze nerveus langs leegstaande panden. „En ze kopen”, zegt Heeren. „Nog niet massaal, maar dat komt nog wel.”
De aandacht van die groep Nederlanders gaat niet zoals vroeger uit naar de grote domeinen van 2 tot 3 miljoen gulden, maar naar koopwoningen tussen de 2 en 8 ton. Uit de beschrijvingen van makelaars in Vlaanderen is op te maken dat die zoekende Nederlanders vooral mensen met reguliere banen zijn: onderwijzers, ambtenaren en kleine zelfstandigen.
Soms zijn het tweeverdieners, soms ook niet. Regelmatig willen ze de meerwaarde incasseren van een huis dat in waarde is gestegen (vaak om een persoonlijke lening af te lossen die per 1 januari niet langer aftrekbaar is). Sommigen willen weg uit een rijtjeswoning, maar kunnen het zich in Nederland niet permitteren om groter te gaan wonen. Opvallend vaak ook zijn het starters op de woningmarkt.
Overdreven
Hoewel ook in België de huizenprijzen de laatste jaren fors zijn gestegen -in de grensstreek mede onder druk van de aandacht van Nederlanders-, zijn woningen in België nog altijd 30 tot 40 procent goedkoper dan in Nederland.
Dat forse verschil zal volgens schattingen van Belgische makelaars de komende twee jaar zo’n 100.000 mensen naar Vlaanderen lokken. „Bij een aanhoudend gunstig economisch klimaat en als de prijsverschillen zo groot blijven, hebben over vijf tot tien jaar een half miljoen Nederlanders de overstap naar België gemaakt”, verwacht een makelaar bij Antwerpen die overstelpt wordt met vragen om informatie, met name ook via internet. Heeren noemt die aantallen „sterk overdreven.” Hij verwacht dat hooguit 10.000 mensen de komende twee jaar de overstap naar België zullen maken.
Emigratiegolf
In de grensstreek is het aanbod van woningen groot genoeg voor een eerste emigratiegolf, maar om aan ieders wensen te voldoen, moet er gebouwd worden. Heeren had al een project op stapel staan voor de bouw van 150 jaren-dertigwoningen en enkele appartementengebouwen in de buurt van Turnhout, met een aanschafprijs van tussen de 4 en 5 ton.
„Dit project past toevallig mooi bij de vraag van de groep Nederlanders die nu naar België zou willen verhuizen”, zegt Heeren. Ook elders in Vlaanderen speuren Nederlandse projectontwikkelaars naar mogelijke locaties en wordt bouwgrond gekocht. „In Lommel heeft een op de twee transacties met bouwgrond betrekking op een Nederlander”, zegt een plaatselijke makelaar.
Geen biet
De prijzen van bouwgrond rijzen dan ook de pan uit. „Ze waren in heel Vlaanderen al fors gestegen door het Vlaamse structuurplan, dat het areaal bouwgrond sterk heeft beperkt”, zegt burgemeester Georges Lenssen van de Limburgse gemeente Maasmechelen, tevens Belgisch kamerlid voor de liberale partij VLD. „Maar met die stortvloed van Nederlanders in het vooruitzicht stijgen ze nog verder.”
In sommige delen van Vlaanderen ontstaan tekorten aan bouwgrond doordat eigenaren niet te vermurwen zijn tot verkoop. „Als je het geld niet nodig hebt, waarom zou je het dan ook doen”, zegt Heeren. „De Belgen bewaren het liever voor de kinderen of voor de kleinkinderen.”
„Nederland verlegt zijn grenzen’’, zegt het socialistisch kamerlid Peter Vanvelthoven in Lommel. „Belgische huizen zijn goedkoper omdat België een ander land is, met andere normen en waarden. België kent bijvoorbeeld een beperkte hypotheekaftrek. Nederland walst daaroverheen met zijn wetgeving. Huizen en met name ook bouwgrond -de Belgen sparen soms tientallen jaren om een huis te kunnen bouwen- dreigen onbereikbaar te worden voor Belgen. Dat is onacceptabel.”
Vanvelthoven wil dat de federale Belgische regering maatregelen neemt. Hij wordt daarin gesteund door de liberale partij VLD, met wie de Belgische socialisten de regeringscoalitie vormen, samen met de groene partijen. „De meerderheid van de Nederlanders komt hier uitsluitend om financiële redenen”, zegt Vanvelthoven, „en niet omdat ze België zo veel leefbaarder vinden. Van de 2300 Nederlanders die op dit moment in Lommel wonen, hebben zich er maar honderd ingeschreven voor de gemeenteraadsverkiezingen. De rest interesseert het geen biet wat hier gebeurt. Ze wonen in België, maar leven in Nederland.”
Feesten
Burgemeester Lenssen van Maasmechelen kan dat alleen maar onderschrijven. „Er zijn er bij die zich integreren, die zich inspannen voor de gemeentesc hool bijvoorbeeld. Maar de meeste Nederlanders gedragen zich tamelijk asociaal. Het overgrote deel van goederen en diensten bijvoorbeeld komt uit Nederland: van aannemers tot de catering bij feesten. Het leidt tot grote wrevel onder de plaatselijke Belgische bevolking.” Ook in Maasmechelen maakt een zeer kleine minderheid van Nederlanders gebruik van hun stemrecht bij de gemeenteraadsverkiezingen.
Dat niet alles koek en ei is tussen de Belgen en de Nederlanders bewijzen de statistieken. Alle wervende woorden in Nederland ten spijt dat België zo’n „gemoedelijk” en „bourgondisch” land is waar het leven goed is en waar je nooit meer weggaat, keren jaarlijks 3000 van de in totaal 90.000 Nederlanders die in België wonen terug naar Nederland. „Veel Nederlanders kunnen hier niet aarden, zeker de groep niet die ervoor kiest verder van de grens en dus dieper in Vlaanderen te wonen”, zegt Casper Willems, een Nederlander die al 25 jaar in België woont. „Na een aantal jaren haten ze wat ze omschrijven als „het teruggetrokken leven” van de Belgen, de gereserveerdheid, het kleinburgerlijke, de vreemdelingenhaat. Sommigen zijn flink bedrogen uitgekomen omdat ze niet beseften hoe anders dit land in elkaar zit. Weer anderen zijn het slachtoffer geworden van de soms nogal gewelddadige georganiseerde criminaliteit. Alleen de taal is grotendeels hetzelfde, maar daarmee houdt elke vergelijking met Nederland op.”
Wispelturigheid
Willems wijst op wispulturigheid in beleid, plotselinge veranderingen in verordeningen, zonder duidelijke procedures. Hij weet van ten minste twee Nederlanders die dachten dat de grond naast hun huis uitsluitend een landbouwbestemming had, maar tot hun grote verbazing werd het plotseling industriegebied. „Beseft moet worden dat dit land in veel aspecten meer op Italië lijkt dan op Nederland.” Wie zich daarop instelt, wie bereid is daaruit consequenties te trekken voor zijn stijl van leven, maakt volgens hem een goede kans op termijn een redelijk aangenaam leven te leiden in België.
De grootste belemmeringen om op korte termijn te investeren in een huis in België vormen de toekomstige relatie tussen Nederland en België op het gebied van de keuzeregeling en toekomstige beslissingen van de Europese Unie over dergelijke constructies.
Wat Nederland doet met de hypotheekaftrek in het buitenland valt volgens experts buiten alle „objectieve normen” voor belastingheffing in Europa op dit moment, en dat maakt de geboden regeling buitengewoon onzeker. „Het kan eigenlijk alle kanten opgaan”, zegt een belastingadviseur in de grensstreek. Peter Heeren en ook andere makelaars adviseren te wachten met de aankoop van een huis in België, in elk geval tot de zogenoemde Veegwet IB2001, die reparaties toelaat in de belastingherziening, in november door de Tweede Kamer is behandeld.
Zorgelijk
Van Lanschot Bankiers in Antwerpen geeft klanten de raad mee een hypotheek te nemen die ook zonder aftrek betaalbaar is. „In België moet je sowieso over een flinke portie eigen geld beschikken voor een huis”, zegt Peter Heeren. „Banken in België, ook de Nederlandse, financieren hooguit 90 procent van de waarde. De resterende 10 procent moet de koper zelf op tafel leggen, net als de 14 procent overdrachtsbelasting in België.”
Afgezien van de beperkte financiering wordt volgens makelaars ook „zeer conservatief” getaxeerd in België. Van Lanschot waarschuwt verder met klem voor de „kleine lettertjes” in de Nederlandse wet, die melden dat degene die binnen acht jaar weer terugkeert alle afgetrokken hypotheekrente moet terugbetalen.
Voor de Rotterdammer bij Antwerpen die de stap gezet heeft, maakt het „voorlopig niet veel uit.” Hij hoopt dat Nederland zijn zuiderburen eens flink „de les zal lezen” om duidelijk te maken dat ze geen roet in het eten mogen gooien. „Het zou natuurlijk wel een reuzenstrop zijn als die aftrek niet doorging. Terug kan ik niet, daar heb ik nu het geld niet voor, want veel meer dan ik nu betaald heb, krijg ik voor dit huis voorlopig niet.” Zijn vrouw kijkt zorgelijk. „Misschien zijn we iets te voorbarig geweest, Henk. Enfin, we wachten wel af.”