Volgens het IMF zal een groot aantal ontwikkelde economieën op korte termijn in een recessie belanden. Zelfs in het gunstigste scenario zal de wereldeconomie pas eind volgend jaar een „zeer bescheiden herstel” laten zien.
Voor Nederland lijkt het beeld relatief mee te vallen. De economische groei valt in ons land volgend jaar volgens het IMF weliswaar terug tot een magere 1 procent, maar ligt daarmee nog aanzienlijk boven het gemiddelde van 0,2 procent dat voor de hele eurozone wordt verwacht. De werkloosheid zal in Nederland tot en met volgend jaar op ongeveer het laagste niveau van alle westerse landen blijven liggen.
De internationale economische groei zal volgens het IMF dit jaar terugvallen tot 3,9 procent, ten opzichte van 5 procent in 2007. Volgend jaar groeit de wereldeconomie naar verwachting nog maar met 3 procent, een niveau dat het IMF in een eerder rapport aanduidde als „een wereldwijde recessie.”
De sombere woorden van het IMF deden de olieprijs verder zakken. De prijs zakte donderdagmorgen tot onder de 88 euro. Handelaren trokken zich terug uit olie en grondstoffen in het algemeen. De vrees dat de economische crisis de vraag naar olie raakt, wordt steeds groter.
IMF-hoofdonderzoeker Olivier Blanchard waarschuwde bij de presentatie van het rapport dat de economie in de ontwikkelde landen tot minstens de tweede helft van volgend jaar „nog maar nauwelijks zal groeien of zelfs zal krimpen.” Economische zwaargewichten als de Verenigde Staten, Groot-Brittannië, Spanje en Italië zullen een recessie daarbij niet kunnen ontlopen.
De redding voor de wereldeconomie moet komen van snelle en coherente actie van internationale overheden. Als dat gebeurt, is de kans op een grote depressie, zoals in de jaren dertig, volgens Blanchard „nagenoeg nihil.” Met de juiste maatregelen moet volgens hem ook een einde komen aan de vrije val van de beurskoersen. „Als het besef doordringt dat er meer maatregelen zullen worden genomen om de economie er bovenop te helpen, dan zullen de markten wel positief reageren.”
De renteverlaging die de centrale banken van de Verenigde Staten, Europa, Groot-Brittannië, Canada, Zweden en Zwitserland woensdag samen doorvoerden noemde IMF-econoom in dit verband „een duidelijke stap in de goede richting.” Hij sloot niet uit dat verdere stappen nodig zullen zijn.
De kosten van de reddingsoperaties voor de belastingbetaler zijn volgens de econoom te overzien. „Er wordt weliswaar een groot bedrag ingelegd, maar als het goed is, verdienen de belastingbetalers dit allemaal weer terug”. De verkoop van opgekochte slechte leningen en aandelen in noodlijdende banken zullen in zijn visie straks meer opbrengen dan ze nu kosten.
Volgens Blanchard wordt de economische groei sterk gehinderd door het internationale gebrek aan krediet. In combinatie met het totaal verdampte vertrouwen van consumenten en bedrijven vallen de bestedingen, die de economische groei lange tijd op peil hielden, daardoor wereldwijd sterk terug.
De deskundigen van het IMF hebben dan ook grote moeite om nog positieve punten voor de wereldeconomie te vinden. De opkomende economieën, zoals China, India en Brazilië zullen de economische groei voorlopig wel blijven stimuleren, maar ook voor deze landen geldt dat hoe langer de crisis aanhoudt, hoe groter de kans wordt dat ze eronder zullen lijden. Een andere stimulans moet komen van de verwachte stabilisering van de grondstofprijzen. Aan het einde van de explosieve stijgingen van de afgelopen twee jaar liggen deze echter wel op het hoogste niveau van de afgelopen twintig jaar.
Het IMF waarschuwt vooral voor de situatie in Afrika. In het geweld van de financiële crisis kan al snel vergeten worden dat de hoge prijzen van voedsel verschillende Afrikaanse landen op de rand van de afgrond hebben gebracht. Het fonds roept westerse donoren dan ook op om, ondanks de economische tegenwind, alle toezeggingen aan Afrikaanse landen te blijven voldoen.
Ontwikkelingsorganisatie Oxfam sluit zich hier in een reactie bij aan. „Geen enkele reactie op de financiële crisis mag ten koste gaan van de vooruitgang in arme landen. Dit is een probleem dat is veroorzaakt door rijke landen, de armen horen hier niet de prijs voor te betalen”, aldus Oxfam.