Bezoek ook andere websites van de Erdee Media Groep

„Graag vleugje sjalom in welvaartsbegrip”

 DRIEBERGEN – Econoom Bob Goudzwaard: „De toevoeging van mens en natuurwaarden in analyses wordt door veel economen als griezelig ervaren.” Foto RD, Sjaak Verboom

DRIEBERGEN – Econoom Bob Goudzwaard: „De toevoeging van mens en natuurwaarden in analyses wordt door veel economen als griezelig ervaren.” Foto RD, Sjaak Verboom

DRIEBERGEN - Het nationaal inkomen kleunt mis als maatstaf van welvaart, vindt econoom Bob Goudzwaard. De indicator meet slechts wat we maken en niet wat we daarvoor opgeven. „Op de langere termijn ondergraaft dit de ontwikkeling naar een houdbare economie.”
„Er is veel aan de hand”, zegt Goudzwaard (73), doelend op de aanzwellende discussie over het meten van economische groei. Volgens de emeritus hoogleraar economie vat meer en meer de gedachte post dat er in economische analyses, naast geldswaarden, ook ruimte moet komen voor natuur- en menswaarden.

Zo sprak de Europese Commissie zich in november tijdens een bijeenkomst in Brussel uit voor de komst van een indicator die de welvaart beter weergeeft dan het nationaal inkomen (bbp, bruto binnenlands product). Goudzwaard: „Het bbp is volgens de Commissie geen goede maatstaf meer voor de daadwerkelijke ontwikkeling van Europa.”

Over de uiteindelijke keuze uit de diverse alternatieve meetmethoden die voorhanden zijn, zal overigens nog wel een robbertje moeten worden gevochten, denkt Goudzwaard. „Iedere econoom heeft zijn eigen index lief. Wetenschappers gebruiken doorgaans liever elkaars tandenborstel dan elkaars terminologie.”

Volgens de econoom, die ooit medeauteur was van ”Niet bij brood alleen” (het eerste verkiezingsprogramma van het CDA), gaat de discussie over het meten van welvaart op Europees niveau sneller dan in Nederland. Om het debat ook hier structureel van de grond te krijgen, organiseert hij -samen met econoom Lou Keune- volgende week een conferentie aan de Universiteit van Tilburg.

Hard nodig, meent Goudzwaard, want hoewel een groeiend aantal economen beseft dat het nationaal inkomen slechts meet wat me maken en niet wat we daarvoor opgeven, is het paradigma in de economie nog altijd op het bbp betrokken. „De toevoeging van mens- en natuurwaarden in analyses wordt door veel economen zelfs als griezelig ervaren. Het zou de entree zijn naar subjectiviteit.”

Rafelranden
Goudzwaard meent dat het nationaal inkomen „ten onrechte de suggestie wekt dat hoe meer we met elkaar verdienen, hoe hoger onze welvaart is. Het kan echter zijn dat we met al ons jachten en jagen naar geldswaarden meer vernietigen dan toevoegen. Als het streven naar groei het kompas vormt voor een samenleving, ontstaan er rafelranden.”

Productiegroei is in onze samenleving haast een doel op zichzelf geworden, meent de emeritus hoogleraar. „De heersende maatschappijvisie is ernstig gekleurd door een zelfgemaakte dynamiek die een uitvloeisel is van het verlichtingsdenken. Hierbij krijgt iets pas waarde wanneer het door mensenhanden is geproduceerd, terwijl waarde feitelijk berust op datgene wat ons is toevertrouwd en gegeven. Dat niet willen erkennen is een vorm van menselijke hoogmoed.”

Het huidige groeidenken kan verstrekkende gevolgen hebben, meent de econoom. „Het is een indirecte bedreiging van de wereldvrede. De ratrace van de rijkste landen om de laatste grondstoffen op aarde nog te pakken te krijgen, is begonnen. Militaire conflicten groeperen zich hieromheen. Zo is het probleem in Darfur vrijwel onoplosbaar omdat China hier belangen heeft. Het land haalt er energie vandaan.”

Volgens Goudzwaard, die benadrukt dat de indicator slechts de waarde van de geregistreerde productie meet, gaat het bbp voorbij aan alle andere factoren die de welvaart beïnvloeden. „Vormen van onbetaalde arbeid, zoals vrijwilligerswerk, dragen natuurlijk ook bij aan onze welvaart, maar tellen niet mee in de berekening van het bbp. Simpelweg omdat er geen financiële transactie tegenover staat.”

Ook geeft een stijging van het nationaal inkomen volgens Goudzwaard de illusie van een toenemende financiële armslag, terwijl de weerslag die er op het milieu plaatsvindt buiten beeld blijft. „Het is onzinnig om te stellen dat iedere verhoging van het bbp een welvaartsstijging is. Als er bijvoorbeeld een olietanker op de klippen slaat en er allerlei verontreinigde troep aanspoelt op de stranden, leiden de schoonmaakkosten tot een hoger nationaal inkomen. Terwijl je die uitgaven eigenlijk twee keer zou moeten aftrekken.”

Het welvaartsbegrip van tegenwoordig mag, als het aan Goudzwaard ligt, daarom wel wat meer de elementen in zich dragen van het oudtestamentische sjalom. „Daar horen ook goede sociale relaties bij. En vrede met de natuur. Het beeld dat je, zittend onder je vijgenboom, uitkijkt over het land dat God heeft gezegend. De leviet, de arme en de weduwe; ze hebben daar allen hun plaats. Die notie staat veel dichter bij het échte concept van welzijn en het rentmeesterschap dat God van ons vraagt.”

Klimaathype
Met de huidige milieuhype, aangevuurd door de klimaatfilm van Nobelprijswinnaar Al Gore en het rapport van de Engelse econoom Nicholas Stern, lijken Goudzwaard en de zijnen het tij enigszins mee te hebben. „De veranderingen in de natuur laten inderdaad de weerslag zien van ons tomeloze activisme. Dat móét haast te denken geven. De tijd voor keuzes komt onontwijkbaar dichtbij.”

Maar ziet hij het ook daadwerkelijk gebeuren, dat mensen de huidige productiegroei opgeven ten bate van de leefomstandigheden van toekomstige generaties?

Goudzwaard: „Dat is de hamvraag. Ik denk dat de neiging zal zijn om alle problemen op te lossen binnen de bestaande kaders en dat er dus geen kritiek komt op onze tempel van economische groei zelf. Het adagium zal dan zijn dat we harder moeten groeien om meer aan het milieu te kunnen doen. Maar ten diepste versterk je daarmee juist het probleem.”


Dossier:
Verstuur dit artikel naar:
 *
 *
 *
 *
 
Knipsels
    Meer uit deze rubriek