Opvallend is dat vrij veel van deze werkende moeders werken als zelfstandige, als eigen baas. Vaak werken zij dan vanuit huis. Bovendien hebben zij op deze manier meer invloed op de werktijden en zijn zij flexibeler. Zij passen zich dus aan de gezinsomstandigheden aan.
Parttime
Uit de cijfers blijkt dat de zorg voor het gezin minder vaak een reden is om niet te werken. In 2001 gaven 2,2 miljoen vrouwen aan dat zij, om uiteenlopende redenen, niet wilden of konden werken. Dit aantal is in 2007 afgenomen met 13 procent. Uit onderzoek blijkt dat deze afname vooral te danken is aan het sterk dalende aantal vrouwen dat niet wil of kan werken vanwege de zorg voor gezin of huishouden. Deze groep halveerde in 2007. Vooral vrouwen met jonge kinderen gaan vaker weer aan het werk buiten de deur.
Overigens hebben vrouwen een sterke voorkeur voor een deeltijdbaan. Drie op de vier vrouwen werken parttime. Van alle vrouwen die in deeltijd werken is ’slechts’ 41 procent moeder van jongere kinderen. Zorg voor kinderen heeft dus lang niet altijd te maken met het feit dat vrouwen minder uren werken.
Volgens onderzoek van het Sociaal en Cultureel Planbureau kiezen vrouwen om heel verschillende redenen voor deeltijd. Naast het huishouden worden hobby’s en sociale contacten genoemd, maar vooral vrijwilligerswerk en mantelzorg spelen een grote rol.
Duidelijk komt het traditionele beeld naar voren. De man zorgt voor een basisinkomen en de vrouw neemt de verantwoordelijkheid voor het huishouden en de zorg op zich. Dit is beslist geen ouderwetse rolverdeling. Ook anno 2008 kiezen de meeste mensen voor die taakverdeling die kennelijk als het meest natuurlijk wordt ervaren.
Het kabinet wil Nederland gezinsvriendelijker maken, daarmee begint de gezinsnota van Rouvoet. Het kabinet erkent dat sociale samenhang thuis moet beginnen. Het gezin als de plaats van zorg en geborgenheid komt echter in het gedrang. Dit is een proces dat al langer speelt en waarvoor globaal drie oorzaken te noemen zijn.
Allereerst heeft ons volk haast en zijn vele vaders en moeders getroffen door een forse werkdruk. Een maatschappij die steeds complexer en veeleisender wordt, legt een groot beslag op gezinnen. Ten tweede lopen ouders aan tegen tal van moeilijkheden in de opvoeding. De keuzemogelijkheden voor kinderen lijken oneindig en vragen intensieve begeleiding. Dat 18 procent van alle gezinnen een eenoudergezin is, helpt hier ook niet bij. Dat brengt bij een derde knelpunt: de duurzaamheid van relaties staat onder druk. Een scheiding kent zelden winnaars en het kind is daarvan een belangrijk slachtoffer.
Hilarisch
Het gezin staat in het oog van een storm. Het is geruststellend dat het kabinet hier oog voor heeft. Blijvende aandacht is gewenst en dus somt de gezinsnota voortvarend vijf lijnen op die uitgezet moeten worden. Dat de eerste lijn naar de sociale partners loopt, is hierbij opvallend. Kennelijk ziet het kabinet een link tussen het gezin en de werkgevers en werknemers.
Verder lezend in de nota neemt het ambtelijke taalgebruik hilarische vormen aan, met als hoogtepunt de paragraaf ”Kinderopvang in een sluitend dagarrangement”. Gebrek aan liefde, tijd en aandacht vormt de basis voor tal van gezinsproblemen. De oplossing die vervolgens wordt gepresenteerd, is het sluitende dagarrangement. Een keten van professionele opvoeders moet zorgen voor een dagvullend programma. Zo kunnen ouders met een gerust hart aan het werk.
Niet het gezin, maar de kinderopvang is de winnaar van de gezinsnota. Als doel noemt het kabinet dat het „de arbeidsparticipatie effectiever en efficiënter” wil bevorderen. Zo sluipt de economie het gezin binnen, neemt de werkdruk toe en is de cirkel rond.
De auteur is werkzaam bij de RMU als manager communicatie & pr. Reageren aan scribent? socialezaken@refdag.nl.