Bezoek ook andere websites van de Erdee Media Groep

Geld moet rollen

APELDOORN - Het wereldwijde overheidsingrijpen om het vertrouwen in de financiële wereld te herstellen is een nieuw hoofdstuk in de thriller die kredietcrisis heet. Tijd voor acht vragen en antwoorden.
Wat houdt een kapitaalinjectie door de overheid in?

Bij een injectie stelt de overheid geld beschikbaar waarmee een bank of verzekeraar zijn balans kan oppoetsen. Anders gezegd: door de kredietcrisis zijn gaten geslagen in de buffers van de financiële instellingen. Een kapitaalinjectie repareert deze buffers, zodat de concerns blijven voldoen aan de gezondheidseisen die toezichthouders stellen. Minister Bos heeft in Nederland hiervoor een bedrag van 20 miljard euro gereserveerd. In ruil daarvoor krijgt de overheid een belang in de onderneming.

Wat is het verschil met een kapitaalgarantie?

Deze garanties gelden voor leningen die banken onderling aan elkaar verstrekken. Stel: Bank A leent van bank B. Na verloop van tijd blijkt dat bank A het geld niet terug kan betalen. Op dat moment betaalt de overheid deze schuld terug en blijft de schade voor bank B beperkt. In Nederland is een vangnet -uitsluitend voor gezonde banken- gespannen van 200 miljard euro. De waarborg aan banken voor onderlinge leningen gaat deze instellingen waarschijnlijk een half procent van het totale leenbedrag kosten, boven op de opslag die de financiële markten normaal voor dit soort garanties rekenen, zo liet minister Bos gisteren de Tweede Kamer weten.

Draait de belastingbetaler op voor deze reddingsboeien?

Als het tot uitbetaling komt, gaan de steunmaatregelen ten koste van de schatkist. Zover is het echter nog niet. Zo liet minister Bos weten dat de garantie „bijna zeker” niet uitbetaald hoeft te worden, omdat Nederlandse banken gezond zijn. In die zin zijn de bedragen die verschillende landen beschikbaar stellen fictief.

Bij de injecties is het bovendien zo dat de overheid een belang in de bank of verzekeraar krijgt. Oftewel, de overheid is voor een deel eigenaar. Dat eigendom kan later weer worden verkocht, misschien zelfs met winst. Volgens staatssecretaris De Jager zijn op dit moment een paar financiële instellingen aan het nadenken of ze een beroep willen doen op de pot van 20 miljard.

Helpen deze acties?

De kapitaalgarantie pakt de kern van het probleem aan. Kredietcrisis betekent immers dat banken elkaar geen geld meer uit durven lenen, bang als ze zijn dat de tegenpartij niet terug kan betalen door problemen met ’besmette’ hypotheken. Hierdoor stokken geldstromen, terwijl geld juist moet rollen om financiële markten goed te laten functioneren. Door als overheid garant te staan voor leningen tussen banken kunnen financiële instellingen hun argwaan aan de kant zetten. Doordat wereldwijd overheden vergelijkbare plannen bekendmaken, groeit binnen de financiële wereld het vertrouwen dat de kredietcrisis wordt opgelost. Met als direct gevolg: stijgende beurskoersen.

Waarom brachten de ingrepen van de centrale banken het vertrouwen niet terug?

Centrale banken smijten ook met miljarden, alleen op een andere manier. Zij doen aan symptoombestrijding door rechtstreeks geld uit te lenen aan banken die daarom vragen. Daarmee keert het vertrouwen tussen banken onderling echter niet terug. De injecties door de centrale banken zijn vooral bedoeld om te voorkomen dat de geldstromen op de internationale geldmarkt opdrogen.

Is de kredietcrisis nu ten einde?

Wie naar de stijgende beurskoersen van maandag kijkt, zou dat bijna gaan denken. De ingrepen van de overheden hebben onmiskenbaar effect, maar voor een juichstemming is het nog te vroeg. De beurs is geen graadmeter voor het verloop van de crisis. Immers, nog altijd is niet volledig duidelijk hoe groot de problemen bij individuele banken zijn. De ’slechte’ leningen die de kiem vormden van de huidige crisis staan voor een deel nog steeds op de balans. Als een bank nieuwe verliezen bekend moet maken, betekent dat een nieuwe deuk in het vertrouwen. Pas als de geldstromen tussen banken onderling weer soepel verlopen zonder het vangnet van de overheid, kan heel voorzichtig worden gesproken over een einde van de kredietcrisis.

Is een recessie nu afgewend?

Dat de economie wereldwijd hinder ondervindt van de kredietcrisis staat buiten kijf. Hoe groot de effecten zijn voor consumenten en bedrijven valt lastig te voorspellen. De crisis begint het bedrijfsleven nu pas echt parten te spelen. En het vertrouwen van consumenten is dan wel op een dieptepunt beland, het duurt vaak even voordat dit resulteert in minder uitgaven.

Kan ik uit voorzorg maar beter de hand op de knip houden?

Deskundigen komen deze dagen met allerlei adviezen en waarschuwingen. Het beste is om al deze ’wijze raad’ terzijde te schuiven. De toekomst is nu eenmaal niet te voorspellen, ook niet als het gaat om renteontwikkelingen, beurskoersen of koopkrachtplaatjes. Wat op dit moment het meest verstandig is, verschilt per individu en staat voor een deel los van de hele crisis. Eén ding is wel zeker: als iedereen de hand op de knip houdt, komt er zeker een recessie. De economie is nu eenmaal het beste af met driftig consumerende burgers.


Dossier:
Verstuur dit artikel naar:
 *
 *
 *
 *
 
Knipsels
    Meer uit deze rubriek