Bezoek ook andere websites van de Erdee Media Groep

Column: Schuldvergeving

Na de bede voor ons dagelijks brood volgt de bede om schuldvergeving. Met de toevoeging: Gelijk ook wij vergeven onze schuldenaren. Daarin ligt een diepe les. Zijn wij wel zo goed in staat anderen hun schulden te vergeven? Soms vergeven we de schuld van een ander, maar zeggen we erbij dit niet te kunnen vergeten. Is dit oprechte schuldvergeving?
Wereldwijd zijn miljoenen analyses geschreven over de oorzaken, gevolgen en oplossingsrichtingen van wat ruim een jaar geleden begon als de kredietcrisis. Veelvuldig gaat het daarbij over schulden en schuldigen. Dit zijn klassiek gereformeerde begrippen die ons bekend in de oren klinken. Schuld moet worden betaald, daarover geen misverstand. Wat echter opvalt, is dat wij meesters blijken in het afwentelen van schuld en het aanwijzen van anderen. En dat soms in zeer ferme taal.

Wie vanuit de Schrift wil leven mag die houding in gedachten, woorden en daden niet te zeer verbazen. Al direct na de zondeval staat geschreven dat Adam zich verontschuldigt, letterlijk dus, met de uitspraak: „De vrouw, die Gij bij mij gegeven hebt…”

Dat geeft ons een les in bescheidenheid. Zijn wij en doen wij het in onze financiële handel en wandel beter dan onze medemens? In onze beoordeling van de kredietcrisis nemen we te gemakkelijk grote kwalificaties in de mond zonder de situaties goed te kennen. Het is een bekend gegeven dat een objectief oordeel over een tijdvak historici vaak pas veel later is gegund. Wij zijn te verweven met onze tijdgeest om definitief te kunnen oordelen. Dat neemt onze verantwoordelijkheid voor het hier en nu niet weg; het maakt haar wel zwaarder.

Het leven is complex. Dat is tijdens de voortwoekerende kredietcrisis in de achterliggende maanden keer op keer gebleken. Het is zeer lastig de samenhang en samenloop van gebeurtenissen te overzien en tijdig passende maatregelen te nemen.

Het is mijn stellige overtuiging dat een gemiddeld kerkmens zich in geldzaken in niets onderscheidt van een wereldling. Hebzucht en angst zijn onze gevallen natuur niet vreemd. Ook velen in onze gezindte zullen in opgaande beurzen aandelen hebben gekocht en die in neergaande beurzen in paniek van de hand hebben gedaan. Waardoor werden we gedreven? Alleen genade vernieuwt een hart. In de berijmde Psalm 37 staat een treffende samenvatting. De boze neemt, door hebzucht aangedreven, met list ter leen, en legt de schuld niet af. Daar staat tegenover: De oprechte, vol ontferming, mild in ’t geven, bezit deez’ aard, als ’t erf dat God hem gaf. Het zou goed zijn de kredietcrisis te analyseren met Gods Woord ernaast. De onrechtvaardige rentmeester werd geprezen, omdat hij voorzichtig gedaan had. De onbarmhartige dienstknecht bleek van vergevingsgezindheid niets begrepen te hebben.

Spiegel
Het is goed om onszelf een spiegel voor te houden. Gods Woord en Zijn wet vormen de beste spiegels voor ons dagelijks handelen. De staatkundig gereformeerden zijn vanouds een partij van mannenbroeders. Als we de balans nu opmaken, valt het dan niet op dat het tot nu toe alleen de topmannen zijn die het veld hebben moeten ruimen? Hoe zou het geweest zijn met vrouwen aan de top? Maar het antwoord van Eva geeft niet veel hoop: „Die slang heeft mij bedrogen.”

De auteur is werkzaam bij DNB, toezicht pensioenen. Reageren aan scribent? nietbijbroodalleen@refdag.nl.

Verstuur dit artikel naar:
 *
 *
 *
 *
 
Knipsels
    Meer uit deze rubriek