Bezoek ook andere websites van de Erdee Media Groep

Bush lapt eigen beleid aan z’n laars

 BUSH

BUSH

NEW YORK - Met het hulpplan dat momenteel in Washington in de maak is om de bankcrisis te neutraliseren, lapt president George Bush zijn eigen beleid aan z’n laars.
Tot voor kort weigerde Bush elk verzoek om zwakke sectoren van de economie te hulp te komen. „De markt moet zichzelf corrigeren”, was het steevaste antwoord. Niet alleen een typisch antwoord voor George Bush, maar ook typisch voor zijn Republikeinse Partij, die in beginsel pleit voor een „zo minimaal mogelijke overheid.”

Het was dan ook onder de Republikeinse president Ronald Reagan dat de deregulering van de financiële sector van Amerika werd ingezet. Een beweging die overigens later ook door de Democraat Bill Clinton werd gesteund.

„Nu het allemaal misgaat, kun je natuurlijk heel principieel blijven doen, maar je krijgt dan wel de gram van heel Amerika én van de wereld over je heen. Bush treedt in januari af en moet aan z’n politieke erfenis denken. Vertrekken met een crisis is geen aanlokkelijk perspectief. Bovendien zijn er straks verkiezingen. Als Bush niets onderneemt om de crisis te matigen, maakt zijn partijgenoot John McCain waarschijnlijk geen enkele kans om hem in het Witte Huis op te volgen”, meent professor economie Allan Meltzer van de Carnegie-Mellon Universiteit in Pittsburgh (Pennsylvania).

Hij ziet een dubbele rol voor de overheid. Het ministerie van Financiën als scheidsrechter en de (centrale) Federal Reserve (Fed) als bron voor het benodigde geld. Hij geeft toe dat dit voor beide instituten „erg oneigenlijke rollen” zijn.

„De Federal Reserve heeft altijd geweigerd om zich met iets anders bezig te houden dan met beleid. In 1921 ging het volkomen mis in de agrarische wereld. Het parlement vroeg de Fed toen om hulp, maar kreeg nul op het rekest”, zegt Meltzer.

Een hulpplan zal overigens goedgekeurd moeten worden door het parlement, want in feite krijgt de belastingbetaler nu de rekening gepresenteerd voor het wanbeleid van de Amerikaanse banken.

Republikeins afgevaardigde Jeb Hensarling schreef eerder deze week een brief aan de regering waarin hij dringend verzocht „af te zien van verdere overnames van zieke banken.” Moet de overheid dan niets doen en de hele financiële sector laten imploderen met vergaande nationale en internationale consequenties?

„Misschien zijn wij nu te ver gegaan. Volgens mij had de overheid in maart al niet moeten helpen bij de liquidatie van Bear Stearns. Dat kostte de belastingbetaler 29 miljard dollar. Als de Federal Reserve toen had geweigerd te hulp te komen, was dat een sterk signaal aan de markt geweest om het eigen huis op orde te brengen. Er werd toen wel van alles geroepen, maar er gebeurde in feite niks. Waarop de markt ervan uitging -naar nu blijkt terecht- dat de overheid wel voor verdere verliezen zou opkomen. Dat is volgens mij een erg, erg onverstandig beleid”, aldus Hensarling.

Democraten zijn traditiegetrouw sneller voor overheidsingrijpen dan de Republikeinen. De Democratische fractie in het Huis van Afgevaardigden had al een voorstel in de maak voor steun aan mensen die door de huidige hypotheek- annex kredietcrisis in het nauw zijn gekomen. President Bush was tegen dit plan, maar de vraag is nu of hij dit verzet kan volhouden.

„Als de president onze steun wil voor hulp aan de financiële wereld, kan hij ons verzoek om de mensen te helpen die door die financiële wereld in de problemen zijn gebracht volgens mij moeilijk weigeren”, aldus Nancy Pelosi, Democratisch voorzitster van het Huis van Afgevaardigden.

De financiële crisis heeft de afgelopen dagen ook het perspectief van de verkiezingscampagnes ondersteboven gegooid. Volgens de Democratische presidentskandidaat Barack Obama laat de crisis duidelijk zien „dat wij veel te ver zijn gegaan in de deregulering van de financiële sector.” Hij pleit voor een strikter toezicht met effectieve instrumenten om indien nodig te kunnen ingrijpen.

Obama’s Republikeinse rivaal John McCain heeft zich in de 26 jaar waarin hij in Washington actief is altijd een goot voorstander getoond van deregulering, geheel volgens de Republikeinse traditie. Nu pleit hij plotseling voor meer toezicht.

Een nieuwe boodschap die de kiezers blijkbaar niet geloofwaardig vinden. Volgens een opiniepeiling van The New York Times denkt 59 procent dat er onder McCain als president in Washington weinig zal veranderen. Als Obama de nieuwe president zou worden, is er volgens 65 procent een kans dat er in Washington een nieuwe wind gaat waaien.


Lees ook: Dossier:
Verstuur dit artikel naar:
 *
 *
 *
 *
 
Knipsels
    Gerelateerde artikelen
    Meer uit deze rubriek