Bezoek ook andere websites van de Erdee Media Groep

Advocaat Van Vugt: Actie tegen misbruik koopzondag loont

 Advocaat Thomas van Vugt vlak bij zijn kantoor aan het IJ. Op de achtergrond Amsterdam-Noord, waar al maandenlang een conflict woedt over zondagsopening. „Er is nu te veel ruimte voor discussie.” Foto Ronald Bakker

Advocaat Thomas van Vugt vlak bij zijn kantoor aan het IJ. Op de achtergrond Amsterdam-Noord, waar al maandenlang een conflict woedt over zondagsopening. „Er is nu te veel ruimte voor discussie.” Foto Ronald Bakker

Al een jaar vecht hij tegen de on­eigenlijke zondagsopenstelling van winkels in Amsterdam-Noord. Juridisch gezien met meervoudig succes. Toch openen nog iedere zondag er in het stadsdeel winkels hun deuren. Advocaat Thomas van Vugt: „Een overheid die kraakheldere vonnissen aan zijn laars lapt, dat heeft me als advocaat, maar ook als persoon bijzonder verbaasd.”
Donderdag moet het over zijn. Dan doet een Amsterdamse rechter voor de vierde keer in nauwelijks negen maanden tijd uitspraak in wat inmiddels een slepende affaire (zie kader) mag heten: de kwestie over zondagsopening in Amsterdam-Noord.

In tegenstelling tot de drie vorige rechtszaken daagde Van Vugt, advocaat bij het Amsterdamse kantoor Blenheim, dit keer niet het stadsdeelbestuur van Amsterdam-Noord, maar de plaatselijke C1000, V&D en Media Markt.

Want hoewel de rechter enkele weken geleden bij herhaling klip-en-klaar stelde dat de middenstand in Noord zich moet houden aan het jaarlijkse maximum van twaalf koopzondagen die de Winkeltijdenwet toestaat, trekken de bewuste winkeliers zich daar tot nog toe niets van aan.

De eis van Van Vugt, die optreedt namens 56 plaatselijke middenstanders –uiteenlopend van een visspecialist tot een bloemenzaak en een supermarkt– is helder: ’s zondags dichtblijven op straffe van een dwangsom van 50.000 euro per overtreding.

De middenstanders voelen zich na drie eerdere rechtzaken opnieuw genoodzaakt tot juridische actie omdat zowel het stadsdeel als de politie ondanks het vonnis van afgelopen maand weigert op te treden tegen de onwettige zondagsopenstelling, zegt Van Vugt. „Het is om moedeloos van te worden. Ik heb mooie vonnissen in handen, maar wat moet ik ermee als de wet niet wordt gehandhaafd? Dan is het einde zoek. Dan kan ik ook wel stoppen.”

Stempel

Het begon allemaal even na de zomer van vorig jaar. Toen klopten de eerste winkeliers, 36 in totaal, aan bij Van Vugt. Zij hadden er lucht van gekregen dat de plaatselijke C1000 van eigenaar Huub Rijper iedere zondag de deuren opende op grond van allerlei exotische internationale feestdagen. Van Vugt: „Via de Wet openbaarheid van bestuur kregen we inzicht in een deel van de gemeentelijke administratie. Onze ogen rolden bijkans van wat we zagen.”

Letterlijk op één A4’tje stelde Rijper per kwartaal het stadsdeelbestuur zijn ‘feestdagen’ voor: de Franse Grootmoederdag, de Tsjechische Johannes Husdag, de Belgische Internationale Hoppefeesten, zelfs het Prijzencircus bij warenhuis V&D. Van Vugt: „Bizar natuurlijk. Maar er prijkte wel een stempel van de gemeente op: aanvraag goedgekeurd, ontheffing verleend. Het was allemaal prima volgens het stadsdeel.”

Nadat de rechter in een door Van Vugt aangespannen procedure de feestdagentruc in strijd achtte met de wet, besloot het stadsdeel, om toch tot een vrije zondagsopening te kunnen komen, zijn gehele grondgebied uit te roepen tot toeristisch gebied. Dit op basis van de zogenoemde toerisme­bepaling in de Winkeltijdenwet die winkels in toeristische gebieden de mogelijkheid biedt iedere zondag de deuren te openen. Tot tweemaal toe haalde de rechter ook door die kunstgreep een streep.

Inmiddels vertegenwoordigt u een kleine zestig winkeliers in Amsterdam-Noord. Wat drijft hen?

„De bezwaren zijn helder. Mijn cliënten willen niet open op zondag, maar worden daar feitelijk wel toe gedwongen omdat sommige concurrenten dat, tegen de wet in, wel doen. Die zondagsopening gaat ten koste van hun omzet. Het begon vorig jaar met het C1000-filiaal, maar nu ook de V&D en de Media Markt hier op zondag hun deuren openen is de situatie in Noord alleen maar nijpender geworden. Deze drie winkels bieden zo ongeveer een totaalpakket aan producten aan. Ga maar na: wat kun je nu eigenlijk niet bij hen kopen?”

Is het vooral een omzetkwestie of spelen er ook andere motieven, zoals de zondagsrust, een rol?

„Onder mijn cliënten zitten een hoop zaakjes die door echtgenoten gezamenlijk worden gerund. Zij werken vaak al zes dagen in de week keihard en willen de zondag graag bewaren voor iets anders dan arbeid. Dan kun je natuurlijk stellen: je hóéft als winkel toch niet open te zijn op zondag, maar zo simpel ligt het niet. Mijn cliënten zien letterlijk hun eigen klanten op zondag shoppen bij de concurrent. Ik heb hier middenstanders binnen gehad die ronduit zeggen: Thomas, als dit zo doorgaat, dan red ik het niet.”

Hoe staat u persoonlijk in de koop­zondagendiscussie?

„Wat ik tot nu toe betoogd heb in deze zaak was uiteraard namens mijn cliënten. Ik vind ook dat mijn persoonlijke overtuiging er niet toe doet. Eerlijk gezegd heb ik voorheen ook nooit een écht uitgesproken standpunt gehad over zondagsopening. Dat is wel veranderd nu ik van dichtbij meemaak wat voor ellende het veroorzaakt voor met name kleine winkeliers. Zij hebben niet de financiële ruimte om personeel op zondag voor zich te laten werken. Natuurlijk kan het voor veel consumenten heerlijk zijn om op zondag hun boodschappen te kunnen doen, maar is dat alle ellende waard? Als we niet uitkijken, resteren straks alleen nog megawinkels die zeven dagen per week, 24 uur per dag open zijn. Terwijl we met z’n allen toch ook graag boodschappen blijven doen bij dat leuke slagertje op de hoek.”

Uw cliënten lopen omzet mis. Wordt de volgende stap het eisen van een forse schadevergoeding?

„In twee vonnissen in kort geding heeft de rechter inmiddels geoordeeld dat de gemeente onrechtmatig heeft gehandeld en dat de winkeliers die ik vertegenwoordig schade hebben opgelopen. Het zou een logische vervolgstap zijn. Onze prioriteit ligt nu bij het stoppen van de onwettige opening. Pas als dat geregeld is, kunnen we in alle rust de exacte schade opnemen.”

V&D, HEMA, Media Markt en C1000 in Amsterdam-Noord riepen deze week de gemeente Amsterdam ertoe op de complete stad tot toeristisch gebied te bestempelen. Slim?

„Ik verwacht niet dat het gemeente­bestuur dat zal durven te doen. De rechter zal er zeker korte metten mee maken. Amsterdam-Noord is nu niet toeristisch en ook straks niet. Dit alles toont wel aan dat het goed zou zijn wanneer minister Van der Hoeven van Economische Zaken scherper in de Winkeltijdenwet laat omschrijven wat toerisme precies inhoudt. Er is nu te veel ruimte voor discussie die er eigenlijk niet zou moeten zijn. Kijk, dat in het centrum van Amsterdam of in Zandvoort winkels op zondag open mogen zijn, lijkt me logisch. Maar uitzonderlijk toerisme in Amsterdam-Noord: dat is natuurlijk gewoon flauwekul.”

Hebben zich inmiddels al ondernemers bij u gemeld die in andere plaatsen procedures willen starten tegen onwettige zondagsopening?

„Vooralsnog is dit de enige grote casus. Daarnaast hebben we een kleinere zaak lopen in het Gelderse Malden, waar het gemeentebestuur, zoals in steeds meer plaatsen in Nederland, het toestaat dat supermarkten op zondag open zijn onder de vlag van een avondwinkel. Juridisch gezien is dat natuurlijk onhoudbaar.”

Op zaken in Roosendaal en Amsterdam-Noord na is er op koopzondagenterrein nog maar weinig geprocedeerd. Hoe zou dat komen?

„Deels door een stuk onwetendheid, vermoed ik. Ondernemers weten vaak niet dat wat er gebeurt eigenlijk niet kan. Daarnaast heb je natuurlijk ook nog het calimero-effect: kleine winkeliers moeten opboksen tegen grote winkelketens met eigen juridische afdelingen. Dan kun je dus plots tegen een Ahold komen te procederen. Ik kan me voorstellen dat je dan denkt: laat maar zitten. De situatie in Amsterdam-Noord laat echter zien dat het wel degelijk lonend kan zijn om hiertegen te strijden.”


Slepend conflict om koopzondag

De strijd om zondagsopening in Amsterdam-Noord houdt al maandenlang, tot in Den Haag toe, de gemoederen bezig. Inmiddels is een situatie ontstaan waarin winkeliers, politie en het stadsbestuur rechterlijke vonnissen lijken te negeren. Een chronologisch overzicht van de belangrijkste gebeurtenissen.

21 oktober 2008: De SGP stelt Kamervragen naar aanleiding van berichten in deze krant over eigenaar Huub Rijper van de C1000-supermarkt in Amsterdam-Noord die met een beroep op exotische internationale feestdagen zijn winkel in 2008 praktisch iedere zondag weet te openen. De gemeenteraad van Amsterdam-Noord keurt alle aanvragen van Rijper goed, onder meer voor de Franse Grootmoederdag, de Tsjechische Johannes Husdag en de Belgische Internationale Hoppefeesten. Minister van der Hoeven (Economische Zaken) weigert maatregelen te nemen tegen de feestdagentruc.

31 oktober 2008: Een rechter van het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBB) in Den Haag is minder meegaand. Hij acht de gezamenlijk truc van het C1000-filiaal en het stadsbestuur in strijd met de wet. Middenstanders uit de buurt hadden de zaak aangespannen omdat de oneigenlijke zondagsopenstelling de supermarkt een oneerlijk concurrentievoordeel zou geven.

17 december 2008: Het gemeentebestuur van Amsterdam-Noord stemt in met een proef om het stadsdeel onder het zogenoemde ”toeristisch regime” van de Winkeltijdenwet te laten vallen. Alle winkels mogen er daardoor in 2009 iedere zondag de deuren openen, in plaats van op de twaalf koopzondagen die normaal gesproken zijn toegestaan.

11 maart 2009: Op initiatief van de (36) middenstanders velt de voorzieningenrechter van het CBB opnieuw een oordeel. De vrije zondagsopening in Amsterdam-Noord moet binnen één maand worden beëindigd. Het besluit zou procedureel niet juist zijn genomen en het stadsdeel zou bovendien over onvoldoende toeristische aantrekkingskracht beschikken.

19 april 2009: Het filiaal van supermarktketen C1000 opent ondanks de rechterlijke uitspraak de deuren. In de Tweede Kamer vragen SGP en SP Van der Hoeven de volgende dag om opheldering.

7 juni 2009: Het C1000-filiaal blijft de rechterlijke uitspraak negeren. Het stadsdeel Amsterdam-Noord legt het C1000-filiaal daarom een dwangsom op van 15.000 euro voor iedere onwettige zondagsopenstelling. Later meldt de stadsdeelvoorzitter echter dat het niet zeker is of dit geld zal worden geïnd.

25 juni 2009: Het stadsdeelbestuur van Amsterdam-Noord herstelt de eerdere procedurefout en bestempelt het grondgebied in de gemeente opnieuw als toeristisch gebied om daarmee het aantal koopzondagen op te rekken, nu via een wijziging van de plaatselijke verordening. De middenstanders (inmiddels 56) eisen direct buitenwerking stelling ervan.

10 juli 2009: Een Amsterdamse voorzieningenrechter bepaalt dat het stadsbestuur van Amsterdam-Noord het stadsdeel ten onrechte opnieuw als toeristisch heeft bestempeld. De verordening die volgens de rechter op oneigenlijke gronden is gewijzigd, wordt door de rechter buiten werking gesteld.

19 juli 2009: Omdat diverse winkeliers stelselmatig het rechterlijke vonnis negeren en het stadsdeel niet handhaaft, dagen de middenstanders hen voor de rechter. Zij eisen een einde van de onrechtmatige zondagsopening op straffe van een dwangsom van 50.000 euro per overtreding. Uitspraak in deze zaak wordt donderdag 6 augustus verwacht.


Lees ook: Dossier:
Verstuur dit artikel naar:
 *
 *
 *
 *
 
Knipsels
    Gerelateerde artikelen
    Meer uit deze rubriek