De or is in de praktijk nauwelijks een gesprekspartner bij faillissementen. Formeel heeft de raad op zo’n moment ook geen adviesrecht. Wanneer crediteuren faillissement aanvragen, is dat geen besluit van de ondernemer. De or blijft in dat geval buiten schot. Maar ook wanneer de ondernemer zelf het faillissement aanvraagt, heeft de or geen adviesrecht.
De enige mogelijkheid die de raad heeft, is achteraf protest aantekenen. Eventueel kan hij dan vernietiging vorderen van het faillissement wegens misbruik van recht. Maar de or kan al vóór het faillissement de vinger aan de pols houden.
De ondernemingsraad krijgt in deze tijden meer adviesaanvragen over reorganisaties. Op welke wijze kan de or hiermee omgaan? Hij kan deskundige hulp inschakelen voor een financiële analyse van het bedrijf. Zo kan worden nagegaan wat de stand van zaken is omtrent de liquiditeit, solvabiliteit, rentabiliteit en het eigen en vreemd vermogen van de onderneming. Het zal dan al snel duidelijk worden hoe de financiële vlag er bij hangt, of er nog verbeteringen zijn te verwachten en zo ja, op welke termijn. Verder is het belangrijk om na te gaan hoe het staat met de orderportefeuille. Wat zijn de daadwerkelijke orders, welke mondelinge toezeggingen zijn er gedaan?
De or is bevoegd om met de werkgever afspraken te maken over deeltijd-WW voor maximaal negentien werknemers. Bij meer werknemers moeten vakbonden worden ingeschakeld.
Goede ideeën van een meedenkende or kunnen het bedrijf geld opleveren. De or kan bijvoorbeeld nagaan welke problemen te maken hebben met de recessie en welke knelpunten al langer bestaan. De mensen op de werkvloer zijn dagelijks bezig met de bedrijfsprocessen; zij weten waar verbeteringen mogelijk zijn. Ook kan de or kijken naar de verhouding tussen vast en tijdelijk personeel. Hierin zijn vaak gemakkelijk veranderingen aan te brengen.
Soms is het onvermijdelijk dat de or meedenkt en advies uitbrengt over een inkrimping. Bijvoorbeeld als het gaat over stoppen van overwerk, wijziging van ploegendienst en het opnieuw waarderen van functies binnen de organisatie.
Bij een reorganisatie en een sociaal plan kunnen verder afspraken worden gemaakt met de vakbonden over hoe het verder moet met de onderneming. Voor de or is daar een belangrijke taak weggelegd. De leden hebben immers veel inhoudelijke kennis van de onderneming. De bonden kunnen door de raad worden geïnformeerd over de ontwikkelingen in de afgelopen periode. Wat was de rol van de or en welk advies heeft hij gegeven rond de plannen? Hoe is de onderneming met het advies omgegaan? Het is dus van groot belang dat de or een signalerende en adviserende positie inneemt. Zo kan hij als actieve or optreden in tijden van recessie.
De auteur is werkzaam bij de RMU als juridisch medewerker individuele belangenbehartiging. Reageren aan scribent? socialezaken@refdag.nl.
refdag.nl/recessie voor eerdere afleveringen in deze serie.