Bezoek ook andere websites van de Erdee Media Groep

„Vertrek zal tot meer doden leiden”

MONS - Nederland moet in Uruzgan blijven. Na bondgenoten Amerika, Engeland en Canada laat nu ook John Craddock, baas van de NAVO-missie in Afghanistan, van zich horen. „Uruzgan ligt op de smokkelroute (”rat road”) van de taliban en is strategisch ongelofelijk belangrijk.”
De Amerikaanse opperbevelhebber zegt niet hoe de bijdrage van Nederland er dan uit moet zien in Afghanistan. Achter de schermen wordt al druk gesproken over allerlei mogelijkheden. Voor Craddock zijn alle opties nog open. De generaal benadrukt wel dat Nederland in Uruzgan moet blijven, en niet -zoals sommige politieke partijen eerder aangaven- ergens in het rustigere noorden verder moet gaan.

Nederland heeft zich gecommitteerd om met ongeveer 1400 troepen tot augustus 2008 in Afghanistan te blijven, maar nog deze zomer gaat de Tweede Kamer opnieuw om de tafel om hierover te praten. Craddock wil zich niet bemoeien met de binnenlandse politiek, zegt hij. Wel wil hij de „onherroepelijke” consequenties uitleggen van een eventueel vertrek. „Als Nederland vertrekt, zullen we ons zoveel mogelijk aanpassen aan de nieuwe situatie. Natuurlijk. Maar weet wel dat ISAF dan zal vertragen, dat het moeilijker zal worden voor de overgebleven landen om ons werk te realiseren, en om de bescherming aan onze militairen te bieden: er zullen meer ongelukken komen, en het aantal doden zal stijgen.”

Dat de Nederlanders het vrij rustig hebben vergeleken met de bondgenoten in aangrenzende provincies, en dat de provincie Uruzgan een soort vakantieoord voor de taliban zou zijn, wijst Craddock direct van de hand. „Nederland ligt op de ”rat road” van de taliban.” Deze term gebruiken militairen om de smokkelroutes aan te geven. Ze worden door de taliban, maar ook door drugshandelaren en andere groepen zoals al-Qaida gebruikt voor de handel in drugs, en voor transport en communicatie, zegt de generaal. Vanuit Pakistan steken strijders de grens over naar Zabul om daarna via Uruzgan naar Helmand en Kandahar te gaan. Daarom zitten de Nederlanders strategisch gezien in een essentieel gebied om Afghanistan veiliger te maken, concludeert hij.

Nederland doet het nu „redelijk goed.” De soldaten weten deze gangen van de taliban te blokkeren, stelt Craddock. En juist de nieuwe stap van Defensie om de taliban vaker te frustreren door op meerdere plekken tegelijk te zijn in de provincie, juicht Craddock toe. „Heel goed”, zegt hij. „Aanwezig zijn is de sleutel.” Het nadeel van deze strategie is echter dat het risico op meer doden aan de ISAF-kant ook groter is. Maar het moet, zegt Craddock.

„Er is geen lenteoffensief zoals we het hadden verwacht. Maar wat er gaat komen, is een strijd met bermbommen en zelfmoordenaars. Dat is echte terreur. En dat kan ook tot een heel zware lente leiden.” Juist met het oog op deze strijd moeten soldaten contact maken met de bevolking om op de hoogte te blijven van de voornemens van de taliban, voegt hij eraan toe.

Binnen de NAVO zijn er hoge verwachtingen ten aanzien van de extra special forces van de Australiërs die neer zullen strijken in de ’Nederlandse’ provincie. Met 300 extra commando’s die op jacht gaan naar de tegenstander, zal de situatie rustiger worden in Uruzgan, is de verwachting. Het negatieve beeld dat de talibanstrijders de touwtjes meer en meer in handen krijgen, zou daardoor wel eens behoorlijk bijgesteld kunnen worden, denkt men op het hoofdkwartier.

En dat zou vervolgens weer invloed kunnen hebben op de Nederlandse besluitvorming om langer te blijven. Het tv-programma EénVandaag publiceerde afgelopen donderdag een enquête waaruit bleek dat nu meer dan de helft van de Nederlanders geen verlenging van de missie wil.

Met de ’nieuwe lente’ die zich nu ras ontwikkelt, is het uiterst pijnlijk dat de NAVO nog niet al de nodige troepen in het veld heeft, vindt Craddock. Niet alleen Nederlandse voorzetting van de missie is een zorg, maar als sinds de start van ISAF heeft de NAVO een tekort aan troepen. Craddock is ronduit teleurgesteld over de toeschietelijkheid van de NAVO-lidstaten. „Ik weet niet waarom er zo weinig toezeggingen zijn, ik probeer het elke keer weer aan te kaarten bij de ministers. Vergeet niet dat de NAVO-lidstaten zich wel gecommitteerd hebben aan deze missie.” Volgens eerder gepresenteerde gegevens zou het gaan om een tekort van zeker 3000 militairen, maar Craddock wil geen concreet aantal noemen.


Dossier:
Verstuur dit artikel naar:
 *
 *
 *
 *
 
Knipsels
    Meer uit deze rubriek