Bezoek ook andere websites van de Erdee Media Groep

„Raad van Europa wil andere richting uit”

STRAATSBURG - Telkens als er vanuit het buitenland kritische vragen over het humane gehalte van de Nederlandse euthanasiewet worden gesteld, stijgt de spanning. Nederland staat immers vooraan bij de bescherming van de mensenrechten. En daarom zou het ondenkbaar zijn als de Nederlandse wetten over leven en dood met de mensenrechten zouden strijden.
Toch is Nederland diverse keren voor de voeten geworpen dat het de mensenrechten schendt door euthanasie op zo grote afstand van het strafrecht te plaatsen. Daarom is het spannend te zien wat er komende vrijdag gebeurt tijdens de hoorzitting van de parlementaire assemblee van de Raad van Europa in Parijs.

De Raad van Europa wil richtlijnen voor de lidstaten uitzetten nu twee landen -België en Nederland- de euthanasiewetgeving hebben geliberaliseerd. Vorig jaar nam de Raad daartoe een motie aan van een Belgische senator, Philippe Monfils, die in zijn land een voortrekkersrol had gespeeld bij de liberalisering van de wetgeving. De Raad heeft de Zwitserse afgevaardigde Dick Marty aangesteld als rapporteur.

Marty wil volgend jaar met een resolutie komen, zegt hij. Welke kant het uit moet, weet hij nog niet. „We hebben al een discussie in de commissie volksgezondheid gehad en daar bleek grote verdeeldheid. Het zal dus niet gemakkelijk zijn een compromis te vinden.”

Marty denkt wel dat het noodzakelijk is dat de Raad van Europa met een duidelijke resolutie komt. „Mensenrechten gaan over het leven en de dood is deel van het leven. In de praktijk blijkt euthanasie een probleem te zijn. Daarom is het nodig dat er ethische en juridische richtlijnen voor zijn.”

De sprekerslijst voor de hoorzitting noemt veel deskundigen. Hoogleraren in de medische wetenschappen wisselen ethisch georiënteerden af. De Belgische senator Monfils is gevraagd over de wetgeving in zijn land te vertellen, omdat hij daar zelf een hand in heeft gehad. Vanuit Nederland is oud-minister Borst-Eilers uitgenodigd. „We wilden de minister die de wetgeving zelf heeft ingevoerd. Daarom hebben we niet de huidige minister van Volksgezondheid gevraagd”, aldus woordvoerder Simon Newman van het secretariaat van de commissie volksgezondheid van de Raad van Europa.

Toen de Nederlandse Euthanasiewet in november 2000 werd aangenomen, werd er gelijk alarm geslagen door een andere rapporteur, de Oostenrijkse afgevaardigde Edeltraud Gatterer. Zij had succesvol een resolutie voorbereid over de rechten van terminale en stervende patiënten, waarin onder meer werd gesteld dat de doodswens van de patiënt nooit een wettige grond voor euthanasie is.

Gatterer interpreteerde toen de brede steun voor haar resolutie als een keuze tegen euthanasie van de Raad van Europa. Deze interpretatie werd echter ook bestreden, omdat haar resolutie er een was vóór palliatieve zorg en niet tégen euthanasie.

Toch sluit de nieuwe rapporteur Marty niet uit dat de resolutie van Gatterer uiteindelijk voldoende is en dat er geen nieuwe uitspraak nodig is. „Maar dat kunnen we pas concluderen nadat we al het onderzoek hebben gedaan en met alle Belgische en Nederlandse betrokkenen hebben gesproken.”

Mevrouw Gatterer zelf ziet de hoorzitting en de nieuwe rapportage echter als een bewijs dat de Raad van Europa weg wil van het standpunt dat de mensenrechtenorganisatie onder haar leiding had ingenomen. „Ik heb me erover verbaasd dat er al zo snel weer een nieuwe resolutie wordt gevraagd”, reageert de Oostenrijkse parlementariër. „Ik heb in 1999 lof gekregen van alle deskundigen over mijn resolutie. Maar de sociaal-democraten uit Nederland, België en het Verenigd Koninkrijk willen een andere richting uit.”

De nieuwe rapporteur, Dick Marty, zegt „nog geen definitieve mening” te hebben over euthanasie. Maar volgens mevrouw Gatterer is Marty een voorstander van stervenshulp. Ze denkt dat te kunnen afleiden uit het oorspronkelijke programma voor de hoorzitting. „Er waren voornamelijk voorstanders van euthanasie uitgenodigd. Met veel moeite heb ik toen ook anderen op het programma weten te krijgen, zoals deskundigen op het gebied van palliatieve zorg.”

Opvallend is dat op het programma elke verwijzing ontbreekt naar het VN-Mensenrechtencomité, dat vorig jaar in een rapport zeer kritische vragen stelde over de euthanasiewetgeving in Nederland. Het ligt toch voor de hand dat de ene mensenrechtenorganisatie zich op de hoogte houdt van wat de andere schrijft. Woordvoerder Newman van de Raad van Europa: „Ik ken dit rapport niet. We zijn ook nog maar aan het begin van ons project richting een nieuwe resolutie. We hebben contacten met veel mensen en organisaties gehad, maar niet met deze.”


Lees ook: Dossier:
Verstuur dit artikel naar:
 *
 *
 *
 *
 
Knipsels
    Gerelateerde artikelen
    Meer uit deze rubriek