Bezoek ook andere websites van de Erdee Media Groep

Gereformeerde leer landde niet bij indianen

 NEW YORK – De grond waarop Trinity Church in downtown Manhattan staat is zwaar bevochten: de Anneke Jans and Everardus Bogardus Descendants Association heeft vele processen gevoerd om het stuk terug te krijgen. Foto RD, Henk Visscher

NEW YORK – De grond waarop Trinity Church in downtown Manhattan staat is zwaar bevochten: de Anneke Jans and Everardus Bogardus Descendants Association heeft vele processen gevoerd om het stuk terug te krijgen. Foto RD, Henk Visscher

NEW YORK – Aan de overkant van de hoek Broadway en Wall Street verheffen zich de gewelven van Trinity Church. Op het eerste gezicht lijkt het neogotische godshuis uit 1846 weinig met de Nederlandse geschiedenis te maken te hebben. De grond waarop Trinity Church staat des te meer: deze behoorde in zeventiende-eeuws Nieuw Amsterdam aan Anneke Jans, echtgenote van ds. Everardus Bogardus.
Over het perceel zijn tientallen rechtszaken gevoerd door nazaten van Anneke Jans. Telkens meldden zich ‘erfgenamen’ die claims legden op het land, tot in de twintigste eeuw toe. Over de vrouw werd de mythe verteld dat ze via-via afstamde van Willem van Oranje.

De claims waren steeds kansloos, maar ze laten zien hoe het zeventiende-eeuwse verleden doorwerkt in de moderne tijd. De kwestie is wel omschreven als „een van de meest hardnekkige gevallen van rechtsvervolging.”

Ds. Bogardus was de tweede gereformeerde predikant in de jonge kolonie. Hij trouwde met de lutherse Anneke, wat toen nog niet op problemen stuitte. „Bogardus had geen keus”, zegt prof. dr. Willem Frijhoff, die een boek over hem schreef. „Er waren vrijwel geen vrouwen in de kolonie. Daarom trouwde hij met deze Noorse weduwe.” Anneke Jans had al vijf kinderen, en zou er bij Bogardus nog vier krijgen.

Frijhoffs werk over Bogardus, ”Wegen van Evert Willemsz.”, verscheen in 1995. De Engelse vertaling werd in Amerika beloond met de Hendricks Ma­nuscript Award (2007), een jaarlijkse prijs voor het beste boek over Nieuw-Nederland. „In Amerika is een boek zonder prijs niets hè”, glimlacht de hoogleraar.

De gereformeerde kerk in Nieuw-Nederland was tot ongeveer 1650 een publieke kerk, waar iedereen naartoe ging, legt Frijhoff uit. „Ook lutheranen en doopsgezinden. Men was op elkaar aangewezen. Je ziet het met Isaac Jogues, een Franse jezuïet die door de indianen werd gemarteld en gedood. Hij werd in Nieuw-Amsterdam als een martelaar van het christendom onthaald. De solidariteit tussen christenen van verschillende richtingen was groot.”

Met de komst van gouverneur Petrus Stuyvesant in 1647 ging dat veranderen. Frijhoff: „Stuyvesant was een straffe calvinist die probeerde lutheranen en doopsgezinden terug te dringen. Quakers heeft hij zelfs regelrecht vervolgd. De gereformeerde kerk ging confessionaliseren.”

Ds. Bogardus was in 1633 naar Nieuw-Nederland gekomen, toen de handelspost zich aan het ontwikkelen was naar een meer permanente kolonie. Volgens Frijhoff moet Bogardus „heel goed” gepreekt hebben, alleen zijn er geen teksten die dit kunnen staven. „Hij heeft ook geprobeerd de indianen te kerstenen, maar net als bij alle andere predikanten ging dat mis. De gereformeerde dogmatiek strookte niet bepaald met de manier van leven van de indianen.”

Wegens een ernstig conflict met gouverneur Kieft werden Bogardus en Kieft door de West-Indische Compagnie teruggeroepen naar Nederland. Op de reis terug naar huis kwamen beiden om toen de boot waarop ze zaten schipbreuk leed.

Dit is het zesde deel in een serie. Het zevende deel verschijnt donderdag.

enkelereisamerika


Dossier:
Verstuur dit artikel naar:
 *
 *
 *
 *
 
Knipsels
    Meer uit deze rubriek