Bezoek ook andere websites van de Erdee Media Groep

Dodental aardbeving Java stijgt gestaag

 JAKARTA - Een Indonesische vrouw zit naast het wrak van haar huis in Bantul. Zeker 5000 mensen zijn bij de aardbeving om het leven gekomen.Foto EPA

JAKARTA - Een Indonesische vrouw zit naast het wrak van haar huis in Bantul. Zeker 5000 mensen zijn bij de aardbeving om het leven gekomen.Foto EPA

JAKARTA (ANP/AFP) - Het dodental als gevolg van de aardbeving die zaterdag het Indonesische Java trof, is al hoger dan 5000. De gouverneur van Yogyakarta zei maandag er in het getroffen gebied reeds 5115 doden zijn gevallen.
Eerder meldde het ministerie voor Sociale Zaken maandag dat er nu 4983 overledenen zijn geteld. Vooral het gebied rond de stad Bantul is zwaar getroffen. Daar kwam ook voor zover bekend het enige Nederlandse slachtoffer van de beving om het leven. Honderden Nederlanders met een verblijf in de provincie Yogyakarta zijn dakloos geworden.

Overlevenden van de aardbeving die zaterdag het Indonesische eiland Java trof zochten zondag in de puinhopen van hun huizen naar iets eetbaars en smeekten om hulp. Vele landen hebben hulp beloofd of zelfs al gestuurd, maar het zal nog wel enige tijd duren voor de hulpverlening goed op gang komt.

Zondagavond was het dodental van de beving gestegen tot boven de 4.300. Duizenden gewonden liggen nog in de overvolle ziekenhuizen. De 200.000 mensen die dakloos zijn geworden en schuilplaatsen hebben gemaakt van plastic, canvas of zelfs karton, kregen zondagavond tot overmaat van ramp bakken regen over zich heen.

„Tot nu toe heeft niemand van de regering enige zorg voor ons getoond”, zei Brojo Sukardi in een dorp in het district Bantul waar bijna alle huizen in puin lagen. „Zeg alstublieft tegen de mensen dat ze ons moeten komen helpen.”

De beving, die een momentmagnitude had van 6,3, richtte verwoestingen aan in de provincie Yogyakarta in het hart van het dichtbevolkte Java. Het zwaarst getroffen werd de stad Bantul, waar 2.400 doden vielen en 80 procent van de huizen instortte. Elektriciteit en telefoon vielen uit. Het Wereldvoedselprogramma van de VN is begonnen voedzame koeken uit te delen, maar vooralsnog alleen in de zwaarst getroffen gebieden.

„Ik moet mijn leven weer van nul af beginnen”, zei Poniran, die zijn 5-jarige dochter Ellie verloor. Toen hij haar uit het puin van hun huis opgroef ademde ze nog, maar ze overleed terwijl ze in het ziekenhuis met honderden andere gewonden lag te wachten op behandeling. „Haar laatste woorden waren pappa, pappa”, zei Poniran.

Vanwege de vele naschokken brachten tienduizenden mensen de nacht van zaterdag op zondag op straat door. Zondag tegen de middag waren maar liefst 450 naschokken geregistreerd, waarvan de zwaarste een momentmagnitude had van 5,2. Overlevenden doorzochten de restanten van hun huizen op nog bruikbare spullen. Zij klaagden over gebrek aan hulp. „We hebben van alles nodig. Kleren, eten, water, alles is weg. We zijn arme mensen, maar ons leven is evengoed belangrijk”, zei de 63-jarige Budi Wiyana.

Artsen deden hun best om alle gewonden te behandelen. Honderden gewonden waren buiten de overvolle ziekenhuizen neergelegd op stukken plastic, matjes en zelfs kranten. Sommigen waren aangesloten op infusen die in de bomen hingen.

De Borobudur, de beroemde 7de-eeuwse boeddhistische tempel, bleef ongeschonden. Het dichter bij het epicentrum gelegen en eveneens veelbezochte hindoe-tempelcomplex Prambanan, uit de 9de eeuw, liep wel zware schade op. De grond rond de acht belangrijkste tempels op het complex lag bezaaid met afgebroken stukken. De Borobudur en Prambanan trekken jaarlijks meer dan een miljoen toeristen.

Tachtig kilometer ten noorden van het epicentrum van de beving ligt de vulkaan Merapi, die al weken hete gas en as uitstoot en volgens deskundigen op uitbarsten staat. De vulkaan stootte na de beving een grote wolk hete as en stenen uit, maar omdat de bewoners van de berg al waren geëvacueerd raakte niemand gewond.

President Susilo Bambang Yudhoyono is met een team ministers naar het rampgebied gekomen om de reddingsoperatie te leiden. Hij heeft het leger ingezet om slachtoffers te evacueren. Een voor begin juni gepland staatsbezoek van Yudhoyono aan Noord- en Zuid-Korea heeft de president inmiddels afgezegd.

Vanuit de hele wereld is medeleven met de slachtoffers betuigd. Maleisië stuurde meteen reddingsteams en noodhulp en veel andere landen in Azië hebben teams en hulp toegezegd. Ook Australië, Nieuw-Zeeland, de Europese Unie en de Verenigde Naties hebben toezeggingen gedaan. Landen hebben al miljoenen euro’s toegezegd die via diverse hulporganisaties de slachtoffers ten goede moeten komen. De Nederlandse regering doneert 1 miljoen euro voor hulp aan de slachtoffers van de aardbeving op het Indonesische eiland Java van zaterdag. Het Internationale Rode Kruis besteedt het geld. Minister Agnes van Ardenne van Ontwikkelingssamenwerking maakte dit zondag bekend.

Minister Van Ardenne geeft met de gift gehoor aan een internationaal verzoek van het Rode Kruis. De organisatie denkt de er op dit moment ongeveer 8 miljoen euro nodig is om de eerste hulp te kunnen bieden op het gebied van gezondheidszorg, water, tijdelijk onderdak en sanitaire voorzieningen.

In een reactie noemde Van Ardenne het tragisch dat honderdduizenden hun huizen hebben verloren en zei mee te leven met de mensen. „Het is nauwelijks te bevatten dat in deze regio opnieuw als gevolg van een aardbeving duizenden mensen, onder wie ook een Nederlander, het leven hebben moeten laten. Nederland is bereid Indonesië te helpen waar nodig en mogelijk”.

De reddingswerkzaamheden komen maar moeizaam op gang. Hulpverleners ondervinden veel hinder van naschokken en zware regenval. Gevreesd wordt dat het totale aantal doden richting de 10.000 gaat.

De regen die zondag meedogenloos uit de hemel bleef vallen, bemoeilijkte niet alleen het reddingswerk, maar trof ook de tienduizenden angstige overlevenden. Velen van hen overnachtten uit vrees voor meer naschokken in de openlucht of in lekkende tentjes op straat of in rijstvelden. In sommige dorpen rond de zwaar getroffen stad Yogyakarta zijn vrijwel alle huizen verwoest.

De buitenlandse hulp stroomt intussen binnen. Het Internationale Rode Kruis liet zaterdag weten dat ruim 7,6 miljoen euro nodig is voor de eerste noodhulp.

Volgens de Indonesische autoriteiten is er vooral een tekort aan artsen en medische voorzieningen in het rampgebied. In verband met de dreigende uitbarsting van de vulkaan Merapi in dezelfde regio waren al veel medische hulpverleners in Midden-Java aanwezig, maar de ziekenhuizen kunnen de enorme stroom gewonden desondanks nauwelijks verwerken.

De afdelingen van Artsen zonder Grenzen in België en Frankrijk hebben teams van onder anderen artsen naar het gebied rond Yogyakarta gestuurd. Noorwegen heeft ook een medisch team gestuurd dat een veldhospitaal moet gaan opzetten. Ook de VS, China, Australië en veel Aziatische buurstaten hebben Indonesië geneeskundige hulp aangeboden voor de slachtoffers.

Het epicentrum van de beving, die zaterdag plaatshad rond 01.00 uur Nederlandse tijd, lag volgens de website van de Amerikaanse geologische dienst USGS dicht voor de kust op een diepte van 17,1 kilometer onder de zeebodem. De regio Bantul, ten zuiden van de stad Yogyakarta, is het zwaarst getroffen. In dat gebied wonen ongeveer 800.000 mensen, aldus de website van de regionale overheid. Het is een grotendeels agrarisch gebied maar wel zeer dichtbevolkt.


Dossier:
Verstuur dit artikel naar:
 *
 *
 *
 *
 
Knipsels
    Meer uit deze rubriek