Voorzitter J. Wiebenga van de werkgroep die het rapport schreef, benadrukte bij de presentatie van het rapport dat de stichting het bijzonder onderwijs niet onmogelijk wil maken. Maar er is volgens hem geen reden om het te bekostigen. De Staat mag zich op grond van de scheiding van kerk en staat niet bezighouden met godsdienst, aldus de auteurs.
Ook stellen ze dat kennisvergaring en ontwikkeling van het kind het doel is van het onderwijssysteem en niet „de belangen van ouders of levensbeschouwelijke groepen”. Bovendien gaan christelijke, joodse en moslimscholen „ten koste van de gewetensvrijheid van kinderen en ten koste van de integratie”.
Minister Verdonk (Vreemdelingenzaken en Integratie), die het rapport in ontvangst nam, zei dat ze het op dit punt niet eens is met de werkgroep. Eind vorig jaar ontstond veel discussie over de kwestie, nadat Verdonk had gezegd in de toekomst af te willen van artikel 23 van de grondwet, dat gelijkstelling van bijzonder en openbaar onderwijs regelt.
VVD–Kamerlid Hirsi Ali wil via deze weg islamitische scholen kunnen sluiten. Daarover kreeg ze toen ruzie met CDA–minister Van der Hoeven (Onderwijs), die belemmeringen voor bijzonder onderwijs ziet als aantasting van de vrijheid van onderwijs. In het regeerakkoord staat dat deze kabinetsperiode niet wordt getornd aan artikel 23.
De auteurs noemen verder uithuwelijking een grote inbreuk op de keuzevrijheid en autonomie van het individu. Met een beroep op het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens is het volgens hen goed mogelijk om uithuwelijking te verbieden. De Adviescommissie voor Vreemdelingenzaken had er begin september ook al voor gepleit uithuwelijking strafbaar te stellen, als dat tenminste zinvol en effectief is.