Dat was voor het hoofd van het Social Science Department van de Roosevelt Academy aanleiding voor het starten van een onderzoek naar de invloed die de gelijkebehandelingswetgeving (AWGB) heeft op het doen en laten van orthodoxe christenen.
Volgens de Middelburgse juriste vindt een groot deel van de samenleving artikel 1 van de Grondwet, het recht op gelijke behandeling, belangrijker dan klassieke vrijheden als die van godsdienst en onderwijs.
Oomen is goed thuis in dit thema: naast haar werk als docente aan de Roosevelt Academy en de Universiteit van Amsterdam is ze lid van de vorige maand geïnstalleerde staatscommissie die de regering moet adviseren over wijziging van de Grondwet. Ook is ze lid van de commissie mensenrechten van de onafhankelijke adviesraad internationale vraagstukken en is zij voorzitter van het platform mensenrechteneducatie, dat ijvert voor meer aandacht voor fundamentele rechten en vrijheden in het onderwijs.
Gesprekken
Samen met de vier christelijke studenten, Joost Guijt, Iris Meijvogel, Matthias Ploeg en Niels Rijke, voerde Oomen inmiddels gesprekken met kerkelijk leiders en lokale en landelijke vertegenwoordigers van de SGP (partijvoorzitter Kolijn en fractievoorzitter Van der Vlies) en van de CU (senator Lagerwerf).
Verder hebben de onderzoekers ook contacten gelegd met mensen die actief zijn binnen christelijke organisaties voor homoseksuelen, zoals Different, RefoAnders en Contrario.
Het vijftal sprak ook onder andere met „gewone gelovigen” uit Middelburg en Katwijk. Twee betrokken studenten komen zelf uit Katwijk, waardoor ze volgens Oomen weinig moeite hoefden te doen om bij christenen in het kustplaatsje binnen te komen. Daarnaast bestuderen de studenten de laatste tien jaargangen van het Nederlands Dagblad en het Reformatorisch Dagblad om zicht te krijgen op de opvattingen over gelijke behandeling en discriminatie.
In het oorspronkelijke onderzoeksplan was geen kwantitatief onderzoek opgenomen, maar inmiddels staat sinds woensdag toch een opinieonderzoek op gelijkheidsonderzoek.nl online. Iedereen kan daar vragen beantwoorden over onder meer het vrouwenstandpunt van de SGP en de positie van homoseksuele leerkrachten in het bijzonder onderwijs.
Stellingen waar deelnemers een mening over mogen geven, zijn bijvoorbeeld: ”Je kunt als christen goed jezelf zijn in de maatschappij vandaag”, ”Ik erger mij aan de toon van de publieke discussie over het SGP-vrouwenstandpunt”, ”De discussie over homoseksualiteit moet beginnen in eigen kring” en: ”De toon waarop de discussie over homoseksualiteit in het bijzonder onderwijs wordt gevoerd is respectvol”.
Oomen: „We hopen dat veel lezers van het ND en het RD de vragenlijst zullen invullen. Daarnaast werven we via sites als Refoweb. Ik besef ook dat ons onderzoek politiek gevoelig ligt.”
Eind augustus, begin september hopen de onderzoekers met de eerste conclusies naar buiten te kunnen komen.
De Middelburgse juriste deelt de aarzelingen bij een vragenlijst die midden in de zomervakantie moet worden ingevuld. Ook blijft het de vraag bij een dergelijke enquête of iedereen die ook eerlijk invult.
Oomen: „We moeten inderdaad goed kijken naar de respons en hoe betrouwbaar de uitkomsten zijn.”
gelijkheidsonderzoek.nl voor de onlinevragenlijst.