TEN BOER – Gaat de dijk het houden? Het is vrijdag de grote vraag voor honderden geëvacueerde Groningers langs het Eemskanaal. „Het is allemaal onwerkelijk.”
„Twee tabletten.” Met potlood vertrouwt Saskia Bothof uit Woltersum de woorden aan het papier. Ze zit met haar mobiele telefoon aan haar oor, in sporthal De Tiggelhal in Ten Boer. Het complex biedt deze vrijdag opvang aan evacués uit Groninger dorpen als Woltersum en Ten Boer. De dreiging van het wassende water is vrijdagavond nog altijd niet geweken.
Het telefoontje van Bothof, met de trombosedienst, pleegt ze voor haar oude buurman uit Woltersum. Gisterochtend nog moest zijn bloed worden geprikt. Normaal thuis, ditmaal in de sporthal. „Ik heb hem meegenomen”, vertelt Bothof, die op een administratiekantoor werkt. Net als de andere dorpelingen moest ze halsoverkop het dorp uit. Ze nam wel wat spullen mee. „Schone kleren, laarzen, spelletjes voor mijn dochtertje.” En een dik boek over belastingwetten. Met een gele stift markeert ze passages.
Op banken aan lange houten tafels zitten ze, de tientallen van haard en huis verdreven dorpelingen. Er is koffie, er zijn broodjes. De een leest een krant, de ander neemt een breiwerk ter hand, een derde grijpt zijn pak shag. Er klinkt hondengeblaf. Menigeen heeft zijn viervoeter meegenomen. Als op de tv-schermen een verse nieuwsuitzending van rampenzender RVT Noord wordt vertoond, wordt het muisstil in de sporthal.
Hartpatiënt
Zeker voor oudere inwoners van Woltersum hakt de ontruiming erin. „Mijn 78-jarige moeder, die hartpatiënt is, was helemaal in de war”, vertelt evacuee Janny Hoving. „Toen ik haar ’s ochtends vroeg kwam helpen, zei ze: „Ik weet niet wat ik moet doen.” Ik antwoordde: „Eerst kleren aan, dan je identiteitskaart, je geld, pinpas en medicijnen pakken. Daarna jas aan, deur dicht en weg.””
De saamhorigheid is groot, klinkt het van verschillende kanten. „Iedereen praat met iedereen”, zegt de bebaarde Kees Steenhuis, zijn hond aan zijn voeten. „Ik heb daar een goed gevoel over.” Ook Janny Hoving merkt eensgezindheid. „Je spreekt nu ook met nieuwelingen uit het dorp. Iemand vertelde me bijvoorbeeld de trouwfoto’s naar een hoger gelegen plek in het huis te hebben gebracht.”
Zorgen hebben de geëvacueerde inwoners over de toe- stand van hun achtergebleven (huis)dieren. Meerdere keren roept een crisisvoorlichter in de sporthal via een luidspreker op het verblijf van de dieren te melden bij de autoriteiten.
Voor Albert Bakker (47) kwam de evacuatie vrijdag niet totaal onverwacht. „Donderdagavond waren ze in Woltersum ook al met zandzakken bezig. Mensen van onze biljartvereniging hebben nog hulp aangeboden”, vertelt Bakker, die net als andere evacués een witte sticker met een registratienummer draagt.
Bakker, werkzaam in de bagger, liet het bevel tot evacuatie „in alle rust” tot zich doordringen. „Omdat ik vanwege mijn werk wel wat weet van dijken, begreep ik dat het water niet meteen hoog zou komen te staan. Ik probeerde andere mensen gerust te stellen.”
Spannend is het allemaal wel, zegt Bakker. „Aan de ene kant merk je hier in de sporthal iets van ontspanning. Mensen voelen zich veilig. Toch heerst er ook bezorgdheid.”
Voor het Rode Kruis zijn het bijzondere dagen, nu het wassende water Groningen in zijn greep houdt. Vijftien vrijwilligers zijn continu paraat, zegt coördinator Klaas Heerema, in de zaal waar tientallen veldbedden zijn neergezet. „We proberen mensen gerust te stellen. Nu is de stemming nog redelijk gelaten. Als de dijk zou breken, kan de stemming omslaan. Dan zou er sprake zijn van een menselijk drama.”
Ander bed
Het is een domper als aan het eind van de middag bekend wordt dat de dorpelingen de nacht niet in eigen huis kunnen doorbrengen. „Het is heel onwerkelijk. Je slaapt liever in je eigen huis”, zegt Martin de Haan, vader van zes kinderen en verbonden aan de gereformeerd vrijgemaakte kerk in Ten Boer. Zijn vrouw koestert een van hun jongste telgen. Ze hoopt dat Karel van twee de slaap zal vatten. „Hij heeft nog nooit in een ander bed geslapen.”
Het duister is gevallen, rond zeven uur vult een kruidige geur de sporthal. Militairen, agenten, burgers en buitenlui sluiten aan in de rij voor een warme maaltijd. Uit speakers klinkt melancholische muziek. Maar die kan de spanning niet wegnemen.