„Aan de mogelijkheid van abortus en euthanasie wordt niet getornd en ik ben van mening dat -ondanks de tegenstellingen in het kabinet over deze onderwerpen- we een weg hebben gevonden om toch vooruit te gaan, in plaats van achteruit”, aldus de bewindsvrouw.
Tijdens een vragenronde na afloop van het gastcollege stelde Bussemaker dat ook een regeringscoalitie zonder de ChristenUnie geen experimenten met de pil van Drion zou hebben toegestaan. De pil van Drion is bedoeld voor mensen die levensmoe zijn en een eind aan hun aardse bestaan willen maken. Volgens Bussemaker is er op dit moment geen draagvlak in de samenleving om met de pil van Drion te experimenteren.
Op het punt van abortus is dit kabinet „zelfs liberaler” dan het vorige, zo voegde de bewindsvrouw daaraan toe. Ze doelde op de afspraak in het coalitieakkoord om de overtijdbehandeling onder de abortuswetgeving te brengen. Het vorige kabinet van CDA, VVD en D66 wilde de volle bedenktijd van vijf dagen die voor een abortus geldt, ook voor de overtijdbehandeling laten gelden. Het huidige kabinet van CDA, PvdA en ChristenUnie wil die bedenktijd flexibel maken.
Bussemaker heeft in een eerder stadium laten weten dat vijf minuten en vijf seconden bedenktijd ook onder het begrip flexibele bedenktijd vallen. Dinsdag liet ze zich daar niet over uit. Ze zei wel dat het juridisch vastleggen van een flexibele bedenktermijn „nog veel hoofdbrekens” zal kosten.
De staatssecretaris deed dinsdag geen pogingen om de afspraken uit het regeerakkoord over medische ethiek te minimaliseren. Ze herhaalde wel haar eerder ingenomen stelling dat palliatieve zorg geen alternatief is voor euthanasie en adoptie geen alternatief voor abortus.
Volgens Bussemaker is 85 procent van de vrouwen die om abortus vragen vastbesloten de zwangerschap te laten beëindigen. De overige 15 procent is gebaat bij extra steun en begeleiding. „Voor hen kan het van groot belang zijn diverse alternatieven te bespreken en zonodig een psycholoog of maatschappelijk werken in te schakelen. Het meisje of de vrouw moet een besluit nemen waarmee ze kan leven.”
Bussemaker toonde zich „erg blij” met de extra gelden voor palliatieve zorg. „Door mensen in de laatste fase van hun leven bij te staan, vergroot je hun kwaliteit van leven”, aldus de bewindsvrouw. Maar anderzijds benadrukte ze dat palliatieve zorg geen reden mag zijn om euthanasie te weigeren.
De staatssecretaris vindt in zijn algemeenheid dat de overheid zich terughoudend moet opstellen bij onderwerpen die gevoelig liggen in de samenleving. Pas als er voldoende draagvlak is in de samenleving en zich via de rechterlijke uitspraken een bepaalde richting aftekent, moet de overheid in actie komen. Zo is het gegaan bij abortus en euthanasie en zo zal het wat Bussemaker betreft ook gaan met de pil van Drion. De bewindsvrouw heeft er dan ook geen enkel bezwaar tegen dat over dit onderwerp in de samenleving discussie ontstaat.