Bezoek ook andere websites van de Erdee Media Groep

Dreigementen uit de onderwereld

LEEUWARDEN - Wezenloos schrok een Friese taxichauffeur zich toen in het holst van de nacht een potige klant hem van zijn geld beroofde. Niet minder schrikwekkend was dat het slachtoffer later dreigementen uit de onderwereld kreeg.
„Dit is een echte.” In de wandelgangen van de rechtbank in Leeuwarden klinkt in de stem van een door de wol geverfde Friese rechtbankverslaggever geen spoortje van twijfel. Hij heeft het over Gerrit D. (46) uit Noord-Holland, een gewelddadig en vermetel heerschap.

Kaalgeschoren is Gerrit, gedrongen ook, en breedgeschouderd. Vleesgeworden onderwereld. Hij heeft een lange lijst van wandaden achter zijn naam staan, waaronder diefstal. Jaren bracht hij achter de tralies door.

Zelf wil Gerrit D. tegenover de rechtbank grif toegeven dat hij een meesteroplichter is. „Het is een soort hobby. Ik sta erom bekend.”

Neem de truc met het pak zout. Louter voor het recept van deze doortrapte list zegt de misdadiger 1000 euro „aan Marokkanen” te hebben betaald.

De truc is dat een oplichter bij een taxichauffeur instapt en eenmaal in de auto nogal opzichtig een verdacht pakketje onder de passagiersstoel moffelt. Vervolgens begint hij een verhaal over drugstransport. Dan vertelt hij de chauffeur dat die een flinke fooi kan verdienen door geen lastige vragen te stellen en hem snel te vervoeren. Op de plaats van bestemming vraagt de oplichter de chauffeur een som wisselgeld, 500 euro bijvoorbeeld, te leen. Tevens belooft hij snel terug te komen om het totaal verschuldigde bedrag af te lossen.

Door het pakketje in de auto achter te laten, hoopt de oplichter op het vertrouwen van de taxichauffeur. Die moet immers denken dat het pakketje onder de stoel een portie peperdure drugs bevat en dat de geldlener om die reden natuurlijk zal terugkomen.

In werkelijkheid echter zit in het pakketje niet meer dan zout. Slaagt de truc, dan kan de chauffeur fluiten naar zijn geld. Extra pijnlijk is dat de bestolen chauffeur in een lastig parket zit. Als hij naar de politie stapt, zal hij moeten opbiechten dat hij vermeende drugshandelpraktijken in zijn taxi in ieder geval niet radicaal heeft afgekapt.

Deze pak-zoutstreek had Gerrit D. de Friese taxichauffeur om kwart voor drie in de nacht op 22 februari dit jaar willen leveren. Dat beweert Gerrit althans. Voor het vervoer van de zogenaamde drugs zou de chauffeur 200 euro extra vangen.

De chauffeur heeft een heel andere lezing van de feiten. Het verhaal over een aangeboden extra betaling van 200 euro is een fabeltje, zegt hij. De werkelijkheid is dat Gerrit D. hem bij de strot heeft gegrepen en zijn geld heeft geëist. De belaagde chauffeur gaf een portemonnee met 70 euro. Bij de gewelddadige diefstal had Gerrit D. letterlijk om „poen” gevraagd.

Poen? „Ik ken dat woord niet”, beweert de verdachte. Nee, hij heeft alleen die zouttruc geprobeerd en die is ook nog eens mislukt.

Na de hardhandige diefstal is de taxichauffeur nog niet van Gerrit D. af.

Als de politie de crimineel later arresteert, zint het hem niet dat de taxichauffeur aangifte heeft gedaan van diefstal met geweld. In bijzijn van een politieman slaat Gerrit D. dreigende taal uit. De woedende misdadiger laat weten dat de chauffeur „een groot probleem” heeft als die zijn aangifte handhaaft.

Vanuit zijn cel schrijft Gerrit D. de chauffeur brieven, waarin hij de man sommeert „de waarheid” te vertellen. Als de chauffeur zijn verhaal aanpast, kan hij daarvoor zelfs een vergoeding tegemoetzien.

Wanneer blijkt dat de bestolen chauffeur niet van zins is zijn aangifte te wijzigen, krijgt het taxibedrijf dreigtelefoontjes van kennelijke handlangers van Gerrit. Er zal „ergens een mannetje een granaat binnengooien.”

Officier van justitie A. Rietveld prijst de taxichauffeur dat hij niet is gezwicht voor dreigementen van „onderwereldfiguren.” „Daar is moed voor nodig.” De aanklager eist tegen Gerrit D. achttien maanden celstraf.

Twee weken later blijkt dat de rechters geen geloof hechten aan D.’s ontkenning van de diefstal. Ze achten diefstal met geweld én de bedreigingen vanuit de cel bewezen. De man krijgt een straf van twintig maanden cel opgelegd.

Verstuur dit artikel naar:
 *
 *
 *
 *
 
Knipsels
    Serie
    Verslag vanuit de rechtbank
    Meer uit deze rubriek