De Algemene Rekenkamer publiceert elk jaar een rapport over de stand van zaken rond de JSF. De rapportage is vanmiddag aan de Tweede Kamer overhandigd.
Nederland stak sinds 2002 ruim 730 miljoen euro in het project. Defensie houdt rekening met een budget van 5,7 miljard euro om 85 jachttoestellen te kopen en ruim 9 miljard voor de exploitatie. De kosten zijn gebaseerd op Amerikaanse aannames en ramingen uit de VS. Deze zijn moeilijk op betrouwbaarheid te toetsen, aldus de Rekenkamer.
Defensie heeft de keuze voor de JSF al in 2006 voorbereid. Door de vroegtijdige val van het kabinet, werd een besluit uitgesteld. Het huidige kabinet sprak in het regeerakkoord af dat pas in 2010 wordt besloten welk toestel de F-16 zal vervangen. Vooral de PvdA heeft moeite met de JSF.
Volgens de rekenmeesters lijkt Defensie geen rekening te houden met een andere keuze dan de JSF. De Zweedse Saab Gripen Next Generation is de enige serieuze kandidaat als opvolger van de F-16. Het kabinet heeft volgens de Rekenkamer nauwelijks gekeken wat het financieel zou betekenen als Nederland toch stopt met de JSF. De Rekenkamer vindt dit wel relevant voor de Tweede Kamer om een keuze te kunnen maken.
Eind 2007 maakten de ministeries van Defensie, Economische Zaken en Financiën een interne en indicatieve berekening van deze uitstapkosten. De Rekenkamer maakte een soortgelijke berekening, maar moest zich baseren op het prijspeil van 2001. Daaruit blijkt dat Nederland minimaal 316 miljoen euro verliest als het stopt met het JSF-programma en de toestellen dan van de plank koopt. Als Nederland helemaal geen JSF koopt, kost dat minimaal 430 miljoen euro.
Volgens staatssecretaris De Vries (Defensie) voldoet de informatievoorziening aan de Tweede Kamer aan de criteria. Hij erkent het belang van een transparant inzicht en zal het investeringsbudget aanpassen. Wel wijst hij erop dat er al nieuwe gegevens zijn door de kandidatenvergelijking uit december. Het onderzoek van de Rekenkamer loopt tot eind oktober 2008.
De Rekenkamer signaleert hoge risico’s bij het tijdig operationeel krijgen van de JSF door mogelijke problemen bij de invoering van het Amerikaanse JSF-informatiesysteem ALIS en de koppeling aan toekomstige Nederlandse ict-systemen. De Vries deelt deze zorgen niet.
De Rekenkamer maakt bij de samenstelling van haar jaarlijkse rapportage gebruik van informatie van rekenkamers uit de VS, Groot-Brittannië, Denemarken, Noorwegen, Turkije, Canada en Australië. De Amerikaanse Rekenkamer komt volgende maand met een nieuw onderzoek.
Arbitrage
Het duurt nog tot mei voordat er een uitspraak komt in het geschil tussen het bedrijfsleven en het ministerie van Economische Zaken over het percentage dat het moet betalen over de omzet uit opdrachten voor de bouw van de JSF. De Rekenkamer schrijft dat op basis van informatie van staatssecretaris De Vries.
Het bedrijfsleven spande vorig jaar een arbitrage aan tegen het ministerie. Het vindt dat het een te groot deel van de omzet moet afdragen aan de overheid. Volgens Economische Zaken moet de industrie 10,1 procent afdragen. De industrie stelt dat de overheid zoveel profijt heeft van de gedaalde dollarkoers dat zij niets hoeft te betalen.
Nederland besloot in 2002 voor 800 miljoen dollar mee te doen aan de ontwikkeling van het Amerikaanse gevechtsvliegtuig. De Nederlandse industrie kwam daardoor in aanmerking voor Amerikaanse orders. Het kabinet beloofde dat dit de belastingbetaler niets mocht kosten. Daarom moest de industrie een percentage van de omzet afdragen.