Rozema -hij is een jaar trouwambtenaar, maar heeft nog geen huwelijk gesloten- wil zijn beslissing niet persoonlijk toelichten. In plaats daarvan verspreidde hij woensdag een persverklaring. Daarin staat: „Ik ben en blijf van mening dat ambtenaren van de burgerlijke stand met gewetensbezwaren vrijgesteld moeten kunnen worden van de in de motie opgesloten verplichting. In zo’n geval zou het gemeentebestuur voor een alternatief moeten zorgen. De motie maakt dit onmogelijk.” Tegelijk geeft Rozema aan het besluit van de raad en het college te respecteren. Hij blijft dan ook wethouder.
CU-fractievoorzitter Van der Wouden betreurt de gang van zaken. „De CU had een eigen motie met twee punten ingediend. In de eerste plaats sprak onze motie uit dat gemeenten verplicht zijn alle soorten huwelijken te sluiten. Dat eist de wet, klaar. Daarnaast pleitte onze motie ervoor ruimte te houden voor trouwambtenaren met principiële bezwaren tegen het homohuwelijk. Helaas kreeg onze motie alleen de steun van CDA en Gemeentebelangen. Met z’n drieën hebben we 12 van de 31 zetels. Een plaatselijke partij, Smallingerlands Belang, onthield zich van stemming.”
Hoe komt de beslissing van uw wethouder om te stoppen als trouwambtenaar bij u over?
„Er zitten twee kanten aan de zaak. Ik had graag gezien dat Rozema was aangebleven als trouwambtenaar en zich had laten ontslaan. Dan hadden we een proefproces over de kwestie kunnen uitlokken. Aan de andere kant: Rozema heeft duidelijk gekozen voor zijn principes en dat verdient onze waardering.”
Heeft hij met u overlegd?
„Nee, het is zijn eigen beslissing. Die ruimte heeft hij als gevolg van het dualisme.”
Er is landelijk veel commotie over gewetensbezwaarde trouwambtenaren. En dat onder een regering waarvan uw partij deel uitmaakt. „Dat doet mij wel degelijk iets. Ik vind dat er in de hele discussie sprake is van discriminatie. Een bepaalde bevolkingsgroep, namelijk mensen met principiële bezwaren tegen het homohuwelijk, wordt uitgesloten van de functie van trouwambtenaar. Dat strijdt met artikel 1 van de Grondwet. Dit feit moet nader onderzocht worden. De zaak is het alleszins waard.”
Wie moet dat doen?
„Ik kijk daarbij naar Den Haag, en dan ook nadrukkelijk naar mijn eigen partij. De PvdA laat overal in het land weten dat het regeerakkoord wat haar betreft geen ruimte laat voor gewetensbezwaarde trouwambtenaren. Het is hoog tijd dat de ChristenUnie zich ook eens duidelijk uitspreekt over háár interpretatie van het regeerakkoord. En laat haar grote broer, het CDA, dat ook maar eens doen. Verder zou ik het kabinet dringend willen verzoeken deze kwestie nu eens goed te regelen.”
De door u bepleite duidelijkheid zal tot een nieuwe discussie over de juiste interpretatie van het regeerakkoord leiden.
„Ik ben niet bang voor die discussie.”
Hoe nu verder?
„Komende woensdag beraden we ons als raadsfractie op nadere stappen. De uitslag van dat beraad zal, naar ik verwacht, zijn dat we een gesprek met ons landelijk partijbureau willen hebben. Ook zullen we onze fractie in de Tweede Kamer inlichten. Vervolgens zullen we afwachten welke stappen er op landelijk niveau gezet gaan worden.”