Bezoek ook andere websites van de Erdee Media Groep

„Christen moet homopaar trouwen”

UTRECHT - Ondervoorzitter prof. mr. A. C. Hendriks van de Commissie Gelijke Behandeling (CGB) neemt afstand van eerdere uitspraken van de commissie inzake de bescherming van gewetensbezwaarde trouwambtenaren tegen het homohuwelijk. Volgens hem zouden ook christelijke ambtenaren alle huwelijken moeten voltrekken.
Dat valt op te maken uit een betoog van Hendriks in de jongste uitgave van het Nederlands Juristen Blad. Daarin gaat hij in op de huidige discussie over de positie van gewetensbezwaarde trouwambtenaren.

„Ook al garandeert een gemeente de uitvoering van de huwelijksformaliteiten, in de voorbereiding daartoe is de kwetsende afwijzing inmiddels een feit”, schrijft Hendriks. Volgens hem wordt bovendien voorbijgegaan aan het punt dat trouwen een recht is. „Tegenover rechten van burgers staan plichten van de overheid, die haar dienaren loyaal en zonder onderscheid des persoons moeten uitvoeren.”

De ondervoorzitter trekt een parallel met een recente discussie over de gemeente Rotterdam die volgens de commissie een moslimman niet had mogen afwijzen voor een functie, enkel en alleen omdat hij om geloofsredenen weigerde handen te schudden. Een groot gedeelte van de Tweede Kamer keurde deze uitspraak af. „Voor de coalitiegenoten is het kennelijk nu niet zo ernstig als ambtenaren bepaalde burgers de aanspraak op een recht ontzeggen. Is het niet uitvoeren van een democratisch tot stand gekomen wet door een ambtenaar dan minder problematisch dan het naleven van een begroetingsritueel?”

Volgens Hendriks geeft het geen pas om vijf jaar na openstelling van het burgerlijke huwelijk voor homoparen bij de uitvoering van het voltrekken van huwelijken onderscheid te maken tussen burgers.

De ondervoorzitter van de CGB vraagt zich af waarom het kabinet alleen met deze categorie gewetensbezwaarden rekening houdt. „Moeten we uit het akkoord opmaken dat ambtenaren straks ook mogen weigeren huwelijken te voltrekken tussen etnisch of godsdienstig gemengde paren? Of huwelijken tussen personen die eerder gehuwd zijn geweest? En mogen ambtenaren van de burgerlijke stand met een beroep op de godsdienstvrijheid straks weigeren personen van het andere geslacht te helpen?”

Het kabinetsstandpunt met betrekking tot gewetensbezwaarde trouwambtenaren is volgens Hendriks weinig doordacht en juridisch aanvechtbaar. „Het lijkt bovenal te zijn ingegeven door de wens christelijke trouwambtenaren te beschermen. Was het kabinet even voortvarend te werk gegaan indien het moslimambtenaren waren die ’onze homo’s’ weigerden te huwen? Ik durf het te betwijfelen. Dat maakt dit kabinetsstandpunt des te ongelukkiger. Met een beroep op de godsdienstvrijheid kunnen trouwambtenaren zich namelijk niet onttrekken aan de verplichting huwelijken te voltrekken zonder onderscheid naar seksuele voorkeur. Deze plicht geldt voor alle ambtenaren, ook voor christenen.”

In het regeerakkoord is vastgelegd dat de rechtszekerheid van gewetensbezwaarde trouwambtenaren desnoods door middel van extra maatregelen wordt veiliggesteld. De kritiek van Hendriks lijkt zich met name op die passage te richten. Indirect neemt hij ook afstand van de eerdere uitspraak van de Commissie Gelijke Behandeling. Toen de gemeente Leeuwarden in 2001 trouwambtenaar Eringa een nieuw contract weigerde omdat ze geen homohuwelijken wil sluiten, handelde het gemeentebestuur volgens de commissie in strijd met de wet. De CGB oordeelde dat Leeuwarden ten onrechte onderscheid had gemaakt op grond van godsdienst.

Tijdens een congres vorige week vrijdag in Utrecht over grondrechten klonk ook al kritiek op de uitspraak van de commissie inzake trouwambtenaren. Voorzitter mr. A. G. Castermans nam het bij die gelegenheid op voor de gewetensbezwaarden. „Iedereen moet met behoud van de eigen identiteit kunnen deelnemen aan het arbeidsproces, ook christenen”, zei hij. „Je godsdienst kun je niet afleggen. Dat bepaalt ook je gedrag buiten de voordeur.”


Dossier:
Verstuur dit artikel naar:
 *
 *
 *
 *
 
Knipsels
    Meer uit deze rubriek