Op de daken zaten agenten met verrekijkers. In 2000 lagen er scherpschutters op de daken, nadat er een dreigtelefoontje was binnengekomen. Dit jaar mochten er geen toeschouwers op daken en balkons staan. De mobiele eenheid stond paraat.
Burgemeester Cohen had de noodverordening voor het gebied afgekondigd. Daardoor was de politie bevoegd de kleding en tassen van mensen te doorzoeken. Volgens Cohen bood de reguliere wetgeving onvoldoende ruimte om verstoringen tegen te gaan. Dat werd gisteravond weersproken door een beveiligingsdeskundige, die waarschuwde dat een dergelijke maatregel inflatiegevoelig is.
Ook op de Grebbeberg, waar prof. mr. Pieter van Vollenhoven en prins Pieter-Christiaan aanwezig waren, was sprake van verhoogde paraatheid. Op de toegangswegen naar de militaire erebegraafplaats waren containers over de weg geplaatst.
Beide plechtigheden verliepen zonder problemen. De Amsterdamse politie arresteerde drie personen, voornamelijk wegens openbare dronkenschap.
Koningin Beatrix werd vergezeld door prins Willem-Alexander en prinses Máxima. Prinses Margriet bevond zich onder het publiek bij de dodenherdenking in Apeldoorn.
De herdenking in het voormalige Kamp Westerbork werd drukker bezocht dan eerdere jaren. Zeker 5300 mensen namen deel aan de stille tocht vanaf de ingang van het kampterrein naar het Nationaal Monument Westerbork. Aan de kop van de stoet liepen oud-kampgevangenen en leerlingen van twee basisscholen uit Westerbork. Deze scholen hebben het monument en het verzetsgraf geadopteerd. Tijdens de tocht werd de uit het kamp afkomstige klok geluid.
Op Vliegbasis Soesterberg was staatssecretaris De Vries van Defensie aanwezig. Vier F-16 jachtvliegtuigen vlogen de ”missing man”-formatie, waarbij één vliegtuig de groep verlaat als symbool voor de gevallenen.
Militairen van de Koninklijke Marine en het Korps Mariniers waren present bij herdenkingen in Amsterdam, Den Helder, Rotterdam en in Willemstad, de hoofdstad van Curaçao.
De Koninklijke Landmacht en het Korps Nationale Reserve waren bij meer dan zeventig herdenkingen vertegenwoordigd, waaronder Rotterdam, Leiden, Utrecht, Westerbork, Harderwijk, Ermelo en Middelburg.
Militairen van de Koninklijke Luchtmacht woonden achttien herdenkingen bij, verspreid over het land, en verzorgden herdenkingsvluchten boven monumenten in Veghel en Oegstgeest.
De marechaussee was aanwezig in Amsterdam, Soesterberg en Den Haag en Rhenen.