Bezoek ook andere websites van de Erdee Media Groep

Afgeleid door omvergerolde tas

DEN HAAG – Soms loont het om in hoger beroep te gaan tegen een veroordeling. De rechtbank veroordeelt een jongeman na een verkeersongeluk wegens dood door schuld, maar het gerechtshof zwakt de veroordeling af.
Een tragedie, een treurige samenloop van omstandigheden. Zo mag het verkeersongeluk dat de 76-jarige Leendert in het voorjaar van 2006 het leven kost, worden genoemd.

Met zijn vrouw rijdt hij op een provinciale weg richting Alblasserdam als zijn auto onverwacht dienst weigert. In een impuls stapt hij uit, loodst zijn vrouw achter het stuur en duwt de wagen richting de berm.

Op dezelfde weg rijdt ook een 29-jarige. Keurig houdt hij zich aan de maximumsnelheid van 80 kilometer per uur. Alles gaat goed, totdat de auto door het slechte wegdek zo op en neer veert dat zijn tas van de bijrijdersstoel rolt, op de grond. Snel bukt de jongeman zich om de tas op te rapen. Dan gaat het mis, de duwende Leendert krijgt hij te laat in het oog. De man raakt bekneld tussen beide auto’s. Hij overlijdt in een ziekenhuis in Rotterdam. De 29-jarige chauffeur wordt vervolgd.

Gebruikelijk in een strafzaak is dat aanklagers onderscheid maken tussen een zogeheten primaire en een subsidiaire (daaropvolgende) tenlastelegging. De primaire tenlastelegging is de meest vergaande beschuldiging. Om te voorkomen dat hij met lege handen staat als deze beschuldiging niet leidt tot een veroordeling, houdt de officier een minder vergaande beschuldiging –de subsidiaire tenlastelegging– achter de hand.

In het geval van de chauffeur luidt de primaire tenlastelegging dat hij zich zodanig in het verkeer heeft gedragen „dat een aan zijn schuld te wijten verkeersongeval heeft plaatsgevonden, waardoor een ander werd gedood”, dood door schuld dus. Daarmee zou hij artikel 6 van de Wegenverkeerswet hebben overtreden, een misdrijf.

De subsidiaire tenlastelegging luidt dat zijn gedragingen in het verkeer „gevaar veroorzaakten en het verkeer op de weg hinderden.” Daarmee zou hij artikel 5 van de Wegenverkeerswet hebben overtreden, geen misdrijf, maar een minder zware verkeersovertreding.

Tijdens de zitting, ruim een jaar na het ongeluk, ontstond bij de aanklager de overtuiging dat niet kon worden gesproken van dood door schuld. Daarom vroeg hij vrijspraak voor de primaire tenlastelegging. Alleen voor „het niet tijdig tot stilstand brengen van het voertuig”, de subsidiaire tenlastelegging zonder de link met de dodelijke afloop, eiste hij straf; een taakstraf en een rijontzegging van een jaar.

Anders dan de aanklager zag de rechter wél voldoende bewijs voor de primaire tenlastelegging. Een taakstraf legde hij niet op, vanwege de psychische problemen die de chauffeur aan de aanrijding overhield. Die uitkomst, een weliswaar lagere straf, maar een zwaardere bewezenverklaring, was voor de chauffeur onverteerbaar. Na een hevige tweestrijd met zichzelf koos hij voor hoger beroep.

„Tussen mij en het slachtoffer zat eerst nog een auto, maar die kon op tijd uitwijken. Ik heb die uitwijkmanoeuvre niet gezien, waarschijnlijk omdat ik toen bezig was met mijn tas. Waarom ik nog wel heb geremd, maar niet ben uitgeweken, weet ik niet”, zegt de chauffeur weer een jaar later, tijdens de ondervraging door het hof in Den Haag.

„De gevolgen van onveilig verkeersgedrag zijn voor de juridische beoordeling niet doorslaggevend”, betoogt aanklager D. Kuipers. Anders gezegd, een aanrijding met dodelijke afloop kan als kwalificatie verkeersovertreding krijgen, een botsing met alleen letsel die van misdrijf.

„Van belang is het geheel van gedragingen van de verdachte, de aard en de ernst daarvan en overige omstandigheden”, citeert Kuipers een arrest van de Hoge Raad. „Voor artikel 6 moet er echt wat aan de hand zijn, artikel 5 is iets wat ons allemaal kan overkomen”, verduidelijkt hij. Omdat hij geen bijkomende, schuldverzwarende omstandigheden ziet, zoals het opzettelijk negeren van waarschuwingssignalen, gaat ook de aanklager alleen voor de subsidiaire tenlastelegging: de verkeersovertreding.

Dit keer gaat het hof daarin mee. De chauffeur krijgt weer een voorwaardelijke rijontzegging en dit keer ook een taakstraf. Maar de veroordeling dood door schuld is hij kwijt.

Verstuur dit artikel naar:
 *
 *
 *
 *
 
Knipsels
    Serie
    Verslag vanuit de rechtbank
    Meer uit deze rubriek